Mededeling van ingekomen stukken.
Op verzoek van de voorzitter geeft de algemeen directeur lezing van volgende ingekomen stukken:
● MS202600537: Kennisgeving van toezichtbeslissing klacht 2026.000254 tegen Schelle.
Ontslag gemeenteraadslid - Aktename.
De gemeenteraad,
Gelet op de installatie van de gemeenteraadsleden en vaststelling van hun rangorde d.d. 05.12.2024;
Gelet op het schrijven van mevrouw Karen De Pauw d.d. 12.03.2026 houdende haar ontslag als gemeenteraadslid;
Neemt akte:
Enig artikel:
De gemeenteraad neemt kennis van het ontslag van mevrouw Karen De Pauw als gemeenteraadslid.
Aanstelling en eedaflegging gemeenteraadslid en vaststelling van de rangorde - Aktename.
De gemeenteraad,
Gelet op de e-mail d.d. 12.03.2026 van mevrouw Karen De Pauw waarin zij haar ontslag geeft als gemeenteraadslid;
Gezien de heer Bert Mees, die als opvolgend raadslid werd verkozen op de lijst van Groen, d.d. 13.03.2026 heeft laten weten zijn mandaat niet te zullen opnemen;
Gezien mevrouw Marjan Nauwelaert die als opvolgend raadslid werd verkozen op de lijst van Groen d.d. 13.03.2026 heeft bevestigd haar mandaat wel te zullen opnemen;
Overwegende de afgeleverde documenten van genoemde opvolger, waaruit blijkt dat deze voldoet aan de gestelde vereisten van verkiesbaarheid en zich niet bevindt in een geval van onverenigbaarheid;
Mevrouw Marjan Nauwelaert wordt verzocht in de handen van de voorzitter de voorgeschreven eed af te leggen nl.:
'Ik zweer de verplichtingen van mijn mandaat trouw na te komen';
Overwegende dat door de eedaflegging, mevrouw Marjan Nauwelaert als raadslid ambtsbevoegd wordt en dat betreffende het vervullen van deze formaliteit een afzonderlijk proces-verbaal werd opgesteld;
Neemt akte:
Artikel 1:
De gemeenteraad neemt akte van de eedaflegging waardoor mevrouw Marjan Nauwelaert als gemeenteraadslid aangesteld is.
Artikel 2:
De rangorde van de raadsleden wordt als volgt vastgesteld:
Rang | Gemeenteraadslid |
1 | Rob Mennes |
2 | Vera Goris |
3 | Stan Scholiers |
4 | Rita Jacobs |
5 | Koen Vaerten |
6 | Axel Boen |
7 | Chantal Jacobs |
8 | Philip Lemal |
9 | Kris Huyck |
10 | Lindger Boen |
11 | Stijn Van Hoofstat |
12 | Arne Vergauwen |
13 | Jef Gys |
14 | Inez Van den Berge |
15 | Wannes Van Havere |
16 | Koen Van de Wouwer |
17 | Myriam Baeyens |
18 | Kristof Van Landeghem |
19 | Marjan Nauwelaert |
Marjan Nauwelaert Philip Lemal Stijn Van Hoofstat Koen Van de Wouwer Rob Mennes Chantal Jacobs Wannes Van Havere Inez Van den Berge Axel Boen Vera Goris Kristof Van Landeghem Rita Jacobs Lindger Boen Myriam Baeyens Koen Vaerten Leen Wyn Jef Gys Arne Vergauwen Stan Scholiers Kris Huyck Marjan Nauwelaert Philip Lemal Stijn Van Hoofstat Koen Van de Wouwer Rob Mennes Chantal Jacobs Wannes Van Havere Inez Van den Berge Axel Boen Vera Goris Kristof Van Landeghem Rita Jacobs Lindger Boen Myriam Baeyens Koen Vaerten Jef Gys Arne Vergauwen Stan Scholiers Kris Huyck aantal voorstanders: 19 , aantal onthouders: 0 , aantal tegenstanders: 0 Goedgekeurd
Toekenning van de titel van ereburger van de gemeente Schelle - Goedkeuring. - Goedgekeurd
De gemeenteraad,
Gelet op het reglement d.d. 04.02.2019 tot toekenning van het ereburgerschap van de gemeente Schelle;
Overwegende dat op grond van dit reglement de titel ereburger kan toegekend worden aan personen die zich cultureel, sociaal, sportief, wetenschappelijk, maatschappelijk of politiek bijzonder verdienstelijk hebben gemaakt;
Overwegende dat mevrouw Marte Goossen zich bijzonder verdienstelijk heeft gemaakt op sportief vlak als zitskiester, waarbij zij door haar uitzonderlijke inzet, talent en doorzettingsvermogen opmerkelijke prestaties heeft geleverd;
Overwegende dat mevrouw Goossen door haar deelname aan nationale en internationale competities en door haar rol als inspirerend voorbeeld voor inclusieve sportbeoefening de naam van de gemeente Schelle op een positieve wijze uitdraagt;
Overwegende dat mevrouw Goossen in 2026 deelnam aan de Paralympische Winterspelen, waar zij België vertegenwoordigde in het zitskiën en met sterke prestaties haar uitzonderlijke talent en internationale uitstraling bevestigde;
Gelet op het voorstel van het college van burgemeester en schepenen om mevrouw Marte Goossen de titel van ereburger te verlenen;
Gelet op de stemmingsuitslag in de geheime stemming;
Beslist:
Na geheime stemming: 19 stemmen voor; 0 stemmen tegen; 0 onthoudingen; 0 ongeldig; Artikel 1:
De titel “Ereburger van de gemeente Schelle” wordt toegekend aan mevrouw Marte Goossen wegens haar uitzonderlijke sportieve verdiensten en haar positieve bijdrage aan de uitstraling van de gemeente.
Artikel 2:
Deze beslissing zal worden overgemaakt aan mevrouw Marte Goossen.
Marjan Nauwelaert Philip Lemal Stijn Van Hoofstat Koen Van de Wouwer Rob Mennes Chantal Jacobs Wannes Van Havere Inez Van den Berge Axel Boen Vera Goris Kristof Van Landeghem Rita Jacobs Lindger Boen Myriam Baeyens Koen Vaerten Leen Wyn Jef Gys Arne Vergauwen Stan Scholiers Kris Huyck Marjan Nauwelaert Philip Lemal Stijn Van Hoofstat Koen Van de Wouwer Rob Mennes Chantal Jacobs Wannes Van Havere Inez Van den Berge Axel Boen Vera Goris Kristof Van Landeghem Rita Jacobs Lindger Boen Myriam Baeyens Koen Vaerten Jef Gys Arne Vergauwen Stan Scholiers Kris Huyck Arne Vergauwen Chantal Jacobs Marjan Nauwelaert Philip Lemal Axel Boen Stan Scholiers Rob Mennes Stijn Van Hoofstat Kris Huyck Jef Gys Rita Jacobs Vera Goris Inez Van den Berge Koen Vaerten Kristof Van Landeghem Lindger Boen Koen Van de Wouwer Myriam Baeyens Wannes Van Havere aantal voorstanders: 16 , aantal onthouders: 3 , aantal tegenstanders: 0 Goedgekeurd
Definitieve vaststelling RUP Tolhuis - Goedkeuring. - Goedgekeurd
De gemeenteraad,
Feiten en context
Het college van burgemeester en schepenen heeft op 22 april 2002 IGEAN opdracht gegeven tot het opmaken van een bijzonder plan van aanleg “Tolhuis” voor het gebied begrensd door de Rupel en de Schelde in het Westen, de monding van Benedenvliet in het Noorden, de woongebieden Maaienhoek, Kapelstraat en Laarhofstraat in het Oosten en de Wullebeek in het Zuiden.
Na de goedkeuring van het Gemeentelijk Ruimtelijk Structuurplan (GRS) door de Deputatie van de provincie Antwerpen op 6 oktober 2005, werd deze opdracht verder gezet volgens de procedure voor de opmaak van een gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP). In 2008 werd met de goedkeuring van het RUP “Tolhuis - recreatiegebied Kapelstraat” door de deputatie reeds een deel van het plangebied geordend.
Besluit van het college van burgemeester en schepenen van 21 maart 2022 tot goedkeuring van de startnota van RUP Tolhuis.
Over de startnota werd een publieke raadpleging en adviesronde georganiseerd van
11 april 2022 tot en met 10 juni 2022.
Op 2 mei 2022 werd over de startnota een participatiemoment georganiseerd.
Het eindresultaat van de adviesronde en de raadpleging van de bevolking werd verwerkt in de opmaak van de scopingsnota.
Het voorontwerp werd op 17 april 2023 door het college van burgemeester en schepenen goedgekeurd. Hier werd op 2 juni 2023 een plenaire vergadering over georganiseerd.
Het Team Omgevingseffecten besliste op basis van de scopingnota (versie E) op 13 februari 2025 dat er voor het voorliggende RUP geen plan-MER opgemaakt moet worden. Het ontwerp RUP werd op 20 februari 2025 voorlopig vastgesteld door de gemeenteraad. Het
ontwerp RUP werd onderworpen aan een openbaar onderzoek van 4 april 2025 tot en met 3 juni 2025. De Gecoro heeft de ingediende adviezen en bezwaren gebundeld en behandeld en bracht advies uit aan de gemeenteraad in zitting van 4 juni 2025. De gemeenteraad stelde het RUP Tolhuis definitief vast op de gemeenteraad van 28 augustus 2025.
Op 16 oktober 2025 en op 17 oktober 2025 ontving het lokaal bestuur respectievelijk de beslissing van de deputatie van de Provincie Antwerpen en het Departement Omgeving om het RUP Tolhuis te schorsen wegens strijdigheid met het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan (GRS) en het beleidsplan van de provincie.
Op 19 december heeft de gemeenteraad een nieuw gemeenteraadsbesluit genomen om het RUP definitief vast te stellen met enkele wijzigingen als gevolg van de twee schorsingsbesluiten.
In de zitting van 18 februari heeft de Deputatie van de provincie Antwerpen het gemeenteraadsbesluit m.b.t. het RUP Tolhuis opnieuw geschorst. De provincie meldt dat het RUP nog steeds in strijd is met het beleidsplan van de provincie.
Motivering schorsing deputatie en Departement Omgeving oktober 2025
De deputatie motiveert de strijdigheid met het Provinciaal Beleidsplan Ruimte Antwerpen (PBRA) als volgt: het PBRA zet in op proactieve maatregelen op het hemelwater langer op te houden zodat het kan infiltreren en het grondwaterpeil zich op natuurlijke wijze kan herstellen. Het is hierbij belangrijk dat het watersysteem in zijn geheel wordt bekeken. Hierbij is de bescherming van valleigebied een belangrijk punt. Door recreatiegebied en de nieuwe sporthal te voorzien, wordt natuurlijk gebied van het valleigebied van de Maeyebeek aangesneden. Het laat bijkomende bebouwing en verharding toe in overstromingsgevoelig gebied. Deze bezorgdheden werden meermaals meegegeven en aangekaart dat het in strijd is met het PBRA.
Binnen het beleidskader verdichten en ondichten wordt ingezet op het behoud van de economische ruimte. De site Bern-art heeft de bestemming ‘milieubelastende industrie’ op het gewestplan, en wijzigt met dit RUP naar een ‘zone voor horeca en recreatie’. Het verdwijnen van ruimte voor bedrijvigheid wordt niet gecompenseerd of gemotiveerd waarom compensatie niet mogelijk is, en is dus onverenigbaar met het PBRA.
Het RUP laat, indien er op lange termijn een nieuwe locatie gevonden wordt voor een intergemeentelijk recyclagepark, op de gronden van het huidige recyclagepark een uitbreiding toe van de recreatiezone. Het GRS laat geen uitbreidingen toe in het waterzieke karakter van de achterliggende gronden.
Het Departement Omgeving schorst gezien de sporthal voorzien wordt op fluviaal overstroombaar gebied. Het plan voorziet niet in verordenende bepalingen die een gelijke ontharding vastlegt, daarnaast laten in de inrichtingsvoorschriften bovenmaats ruimtebeslag toe in het watergevoelige gebied.
De recreatiezone wordt uitgebreid, waar een sporthal voorzien wordt, en waarbij het recyclagepark niet dient te verdwijnen. Hierbij krijgt het recyclagepark wel de nabestemming van dagrecreatie. Hierdoor is er grote bijkomende ruimtebeslag in zeer waardevol overstromingsgevoelig valleigebied.
Het LIP beschrijft het gebied van de Maaienhoek als landschappelijk waardevol. Naast de impact op landbouw en water, betekent een sporthal een visuele aantasting van het
landschap rond de Maeyebeek. De bouw van de sporthal is bijgevolg niet compatibel met de visie opgenomen in het LIP.
Het RUP voorziet planologisch bestendigen van zonevreemde activiteiten en woningen door middel van een overdruk. Volgens het GRS zijn ontwikkelingsperspectieven voor woningen beperkt tot de zonevreemde basisrechten. Bijgevolg wijkt het plan af van het richtinggevende gedeelte van het GRS zonder afdoende motivering en is desgevallend strijdig met het GRS.
Motivering schorsing provincie februari 2026
De deputatie motiveert de strijdigheid met het Provinciaal Beleidsplan Ruimte Antwerpen (PBRA) als volgt: In de historiek van het dossier is bij elke bespreking en advies het belang van het valleigebied meegegeven. De deputatie vraagt daarom met aandrang om buiten het fluviaal overstromingsgevoelig gebied van een vallei te blijven om zo niet meer strijdig te zijn met het PBRA.
Het Departement Omgeving diende geen nieuw schorsingsbesluit in, en stemde stilzwijgend in met het voorstel RUP Tolhuis.
Juridische gronden
Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.
De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009 en latere wijzigingen.
Decreet van 1 juli 2016 tot wijziging van de regelgeving voor ruimtelijke uitvoeringsplannen teneinde de planmilieueffectrapportage en andere effectbeoordelingen in het planningsproces voor ruimtelijke uitvoeringsplannen te integreren door wijziging van diverse decreten, en latere wijzigingen.
Besluit van de Vlaamse Regering van 17 februari 2017 betreffende het geïntegreerde planningsproces voor ruimtelijke uitvoeringsplannen, planmilieueffectrapportage, ruimtelijke veiligheidsrapportage en andere effectbeoordelingen en latere wijzigingen.
Argumentatie
In uitvoering van het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan maakt de gemeente Schelle het RUP Tolhuis op. Het RUP beoogt volgende doelstellingen:
● vrijwaren van het open polderlandschap en de aanwezige natuurwaarden;
● behoud van bouwkundig erfgoed, met ontwikkelingsperspectieven om het behoud op lange termijn te garanderen;
● rechtszekerheid en ontwikkelingsperspectieven voor bestaande (zonevreemde) activiteiten;
● reorganisatie van de sportsite aan de Kapelstraat.
Schelle is gelegen in de Rupelstreek, dat zich uitstrekt langs de Schelde, de Rupel en de Nete. Naast deze rivieren vormt de A12 een belangrijke bovenlokale drager. De woonkernen ontwikkelden zich langs een centrale steenweg en de spoorlijn Antwerpen – Boom.
Het plangebied richt zich op ontwikkelingen ter hoogte van de Tolhuisstraat in het westen van Schelle. Ten westen wordt de grens gevormd door de Rupel en ten noorden wordt de grens afgestemd op het gemeentelijk RUP voor de Electrabelsite (in opmaak, en
Brownfieldconvenant). In het Oosten grenst het plangebied tot aan de Laarhofstraat en maakt ook de sportsite Kapelstraat deel uit van het plangebied.
Het RUP bestaat uit 4 deelgebieden:
● de sportcluster aan de Kapelstraat;
● de bufferzone tussen Air Liquide en de Laarhofstraat met de oude spoorwegbedding;
● site van Bernart;
● horecafuncties aan de Rupeldijk en het natuurgebied.
Het plangebied grenst aan een groot deel van de polder en is langs één zijde begrensd door Rupel en aan de andere zijde door de woonkern van Schelle.
Dit polderachtige gebied wordt gekenmerkt door een open agrarisch karakter in het Noorden een meer gesloten karakter met bosfragmenten boven de Tolhuisstraat. Deze kenmerkende eigenschappen waren te tijden van Ferraris reeds aanwezig, net als een aantal gebouwen, zoals het Laarhof en het Tolhuis, die tot op heden nog als bakens in het landschap en als belangrijke plekken binnen het toeristisch-recreatief netwerk fungeren.
Een belangrijk deel van de ruimte nabij de Schelde is in de loop der jaren ingenomen door de elektriciteitscentrale en de hiermee verbonden tuinwijk. Vanuit de elektriciteitscentrale vertrekken meerdere hoogspanningsleidingen. Deze doorkruisen het Zuiden van het poldergebied en hebben een belangrijke visuele impact op het landschap.
In een brede strook rond de Electrabelsite bevinden zich landbouwgebieden, die fungeren als bufferzone naar de woongebieden en een aantal bosfragmenten. Langs de Schelde en Rupel zijn waardevolle natuurgebieden terug te vinden. Het omgevende landbouwgebied wordt doorsneden door een aantal typische bomenrijen.
Aan de Kapelstraat ligt een recreatieve cluster met meerdere voetbal-, tennis- en padelvelden. Tussen de twee zuidelijk gelegen voetbalvelden staat het hoofdgebouw met kleedkamers en cafetaria. Ten westen van de sportzone ligt het recyclagepark van de gemeente Schelle. Het is een grotendeels verharde zone waarop de ophaalcontainers geplaatst worden.
De site van het Tolhuis vormt het meest westelijke deel van het plangebied (deelgebied 4) en omvat een bosgebied in het Noorden, een centraal park met verschillende historische gebouwen en horeca langs de Rupeldijk. Het meest noordelijke deel omvat een bosgebied, dat bestaat uit een populierenaanplanting. Dit gebied is zeer drassig en moeilijk toegankelijk. Het overige deel van het domein is historisch ingericht als een landschapstuin met majestueuze bomen, vijver, verspreide bebouwing en kleine ornamenten.
De gebouwen binnen het park hebben doorheen de eeuwen verschillende functies bekleed. Het Tolhuis (1) en de aansluitende bijgebouwen (2) deden oorspronkelijk dienst als infrastructuur voor de tolheffing op de Rupel. Sinds het tolvrij worden van de Rupel werden de gebouwen gebruikt voor een breed spectrum aan functies. Momenteel wordt
het gebruikt als woonhuis door de eigenaars van het domein en er is een kleinschalige wijnhandel gevestigd. De voormalige conciërgewoning (3) werd gerenoveerd en doet momenteel dienst als woning. De historische hoeve (4) is in gebruik als woning en wordt 1 of 2 maal per week gebruikt als seminariecentrum voor kleine groepen. Ook de vrijstaande woning (5) naast de hoeve is bewoond.
De bebouwing langs de Rupel ten Zuiden van de Tolhuisstraat staat volledig in functie van horeca en vormt, samen met de veerdienst over de Rupel, een belangrijk toeristisch knooppunt. De oude kapel (6) omvat een café en de woonvertrekken van de uitbaters. Aan de andere zijde van de parking (8) bevindt zich het restaurant ‘Tolhuis-Veer’ (7), een restaurant met feestzaal en ruim terras langs de Rupeldijk.
Op de dijk is een beperkte parking voorzien, met ca. 20 parkeerplaatsen. De dijk op- en afrijden gebeurt in een lus met enkelrichting.
In het Oosten van het plangebied bevinden zich langs de Laarhofstraat enkele opvallende gebouwenclusters. Op de hoek van de Laarhofstraat en de oude spoorwegberm aan de Kapelstraat bevindt zich de Laarkapel, een beschermde 16e-eeuwse kapel omgeven door een klein plantsoen van lindebomen en kastanjebomen. De kapel wordt geflankeerd door een 18e-eeuwse hoeve bestaande uit 3 aaneengesloten hoevegebouwen met zadeldak en een vrijstaande stal. Een deel van deze hoeve brandde in 2016 af en werd heropgebouwd.
Deze hoeve en de omliggende gronden liggen volgens het gewestplan in de bufferzone van Air Liquide, die zeer breed gedimensioneerd is. Deze gronden sluiten aan bij het geplande restaurant en worden nu reeds gebruikt voor eigen teelt van fruit en groenten. De gronden worden doorsneden door een voormalige spoorlijn. Het meest zuidelijke deel is spontaan bebost na afbraak van een gebouw.
Langs de Tolhuisstraat bevindt zich ter hoogte van het kruispunt met de Interescautlaan een cluster van gebouwen. Op Tolhuisstraat 70 is BernArt gevestigd, een evenementenzaal met buitenruimte, in combinatie met een kunstgalerij. De achterste gebouwen worden gebruikt voor opslag. Aan de oostkant ligt een parking met ca. 50 parkeerplaatsen. Naast BernArt staat een eengezinswoning (Tolhuisstraat 72).
Door de ligging tegen de rivieren Schelde en Rupel, ligt het gebied op vlak van mobiliteit vrij geïsoleerd. Voor gemotoriseerd verkeer vormt de Tolhuisstraat (en in mindere mate ook de Laarhofstraat – Kapelstraat) de voornaamste toegangsweg. De Tolhuisstraat sluit op haar beurt aan op de N148, die parallel aan de A12 de noord-zuid verbinding vormt tussen de Rupelstreekgemeenten Hemiksem – Schelle – Niel.
Voor zwakke weggebruikers is het plangebied veel beter ontsloten. In oost-westelijke richting zorgen de veerdienst Schelle-Wintam, de Tolhuisstraat en de Laardijk voor een goede bereikbaarheid. De geplande fietsostrade vanaf de Schelde over de Electrabelsite richting Laarkapel en spoorlijn 52 zal de bereikbaarheid voor de zachte weggebruiker nog versterken....
Ook de dijken langs de Schelde en Rupel zorgen voor een aangename autovrije verbinding tussen het plangebied en de omgeving.
Gezien de recreatieve attractiviteit van het plangebied is de nood aan parkeergelegenheid redelijk hoog. Momenteel wordt deze opgevangen door een kleine
parking met een 20-tal parkeerplaatsen gelegen op de Rupeldijk en een parkeerstrook langsheen de Tolhuisstraat. Een aantal handelsfuncties beschikken over eigen parkeergelegenheid.
Algemeen belang
De bouw van de sportcluster is absoluut noodzakelijk door het grote algemeen belang en voor de verdere ruimtelijke ontwikkelingen in de gemeente. De clustering van de sportfaciliteiten met de sporthal zorgt voor compact sportterrein voor de hele gemeente. Door de verschillende sporthallen te combineren naar één gezamenlijke sporthal, kan er als gevolg hiervan de zonevreemdheid van twee gebieden ophouden. De bouw van de sporthal moet gebeuren met het behoud en zelfs uitbreiding van de globale waterbuffering en de globale versterking van het openruimtegebied- en beleving. De gehele omslag staat garant voor een globale, holistische opwaardering en een grote maatschappelijke winst van het algemeen belang.
De gecombineerde clustering van de diverse sportactiviteiten op deze locatie wordt door Sport Vlaanderen met een subsidie van 1,1 miljoen euro ondersteund.
Natuur, bos en open ruimte
De belangrijkste kwaliteiten van het brede gebied rondom de deelgebieden betreffen de aaneengesloten open ruimte en een aantal waardevolle aaneengesloten natuur- en bosgebieden, zoals de slikken en schorren langs de Rupel en de historische bosgordel ten Noorden van de Laardijk. Deze aaneengesloten grote stukken natuur zorgen er voor dat dit gebied een attractiepool is in de omgeving.
Toerisme en recreatie
De polder tussen de deelgebieden is vooral in trek voor het recreatief medegebruik. Een fietsroute loopt langs de Schelde en Rupel. Ter hoogte van het Tolhuis is er een voetveer. Het toeristisch aspect wordt versterkt door een aantal horecagelegenheden. Ook de andere kleinschalige accommodaties zoals een feestzaal en het seminariecentrum dragen bij aan het toeristisch-recreatieve karakter van het plangebied. Momenteel wordt de hoeve aan de Laarhofstraat in deelgebied 2 verder verbouwd tot restaurant en waarbij de bijhorende gronden verder worden verbouwd tot ruimte voor groenten- en kruidentuin in functie van het restaurant.
De sportcluster aan de Kapelstraat vormt een lokale recreatieve attractiepool voor buitensport.
Bouwkundig erfgoed
Verscheidene gebouwen met een rijke geschiedenis hebben een bouwkundige erfgoedwaarde. Het Tolhuis met de omgevende horeca-gelegenheden vervullen een bijzondere rol in het toeristisch-recreatieve gebeuren langs Schelde en Rupel. Daarnaast bevinden er zich nog enkele oude hoeves en boerenhuizen, waarvan er enkele als woning fungeren en waarvan er enkele in de loop der jaren een andere functie hebben gekregen. Al deze gebouwen zijn landmarks en als dusdanig kenmerkend voor het lokale landschap. De zonevreemde gebouwen die bestendigd worden hebben zeer restrictieve voorschriften gekregen in het RUP. Er kunnen geen bijkomende
verhardingen of constructies bijkomen en er zijn geen bijkomende (woon)ontwikkelingen toegelaten. Op deze manier komen er geen bijkomende zonevreemde ontwikkelingen bij. De gebouwen zijn opgenomen in de inventaris van bouwkundig erfgoed, waardoor een invulling en onderhoud wel gewenst is. De bestaande laagdynamische functies kunnen wel vervangen worden door andere, maar functiewijzigingen kunnen enkel vergund worden onder strenge voorwaarden zoals o.a. geen negatief effect hebben op het natuurgebied/VEN-gebied, het laagdynamisch karakter van de functie en de erfgoedwaarde ongeschonden laten of verhogen,... Het Agentschap voor Natuur en Bos verleende op 10.05.2023 een gunstig advies bij de plenaire vergadering: “de vergunningsplichtige activiteit zal geen onvermijdbare en onherstelbare schade aan de natuur in het VEN veroorzaken aangezien de stedenbouwkundige voorschriften voldoende milderende maatregelen opleggen.”
Biologisch waardevolle elementen
Er bevinden zich verscheidene biologisch waardevolle tot zeer waardevolle elementen binnen het plangebied en delen van het faunistisch belangrijke gebied dat gevormd wordt door de riviervalleien van Schelde en Rupel. Het betreft een aantal zones verbonden aan de rivier(dijk), maar ook bosfragmenten, open gebieden, dreven en waterelementen.
Versnippering en visuele aantasting open ruimte
De overduidelijke kwaliteiten op vlak van open ruimte en ecologie worden bedreigd door verdere versnippering. Verscheidene hoogspanningsleidingen en -masten vormen een visuele aantasting van het open polderlandschap. Kleine landschapselementen (struwelen, haagkanten, bomenrijen, grachten, veldwegen…) mogen niet verdwijnen door landbouw en andere activiteiten in de open ruimte. Het zijn deze elementen die het landschap identificeren en bijdragen aan de beleving ervan.
Zonevreemde functies
Enkele van de hogervermelde functies, waaronder een aantal in waardevolle historische gebouwen, zijn zonevreemd en worden hierdoor bedreigd in hun verdere ontwikkeling.
Overstromingsgevoelige gebieden
Het poldergebied is de laagst gelegen deelruimte van Schelle. Hier komen overstromingsgevoelige gebieden voor.
Parkeerdruk
De toeristisch-recreatieve activiteiten binnen het plangebied brengen een hoge parkeerdruk met zich mee. De parking op het dijklichaam heeft een beperkte capaciteit en geeft aanleiding tot conflicten tussen gemotoriseerd verkeer en zwakke weggebruikers.
Visie
Het gebied speelt een belangrijk rol in het bewaren van de open ruimte en natuurwaarden, waarbij het behoud van de resterende open perspectieven op het
historische polderlandschap essentieel is. Verder zijn de natuurgebieden en de bosfragmenten belangrijke te vrijwaren elementen.
Op vlak van toerisme, recreatie en wonen speelt het gebied een belangrijke rol. Hiervoor wordt in eerste instantie het bestaande bouwkundige patrimonium ingezet. Uitbreidingen kunnen in bepaalde zones overwogen worden, maar dienen afgewogen te worden aan de ruimtelijke draagkracht en de erfgoedwaarden. Door het opheffen van de zonevreemdheid en het bepalen van ontwikkelingsperspectieven wordt rechtszekerheid gecreëerd. Voor de recreatiecluster aan de Kapelstraat wordt een reorganisatie voorgesteld, in functie van een herlokalisatie van (een groot deel van) de activiteiten in sporthallen Scherpenstein, Kattenberg en de tumblingzaal van de turnzaal van de gemeentelijke basisschool.
Vrijwaren van het polderlandschap
De gewestplanbestemming “agrarisch gebied met landschappelijk waardevol karakter” blijft gelden rondom de deelgebieden en wordt niet mee opgenomen in het RUP. Hierdoor zijn mogelijke nieuwe ontwikkelingen beperkt. Ten Oosten van de Laarhofstraat wordt een gedeelte van het buffergebied naast Air Liquide omgevormd naar gemengd openruimtegebied. Het is vooral van belang dat er geen permanente aanwezigheid van personen dichterbij de Seveso-inrichting wordt gepland. Door de buffer deels te herbestemmen naar overig groen, blijft de garantie dat de zone een groene, open bestemming blijft zonder nieuwe, bijkomende bewoners. Deze meer ingesloten zone maakt niet direct deel uit van het polderlandschap, maar sluit er wel naadloos op aan, waardoor er meer mogelijkheden geboden worden voor het oprichten van kleinschalige agrarische constructies (bv. serres). Professionele serrebouw wordt niet toegelaten. Enkel kleine serres voor eigen gebruik zijn toegestaan bij de bestaande woningen, binnen de 30m van de woning, om het open landschap te blijven vrijwaren. Dit biedt mogelijkheden voor het geplande restaurant in de hoeve (Laarhofstraat 61) om eigen groenten te kweken. De productie van eigen groenten en fruit kan gecombineerd worden in dit plangebied met nieuwe technieken om hernieuwbare, duurzame en groene energie op te wekken (bijvoorbeeld d.m.v. “agrivoltaics”). Deze nieuwe technieken mogen het gebruik van de landbouwgronden echter niet hypothekeren, landbouwproductie staat centraal, niet de energieproductie in dit gebied. Bestaande landbouwbedrijven kunnen hun activiteiten verderzetten. De nadruk ligt op grondgebonden landbouwactiviteiten die het open karakter van het polderlandschap vrijwaren.
Om het polderlandschap te vrijwaren wordt de (voorkeurslocatie van de) nieuwe sporthal helemaal achteraan voorzien in het recreatiegebied. Het reliëf is lager waardoor de hoogte minder ingrijpend wordt ervaren. De sporthal moet bovendien landschappelijk ingepast worden in de omgeving door gebruik te maken van groene gevels en daken én door middel van hoogstammige bomen rondom aan te planten zodat het past binnen een landschapspark/ bocagelandschap. Op deze manier ontstaan er zogenaamde landschapskamers die visuele hinder beperken. Bovendien zal er bij elke omgevingsvergunning een landschapsplan toegevoegd moeten worden om te kunnen oordelen naar de landschappelijke inpassing van de werken. De sporthal zelf moet maximaal haar functies stapelen en de hoogte gebruiken om zo weinig mogelijk
grondoppervlakte te gebruiken. De grootte van de sporthal wordt begrenst tot een maximale grondoppervlakte van 3.750m². Het stapelen en het zo trachten te beperken van de grondoppervlakte wordt in het plan van eisen voor de opmaak van het design- en build plan voor de sporthal bovendien extra gehonoreerd.
Het LIP duidt het gebied van de Maaienhoek aan als landschappelijk waardevol gebied, echter zal door dit RUP méér van het LIP kunnen gerealiseerd worden. Het RUP laat toe een nieuwe sporthal te bouwen waardoor de twee verouderde sporthallen met bijhorende grote verharde parkings afgebroken en onthard kunnen worden. Hierdoor kan de ingebuisde Maeyebeek terug opengelegd worden, en de vrijgekomen ruimte terug aan natuur gegeven worden. Zo ontstaat er een coherent parkgebied waarbij maar liefst 11.000 m² extra zal onthard worden en waardoor de vallei wordt verbonden met het dorpscentrum. Deze ontharding van 11.000 m² is bovendien noodzakelijk voor de inrichting van LIP. De ontharding van 11.000 m² bestaat uit:
● 3.500 m² wegname/ontharding van de zonevreemde verharde parking van de Delhaize;
● 6.750 m² wegname van de sporthal Scherpenstein en de ontharding van de aanpalende parking;
● 650 m² ontharden van non-aedificandi zone van huidige dorpsplein langs de benedenvliet.
De VLM heeft bij het openbaar onderzoek geen negatieve adviezen of opmerkingen meer meegegeven. Dit RUP zorgt voor de optimale uitvoering van het LIP dat niet in strijd is met elkaar.
Ten gevolge van de schorsingsbesluiten werd in de stedenbouwkundige voorschriften opgenomen dat in de omgevingsvergunning voor de nieuwe sporthal verplicht een evenredige sloop en/of ontharding dient plaats te vinden. Op deze manier wordt er een verordenende bepaling toegevoegd zodat er daadwerkelijk een ontharding zal moeten plaatsvinden.
Door de schorsingsbesluiten is ook op het grafisch plan een zone aangeduid die bouwvrij dient te blijven in het recreatiegebied. Deze zone komt overeen met de fluviale kaarten, met een kleine aanpassing om het rechthoekig volume van de sporthal te kunnen voorzien. Op deze manier garandeert de gemeente dat de nieuwe sporthal zich uit het valleigebied zal bevinden. Doordat de bebouwing buiten de fluviale zone blijft, wordt de capaciteit/grootte van deze fluviale zone geenszins aangetast.
Deze engagementen maken deel uit van de ambities van het LIP 2 Zuidrand naar deze omgeving aangestuurd door de VLM en waarin het lokaal bestuur mee participeert.
Bijkomend wordt de sporthal op palen gebouwd waardoor hier ook geen ruimte voor water wordt ingenomen.
Vrijwaren van natuurwaarden
De bestaande natuurgebieden binnen het deelgebied worden opgenomen in een bestemming die de instandhouding, de ontwikkeling en het herstel van de natuur vooropstelt. De hoofdbestemming betreft natuurontwikkeling en alle werkzaamheden in functie van natuurontwikkeling en waterbeheer worden toegelaten. Als nevenbestemming en overdruk wordt recreatief medegebruik toegestaan. Kleinschalige constructies voor het al dan niet toegankelijk maken van het gebied voor educatief of recreatief medegebruik zijn toegelaten. Nieuwe, bijkomende verhardingen worden niet toegelaten. Voor de gebouwen en functies in het natuurgebied worden bestemmingen op maat voorzien
Versterken van toeristisch-recreatieve infrastructuur en cultuurhistorische bakens
De open ruimte en de aanwezigheid van Schelde en Rupel als toeristische trekpleisters maken deze deelruimte zeer aantrekkelijk voor toerisme en recreatie. Enkele locaties binnen het plangebied hebben bijzondere potenties om in dit toeristisch-recreatieve gebeuren een ondersteunende rol te spelen.
De recreatieve potenties van deze omgeving worden ook erkend en versterkt in streekoverschrijdende plannen en initiatieven, zoals Unesco Global Geopark Scheldedelta en Nationaal Park Scheldevallei. Ook voor personenvervoer over water werden reeds een aantal pistes onderzocht. Verschillende waardevolle en beschermde gebouwen kunnen een ondersteunende rol vervullen in het toeristisch-recreatieve gebeuren, zoals het kasteel Laarhof, het Tolhuis met omgeving, de Laarkapel en enkele waardevolle (voormalige) hoeves. De belangrijkste doelstelling van voorliggend RUP is rechtszekerheid en een toekomstperspectief bieden aan bestaande activiteiten, waarbij de toeristisch-recreatieve potenties benut worden in evenwicht met de natuurlijke, landschappelijke en erfgoedwaarden.
Naast de bestaande functies (kleinschalige handel, seminaries, atelier) kunnen toekomstgericht ook andere laagdynamische functies toegelaten worden, op voorwaarde dat ze verenigbaar zijn met de erfgoedwaarde en inpasbaar zijn in het landbouwgebied en het landschappelijk waardevol landschap. Laag dynamische functies zijn functies zonder storende activiteiten voor de omgeving.
Site Tolhuis
Het park gelegen ten Oosten van het voormalige Tolhuis is bestemd als natuurgebied volgens het gewestplan, maar vertoont historisch zowel naar inrichting als beheer alle kenmerken van een parkdomein. Gelet op de bestemming van het gewestplan en de aanduiding als Grote Eenheid Natuur (GEN, binnen de afbakening van het VEN en IVON) blijft de bestemming als natuurgebied behouden. In de kwetsbare gebieden is uitbreiding van gebouwen en verhardingniet mogelijk. Om de historisch waardevolle gebouwen binnen de site Tolhuis voldoende rechtszekerheid te bieden is het wenselijk de zonevreemde basisrechten van deze gebouwen beperkt uit te breiden. Een overdruk op het grafisch plan laat, per gebouw, specifieke uitbreidingen op de zonevreemde basisrechten toe, waarbij het toelaten van laag dynamische activiteiten garanties biedt op het toekomstig behoud, onderhoud en beheer van het patrimonium. Naast de bestaande functies (wijnhandel, seminariecentrum, wonen) kunnen ook andere
laagdynamische functies voorzien worden. Binnen de bestaande gebouwen worden laag dynamische activiteiten als nevenfunctie toegelaten. Bij iedere functie zal een grondige afweging van de mobiliteitseffecten en de mogelijke impact op natuur en landschap en de erfgoedwaarde van de gebouwen moeten gebeuren.
De horeca aan de Rupeldijk, gelegen in agrarisch gebied (niet kwetsbaar), heeft een groot toeristisch-recreatief potentieel en is strategisch gelegen aan de veerdienst en de fietsroutes over de Rupeldijk. Dit potentieel zal verder toenemen door het doortrekken van deze fietsroutes, het verder benutten van de mogelijkheden van personenvervoer over water en de ontwikkeling van de Electrabelsite. De horecavoorzieningen worden dan ook ondersteund en kunnen de activiteiten hier verderzetten en uitbouwen. De mogelijkheden om verder uit te breiden ten opzichte van de bestaande toestand zijn hier beperkt, maar het RUP biedt wel mogelijkheden om de bestaande activiteiten te behouden.
BernArt
De evenementenlocatie BernArt (Tolhuisstraat 70) is volgens het gewestplan bestemd als industriegebied. De site kent momenteel een gemengd gebruik als kunstgalerij, congrescentrum en feestzaal. De achterste gebouwen worden gebruikt als opslagruimte. Het behoud van de functie als evenementenlocatie (feestzaal, congrescentrum, kunstgalerij…) is op deze locatie te verantwoorden. Reeds in de jaren ’70 werden kunsttentoonstellingen, vernissages en recepties georganiseerd. Het ondersteunen van toeristisch-recreatieve functies langs de Tolhuisstraat is in overeenstemming met de visie van het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan. Het perceel heeft reeds een harde bestemming en is grotendeels bebouwd, maar een verdere uitbreiding van bebouwing in open ruimte is niet aangewezen.
Op deze locatie is reeds jaren de inrichting van Bern-art gelegen en niet in gebruik als industriegebied. Het betreft een aanpassing aan de reeds lang bestaande toestand en de voorschriften laten andere laagdynamische functies toe, inpasbaar op deze locatie. De gemeente Schelle is een kleine gemeente en heeft geen ruimte om deze beperkte oppervlakte van 0,65ha industriegebied te compenseren. Het betreft een klein deel van het industriegebied. Het volledige industriegebied is opgenomen in de Brownfieldconvenant bij de Electrabelsite, mogelijks kan hier de compensatie mee opgenomen worden. Het perceel industriegebied is slecht, te excentrisch gelegen. Bovendien is er in het GRS geen locatie voorzien in Schelle voor bijkomende bedrijvigheid of industriegebied om dit gebiedje te compenseren. De gemeente heeft zelf geen percelen in eigendom die in aanmerking komen voor planologische compensatie.
Historische bebouwing Laarhofstraat
De oude hoeve Laarhofstraat 61 (H op figuur 30) werd in 2016 door een brand verwoest. Op 18.09.2017 werd door het college van burgemeester en schepenen een vergunning toegekend voor het herstellen en verbouwen van de hoeve tot woning en restaurant. Gezien het zonevreemde karakter van de gebouwen (huidige gewestplanbestemming buffergebied) zijn beperkte uitbreidingen in functie van het restaurant momenteel niet
mogelijk. Het RUP biedt de mogelijkheid om de zonevreemde basisrechten beperkt uit te breiden, waarbij het vrijwaren van de erfgoedwaarde op lange termijn een belangrijk element vormt. Beperkte uitbreidingsmogelijkheden voor het restaurant en de woningen kunnen voorzien worden. Hierbij kan gedacht worden aan het verbinden van de volumes, de aanleg van een terras, aanleg van een beperkt aantal parkeerplaatsen… De erfgoedwaarde van de naastgelegen kapel kan bijdragen tot de beleving van bezoekers van het restaurant, bijvoorbeeld door zicht te nemen vanuit het gebouw of een buitenterras. Om de beperkte parkeerdruk van het restaurant en de 3 vergunde woningen op te vangen wordt een beperkt aantal parkeerplaatsen (max. 15) toegelaten.
Toekomstgericht kunnen ook andere laagdynamische functies toegelaten worden, op voorwaarde dat ze verenigbaar zijn met de erfgoedwaarde en inpasbaar zijn in het landschap. Hierbij kan gedacht worden aan recreatieve bestemmingen zoals logies, culturele bestemmingen zoals tentoonstellingsruimte of kleinschalige bedrijvigheid zoals vrije beroepen of beperkte handel. De buffer naar Air Liquide is momenteel overgedimensioneerd en wordt teruggebracht naar een breedte van 10m. De bufferzone wordt herbestemd naar gemengd open ruimtegebied . Dit sluit aan bij het huidige gebruik en biedt het restaurant de mogelijkheid om zelf een deel van hun producten te verbouwen. Gezien het afgesloten en versnipperde karakter van de zone ten oosten van de Laarhofstraat zijn de mogelijkheden voor beroepslandbouw beperkt en kunnen hier ook kleinschalige serres en microlandbouw toegelaten worden.
Reorganisatie recreatiezone Kapelstraat
Context en voorstudie
Een aantal ontwikkelingen met betrekking tot sportinfrastructuur in de gemeente Schelle hebben geleid tot een onderzoek naar een geschikte locatie voor een clustering van sportfuncties. Het betreft:
● De noodzaak aan vernieuwing van de sporthal Scherpenstein, die bouwkundig en technisch verouderd is, energetisch niet aan de hedendaagse duurzaamheidseisen voldoet en deels zonevreemd ligt door zijn ligging in parkgebied.
● De herlokalisatie van de sporthal (basketbalclub) uit site Kattenberg. De huidige sporthal is verouderd en te klein voor de organisatie van twee competitievelden voor basketbal. Herbouw op de huidige locatie is niet gewenst en een herlokalisatie dringt zich op. Hierdoor wordt het mogelijk dat het grootwarenhuis van de Delhaize kan opschuiven waardoor de zonevreemdheid van haar parking kan worden opgeheven en aangelegd worden als een groene parkzone.
● Ook andere sportfuncties kampen met dringende ruimtelijke noden en kunnen mee geclusterd worden in een nieuwe sporthal. Bijvoorbeeld de bestaande tumbling in een turnzaal van een school, waar de noodzakelijke hoogte voor deze sport niet beschikbaar is.
Uit dit ontwerpend onderzoek wordt geconcludeerd dat de voorkeur gaat naar de bouw van een nieuwe sporthal aansluitend bij de sportcluster aan de Kapelstraat. Om de
sporthal op de voorkeurslocatie te kunnen oprichten is een herziening van het bestaande RUP Recreatiezone Kapelstraat (zie 5.2.3) noodzakelijk. De herziening wordt opgenomen in het voorliggende RUP Tolhuis. De bundeling van sportactiviteiten langsheen de Kapelstraat was reeds opgenomen in het GRS van 2005.
Van het uitgebreide alternatievenonderzoek (bijlage) kunnen volgende belangrijke punten samengevat worden:
De vallei van de Benedenvliet moet terug ruimte krijgen. Door de twee sporthallen in Schelle te herlokaliseren, kan niet enkel de site rond Scherpenstein volledig onthard worden waardoor de ingebuisde Maeyebeek opnieuw open gelegd kan worden, maar kan site Kattenberg (incl. Delhaize) volledig herzien worden en kunnen de vergunde en volledig verharde parking van de Delhaize hier ook op termijn teruggegeven worden aan de Vlietvallei.
De tweede aanzet is het ontwikkelen van één gezamenlijke sportcluster, wat ruimtebesparend kan zijn. Bij versnippering van de sportclusters (huidige situatie) zijn er, bij elke zone apart, verschillende voorzieningen nodig, gaande van parkeermogelijkheden, kleedkamers, tot cafetaria’s,… Met één sportcluster aan de Kapelstraat worden de voorzieningen geclusterd en gedeeld. Ook de sportvoorzieningen van gym- en tumblingclub Creativa - die nu gedeeltelijk is ondergebracht in de turnzaal van de gemeentelijke basisschool - kunnen mee ondergebracht worden in de nieuwe sporthal waardoor de gym- en tumblingclub eindelijk een sportzaal kan gebruiken die voldoet aan hun (inter)nationaal niveau met voldoende ruimte en vrije hoogte. Een cruciaal element, is de synergie tussen de verschillende delen.
Als derde element wordt door het aanpassen van de begrenzing van de huidige recreatiezone (dat vastgesteld is in het RUP van 2007) de recreatiezone compacter. Dit heeft tot gevolg dat de vrijgekomen ruimte de mogelijkheid biedt om aan landschapsinrichting te doen en water zo veel mogelijk ruimte te geven. Echter blijft landbouw wel de centrale functie én bestemming voor deze gronden. Bovendien genieten behalve de Maeyebeek ook de Stijn Streuvelsstraat, de Felix Timmermanslaan en de Edgar Tinelplaats van deze ruimte voor water. Deze straten zijn vandaag donker aangeduid op de hemelwaterkaarten (grote kans op overstromingen). Deze omgeving krijgt een totale herwaardering. De visie is dat het water na regenwaterputten, onthardingen, wadi’s aan de woningen verder afgevoerd wordt naar de gracht gelegen tussen de Suyslaan en de Stijn Streuvelsstraat. .
De locatie van het gebouw op deze plek heeft heel wat natuurtechnische voordelen en belemmert de woonkwaliteit het minst, zo kan het gebouw een buffer zijn tussen de hoogdynamische sportvelden (met licht- en geluidspollutie) t.a.v. de beekvallei en habitats in het natuurgebied. Door verplicht natuurinclusief te bouwen kan een nog betere connectie gemaakt worden naar het natuurgebied: groene gevels met aandacht voor vogelkasten, vleermuizen,… Deze locatie heeft bovendien de mogelijkheid een betere indeling van het gebouw te realiseren (o.a. een vlotte, verkeersveilige toegang naar de parking) Uit de analyse van verschillende locaties in het alternatievenonderzoek, komt de huidige sportcluster als beste locatie voor een nieuwe sporthal naar voor. Deze voorkeurslocatie zorgt ervoor dat er zo weinig mogelijk nieuwe verharding bijkomt, minimum aan aanleg van nieuwe (openbare) infrastructuur, de mobiliteitsimpact naar de Stijn Streuvelsstraat en andere omliggende straten en buurt is beperkt net als de impact op het uitzicht van het open landschap.
De site van het recyclagepark is effectief onderzocht zoals voorzien in het GRS. Het terrein is echter te klein om te voldoen aan de dimensionering van de sporthal (sporthal: 4000m², terrein recyclagepark: +/-2000m²). Bovendien dient er extra ruimte te worden voorzien voor parkeergelegenheid, met bijkomende verharding tot gevolg. Bij de keuze van dit perceel is verdere uitbreiding met ontbossing noodzakelijk en schuift men dichter naar de Maeyebeek op. Schelle wil blijven inzetten in groenblauwe netwerken, en kiest net daarom om niet te ontbossen en de sporthal te bouwen op een locatie met een zo beperkt mogelijke ruimtelijke impact. Bijkomend wordt deze variant van de sporthal als een losse entiteit naast de huidige sportterreinen ingeplant waardoor het onderlinge interactie mist en er weinig relaties mee onderhoudt. Dit gaat in tegen de inrichtingsprincipes om alles te clusteren en infrastructuur te delen. Optimalisatie van ruimte en onderlinge betrokkenheid is één van de grote kwaliteiten van dit project.
Het RUP reorganiseert de recreatiezone, maar voorziet géén uitbreiding van de sportcluster en is dan ook niet strijd met het GRS. Door de planologische ruil van landbouwgebied en recreatiegebied is er netto zelfs minder ruimtebeslag van harde bestemmingen. Het noordelijke deel van het huidige recreatiegebied wordt herbestemd naar bouwvrij agrarisch gebied.
De site aan de Kapelstraat wordt in het GRS aangeduid als recreatieve cluster en vormt dan ook de evidente locatie voor de vestiging van een sporthal. Bij de herziening van het GRS heeft de provincie opgelegd in de bezwaren dat de locatie van de Tuinlei niet mogelijk is, en dat de clustering aan de Kapelstraat te verkiezen is.
In bijlage bij het RUP is een zeer uitvoerig alternatievenonderzoek opgenomen. Zowel naar locatie als naar inrichting in de sportcluster Kapelstraat werden alle alternatieven grondig onderzocht en vergeleken, waaruit het voorkeursscenario kwam dat doorvertaald werd in het RUP. Dit onderzoek geeft voortschrijdend inzicht ten opzichte van het GRS.
Bij de opmaak van het GRS was er nog geen globale visie voor de Vlietvallei en er waren nog geen nieuwe watertoetskaarten. Deze elementen hebben geleid tot een voortschrijdend inzicht en vernieuwde visievorming die het plangebied van het RUP overstijgt. De positieve projecten die mogelijk worden door de oprichting van de nieuwe sporthal en de meerwaarde
die deze bieden voor de Vlietvallei en de Maeyebeek vormen meer dan voldoende verantwoording. Het betreft:
● het verwijderen van de zonevreemde sporthal Scherpenstein en de parking (gelegen in parkgebied waardoor 6.750m ² kan worden onthard) en op minder dan 10 meter van de waterweg wat een minimumafstandsregel is voor de Vlaamse Waterweg;
● het openleggen van de Maeyebeek waardoor haar buffercapaciteit immens verruimt;
● het verwijderen van de parking van Delhaize (gelegen in parkgebied waardoor ca. 3.500 m² kan worden onthard) in valleigebied;
● 650 m² ontharden van non-aedificandi zone van huidige dorpsplein langs de benedenvliet;
Het zijn allemaal aspecten die in het ontwerp LIP fase 2 zijn opgenomen. Deze visie wordt zeer breed gedragen (VLM – Werkgroep Benedenvliet) als een noodzakelijke stap naar ecologische opwaardering van de brede omgeving van de Vlietvallei. Er is dan ook geen strijdigheid met deze bovenlokale visiedocumenten. Integendeel, dit RUP en de daarmee samenhangende ingrepen die mogelijk worden, leveren een essentiële bijdrage aan de realisatie van het LIP. Hier wordt zeer sterk op ingezet.
Een herlokalisatie van het recyclagepark wordt reeds jaren onderzocht door IGEAN en de gemeentebesturen van Schelle en Hemiksem. Er werd tot op heden geen geschikte locatie gevonden. Een herlokalisatie naar een intergemeentelijk recyclagepark zal de eerstkomende jaren dan ook niet mogelijk zijn (geschikt terrein vinden en verwerven, opmaak ontwerp, RUP en vergunning…). Omwille van de hoogdringendheid van de nieuwe sportinfrastructuur - die in alle opzichten gedateerd is, verzakkingen vertoont en niet meer voldoet aan de klimaatdoelstellingen – was het noodzakelijk alternatieven te onderzoeken die op kortere termijn gerealiseerd kunnen worden.
Naar aanleiding van de schorsingsbesluiten werd de zone voor gemeenschapsvoorzieningen verkleind: de noordzijde van de zone voor gemeenschapsvoorzieningen is momenteel niet in gebruik en bebost. Om het bosgebied te vrijwaren en ervoor te zorgen dat dit later niet gekapt kan worden, wordt deze zone in dit RUP herbestemd naar bosgebied.
Het totale ruimtebeslag wordt verminderd door de bestaande sporthal Scherpenstein met parking af te breken en te ontharden. Sporthal Scherpenstein ligt bovendien in parkgebied waardoor er na de sloop hiervan de zonevreemdheid oplost. Door ook de basketbalsporthal De Griene aan de Kattenberg in één geïntegreerde structuur naar de sportcluster in de
Kapelstraat te brengen, kan de parking van de Delhaize – momenteel ook zonevreemd –onthard worden.
Door de nieuwe sporthal op pilotes te voorzien, neemt het geen ruimte weg van water. In de voorschriften staat dat de sporthal natuurinclusief gebouwd dient te worden (met aandacht voor zowel gevels en de daken) en landschappelijk moet worden ingepast.
Tot slot ligt de voorkeurslocatie van de sporthal niet in een zone met een kans is op overstromingen. De sporthal moet buiten de bouwvrije zone gebouwd worden, wat overeenkomt met de fluviale kaarten. Er is geen toename van harde bestemmingen, aangezien de herbestemming naar recreatiegebied wordt gecompenseerd de herbestemming van het noordelijk deel van de bestaande recreatiezone (RUP) naar bouwvrij agrarisch gebied. Dit gebied is zelfs meer watergevoelig dan de nieuwe locatie van het recreatiegebied.
De sporthal wordt op palen geplaatst, met een overstroombare en waterdoorlatende parkeerlaag op het huidige maaiveld. Er wordt geen ruimte voor water ingenomen: de buffercapaciteit blijft dezelfde. Er zijn verschillende ingrepen gepland op de Maeyebeek die leiden tot minder wateroverlast:
● De ingebuisde delen van de Maeyebeek worden over het geheel van haar loop met ca. 90% terug opengelegd. Dit kan echter alleen als de bestaande, verouderde sporthal Scherpenstein wordt gesloopt incl. bijhorende parking. Bijkomend worden bij de heraanleg van de Fabiolalaan en de Jacob Jordaensstraat waterbuffers gecreëerd. Zo wordt er in de Fabiolalaan extra expansieruimte voorzien voor de Maeyebeek.
● Ook in de Brownfieldconvenant voor de naastgelegen Electrabelsite zijn ingrepen gepland voor de Maeyebeek. Zo wordt de historische ophoging van de polder in vliegas verwijderd, waardoor 2,5 ha overstroombaar gebied ontstaat. Meer dan 40 ha van de huidige Electrabelsite watert nu af naar de Maeyebeek. Door de nieuwe hemelwaterverordening zal al het water van deze site (ca. 75 ha groot) op het eigen terrein moeten worden opgevangen en gebufferd. Zo wordt de Maeyebeek bijkomend ontlast van wateropvang.
Reikwijdte
De reikwijdte van het RUP beperkt zich tot de gebieden met recreatieve doeleinden zoals de sportcluster aan de Kapelstraat en de horecazaken aan de Tolhuisstraat tussen de Rupeldijk tot aan de rand van het woongebied van Schelle aan de zoals aangeduid op
het gewestplan. De grenzen worden verder gedetailleerd tot op perceelsniveau om logische randen te krijgen.
De zuidoostelijke grens van deelgebied 4 wordt gevormd door de hoogspanningsleiding die erboven loopt en de ondergrondse leiding van Air Liquide.
Detailleringsniveau
Het RUP heeft tot doel het open polderlandschap en natuurwaarden te beschermen door alleen de recreatieve deelgebieden op te nemen. Het gewestplan blijft gelden in het waardevol agrarisch landschap rondom waardoor er geen verdere ontwikkelingen in mogelijk zijn. Het RUP legt tot op perceelsniveau bestemmingen en stedenbouwkundige voorschriften vast. Het detailleringsniveau van de voorschriften is voor alle zones gelijk. Elk kadastraal perceel in het RUP krijgt een passende bestemming met bijhorende voorschriften.
Met de inwerkingtreding van het besluit van de Vlaamse regering van 17 februari 2017 waarin de inwerkingtreding van het decreet omtrent ‘integratie plan-MER bij ruimtelijke uitvoeringsplannen’ werd vastgelegd, worden de planmilieueffectrapportage en andere effectbeoordelingen in het planningsproces van een ruimtelijk uitvoeringsplan geïntegreerd. In de eerste fase, namelijk de startnota, wordt nagegaan of het plan of programma aanzienlijke effecten kan hebben t.o.v. de bestaande situatie voor mens en milieu. In het geval er geen aanzienlijke milieueffecten kunnen zijn en geen MER vereist is, volstaat een onderbouwing en motivering in de startnota (een onderzoek tot MER). In het geval er wel aanzienlijke milieueffecten verwacht worden en een MER vereist is, wordt een beschrijving van de te onderzoeken effecten en van de inhoudelijke aanpak van de effectbeoordelingen, met inbegrip van de methodologie opgenomen in de startnota.
Er kan gesteld worden dat er geen betekenisvolle effecten zullen zijn ten opzichte van een habitat- en vogelrichtlijngebied. Het RUP is dus niet van rechtswege plan-MER-plichtig. Het valt echter wel onder het toepassingsgebied van het DABM en er moet derhalve onderzocht
worden of er geen aanzienlijke milieueffecten zijn ten gevolge van het RUP. Dit onderzoek (= milieuscreening) is te vinden in de scopingnota.
Tijdens het openbaar onderzoek werden volgende adviezen ontvangen:
● Fluxys
● Provincie Antwerpen
● Sport Vlaanderen
● Departement Landbouw
● Departement Omgeving
● OVAM: na het einde van het openbaar onderzoek ingediend, en had geen inhoudelijke bezwaren of opmerkingen.
Tijdens het openbaar onderzoek werden 19 bezwaarschriften ontvangen waarvan 6 dezelfde inhoud delen.
De Gecoro heeft de ingediende adviezen en bezwaren gebundeld en behandeld en bracht in zitting van 4 juni 2025 advies uit aan de gemeenteraad.
De gemeenteraad neemt kennis van het advies van de Gecoro. Het advies van de Gecoro wordt gevolgd, met uitzondering van de volgende punten:
1. De maximale grondoppervlakte van de sporthal te beperken tot 3000m² en de sporthal buiten de watergevoelige zone met middelgrote kans op overstromingen te plaatsen.
De gemeenteraad kan zich vinden in het feit dat de sporthal groot gedimensioneerd is. In de voorschriften wordt de maximale grondoppervlakte beperkt van tot 3.750m² als gevolg van de schorsingsbesluiten. . Echter blijkt uit ontwerpend onderzoek dat door het vervangen van de verschillende sporthallen (Scherpenstein, Kattenberg én tumbling in de school), wel degelijk dergelijke grote sportinfrastructuur noodzakelijk is. De nieuwe sporthal wordt gebouwd volgens de hedendaagse normen van de sportfederaties waardoor er officiële wedstrijden gehouden kunnen worden. Er is aandacht in het ontwerp naar de vrije hoogte, maar ook naar ruimte achter het veld in functie van uitloop en bezoekers. Er is een leidraad opgemaakt in samenspraak met de sportverenigingen, de sportraad en clubs. Volgende afbeelding geeft weer hoe er in het ontwerpend onderzoek gekozen is voor gedeelde velden, stapeling en compacte indeling om een zo klein mogelijke sporthal te bekomen.
Figuur 1: ontwerpend onderzoek grootte sporthal
Bovendien zal er bij de aanbesteding van de design and build extra gequoteerd worden op de grootte én hoogte van de sporthal: een kleinere footprint zal zwaarder doorwegen in de gunning van de sporthal.
2. De hoogtes van de sporthal te reduceren en stelt voor om de kroonlijst vast te leggen op 12m gemeten van het laagste niveau en slechts gedeeltelijk een ophoging tot 14,5m toe te laten over maximaal 50% van de totale oppervlakte.
De gemeenteraad begrijpt het advies van de Gecoro, maar past de voorschriften aan in functie van de opmerkingen van departement Omgeving als gevolg van de schorsingsbesluiten. Er wordt gestreefd om de hoogte maximaal te benutten om zo minder grondoppervlakte nodig te hebben. Er wordt om deze reden geen harde grens toegevoegd in de voorschriften om de mogelijkheden later bij het ontwerpproces niet te hypothekeren. Als alle functies passen in een kleinere sporthal, die een meter hoger is, zorgt dit voor minder impact op het maaiveld. Vanuit de studie blijkt dat de hoogte wel degelijk nodig is door het stapelen van de verschillende functies en door de grondoppervlakte te beperken. Dergelijk volume is noodzakelijk als gevolg van het grote aantal functies en sporten.
De gemeenteraad wil bovendien dat de luchtgroepen of andere technische installaties op het dak verborgen geïnstalleerd dienen te worden zodat ze visueel niet zichtbaar zijn.
Zoals bij de grootte, zal er bovendien bij de aanbesteding van de design and build extra gequoteerd worden op de grootte én hoogte van de sporthal: een kleinere footprint en beperkte hoogte zullen zwaarder doorwegen in de gunning van de sporthal.
3. De bouw van de sporthal moet ook buiten de valleizone gehouden worden. De Gecoro verwijst naar haar vorige adviezen waarbij het locatieonderzoek opnieuw dient te worden bekeken met inachtname de voorwaarden zoals hiervoor gesteld. De Gecoro merkt op dat het natuurinclusief bouwen niet als streefdoel maar als voorwaarde dient opgenomen te worden. De Gecoro merkt ook op dat bij de beoordeling van de voorstellen van gebouwen bij de design and build, best ook een expert natuurinclusief bouwen wordt opgenomen.
De gemeenteraad wijst er op dat de term Maeyebeekvallei niet bestaat. De Maeyebeek is een waterloop die door de polders loopt, en absoluut geen vallei vormt. De omgeving is een volledig kunstmatig landschap dat vormgegeven is door de kunstmatige ophoging van de Electrabelsite. De waterloop mondt uit in de Vliet, wat wel als vallei beschouwd kan worden. Dit heeft geen automatisch gevolg dat de Maeyebeek ook een valleigebied wordt. Al op de
Vandermaelenkaart stond er reeds duidelijk dat de omgeving een polder (Poldre de Schelle) is. Ook op de Ferrariskaart is de omgeving duidelijk een polderlandschap in agrarisch gebruik en bossen.
Figuur 2: topografische kaart Vandermaelen (1846-1854)
De gemeente wil het landschap hier opwaarderen, bijcreëren en herwaarderen. Bijkomende ruimte voor water creëren aan de Vliet bij de Delhaize is alleen mogelijk met dit planvoornemen waardoor de oude, versleten sporthallen vervangen worden. Zo kan Schelle het Landinrichtingsplan (LIP) van de VLM uitvoeren en meer open ruimte maken. Wanneer de parking aan de Delhaize verdwijnt en onthard wordt, verdwijnt er 3.500 m² aan verharding, bij de sloop van Scherpenstein én bijhorende parking, verdwijnt er 6.750 m² aan verharding en bij de ontharding aan het huidige dorpsplein kan er nog eens 650 m² verharding verdwijnen . Gecumuleerd verdwijnt er 11.000 m² aan verharding! Door de nieuwe sporthal bij de bestaande sportvoorzieningen te plaatsen, wordt er geclusterd en daalt het ruimtebeslag.
In het RUP is een uitgebreid locatieonderzoek gevoerd waaruit blijkt dat deze locatie de meest geschikte locatie is in Schelle. Ook binnen deze locatie zijn er verschillende locaties en alternatieven onderzocht. De voorschriften worden aangepast zodat er niet alleen gestreefd wordt naar natuurinclusief bouwen, maar dat het verplicht wordt om natuurinclusief te bouwen. Zie ook puntje 5 hieronder. In het planteam van de sporthal zal bij de design and build ook een expert natuurinclusief bouwen deelnemen.
4. De Gecoro stelt daarbij dat voor de bouw van de sporthal een afstandsperimeters dient te worden opgenomen t.a.v. de overstromingsgevoelige zones met middelgrote kans op overstroming, zoals aangegeven op de watertoetskaarten (zie Geopunt Vlaanderen). De Gecoro merkt dat deze afstandsperimeter minimaal 5m moet zijn.
De gemeenteraad volgt het advies van de Gecoro en is van mening dat de sporthal buiten de zone met kans op overstromingen gebouwd dient te worden. De gemeente merkt op dat in de voorschriften reeds staat dat de sporthal minimum op 10m moet staan van de zonegrenzen naar het bos -en agrarisch gebied en dat deze 10m zou moeten volstaan. De voorkeurslocatie van de sporthal wordt dus buiten de overstromingszone voorzien. Daarboven staat de sporthal op pilotes zodat er geen ruimte voor water wordt ingenomen. Op het grafisch plan is een bouwvrije zone aangeduid. Deze zone is gelijk met de zone van fluviale overstromingen. Als gevolg hiervan zal de sporthal met zekerheid buiten de overstromingsgevoelige zones gebouwd worden.
De gemeente constateert dat de Maeyebeek een waterloop is van 2e categorie en dus onder het beheer van de provincie valt. Echter heeft de provincie geen recente waterstudie die aangeeft dat de omgeving effectief zo watergevoelig is. Twee onafhankelijke studies van Antea uit 2024: “Waterhuishouding Interescaut te Schelle” en vooral het addendum “Waterbergingsvolumes”geven weer dat de zone van de sporthal niet structureel watergevoelig is, en dat de risico’s gekend, beperkt en beheersbaar zijn. Deze conclusies van Antea worden onderbouwd aan de hand van volgende vaststellingen:
● Het gebied ligt niet permanent onder water: het maaiveldpeil ligt hoger dan het berekende overstromingspeil.
● Er zijn geen fluviale overstromingen: de omgeving van de Maeyebeek kent geen overstromingen door de Schelde of andere grotere waterlopen.
● Pluviale gevoeligheid beperkt tot T100-scenario’s: overstromingsrisico’s doen zich enkel voor bij uitzonderlijke neerslagpieken met een terugkeerperiode van 100 jaar in toekomstig klimaat. De gevoeligheid betreft geen permanente waterverzadiging, maar modelmatige risicocontouren. Op basis van die kaarten, lijkt de voorkeurslocatie van de sporthal niet in dergelijk overstromingsgevoelig gebied te liggen. Bovendien zijn deze kaarten strenger dan de huidige gehanteerde kaarten. Dit wil zeggen dat ook met de worst-case scenario’s rekening gehouden wordt.
● Natuurlijke buffering i.p.v. stagnatie: het water wordt tijdelijk geborgen en niet gestagneerd. Het volume dat in deelzone A (gebied ten noorden van de sportcluster) kan worden opgevangen bij een bepaald waterpeil is significant. Dit maakt van de zone een natuurlijk buffervlak dat juist kansen biedt voor meervoudig ruimtegebruik, zoals een sportcluster, op voorwaarde van een aangepaste inrichting (bv. verhoogd vloerpeil, infiltratiezones, open buffering).
Feiten en context
Het college van burgemeester en schepenen heeft op 22 april 2002 IGEAN opdracht gegeven tot het opmaken van een bijzonder plan van aanleg “Tolhuis” voor het gebied begrensd door de Rupel en de Schelde in het Westen, de monding van Benedenvliet in het Noorden, de woongebieden Maaienhoek, Kapelstraat en Laarhofstraat in het Oosten en de Wullebeek in het Zuiden.
Na de goedkeuring van het Gemeentelijk Ruimtelijk Structuurplan (GRS) door de Deputatie van de provincie Antwerpen op 6 oktober 2005, werd deze opdracht verder gezet volgens de procedure voor de opmaak van een gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan (RUP). In 2008 werd met de goedkeuring van het RUP “Tolhuis - recreatiegebied Kapelstraat” door de deputatie reeds een deel van het plangebied geordend.
Besluit van het college van burgemeester en schepenen van 21 maart 2022 tot goedkeuring van de startnota van RUP Tolhuis.
Over de startnota werd een publieke raadpleging en adviesronde georganiseerd van
11 april 2022 tot en met 10 juni 2022.
Op 2 mei 2022 werd over de startnota een participatiemoment georganiseerd.
Het eindresultaat van de adviesronde en de raadpleging van de bevolking werd verwerkt in de opmaak van de scopingsnota.
Het voorontwerp werd op 17 april 2023 door het college van burgemeester en schepenen goedgekeurd. Hier werd op 2 juni 2023 een plenaire vergadering over georganiseerd.
Het Team Omgevingseffecten besliste op basis van de scopingnota (versie E) op 13 februari 2025 dat er voor het voorliggende RUP geen plan-MER opgemaakt moet worden. Het ontwerp RUP werd op 20 februari 2025 voorlopig vastgesteld door de gemeenteraad. Het
ontwerp RUP werd onderworpen aan een openbaar onderzoek van 4 april 2025 tot en met 3 juni 2025. De Gecoro heeft de ingediende adviezen en bezwaren gebundeld en behandeld en bracht advies uit aan de gemeenteraad in zitting van 4 juni 2025. De gemeenteraad stelde het RUP Tolhuis definitief vast op de gemeenteraad van 28 augustus 2025.
Op 16 oktober 2025 en op 17 oktober 2025 ontving het lokaal bestuur respectievelijk de beslissing van de deputatie van de Provincie Antwerpen en het Departement Omgeving om het RUP Tolhuis te schorsen wegens strijdigheid met het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan (GRS) en het beleidsplan van de provincie.
Op 19 december heeft de gemeenteraad een nieuw gemeenteraadsbesluit genomen om het RUP definitief vast te stellen met enkele wijzigingen als gevolg van de twee schorsingsbesluiten.
In de zitting van 18 februari heeft de Deputatie van de provincie Antwerpen het gemeenteraadsbesluit m.b.t. het RUP Tolhuis opnieuw geschorst. De provincie meldt dat het RUP nog steeds in strijd is met het beleidsplan van de provincie.
Motivering schorsing deputatie en Departement Omgeving oktober 2025
De deputatie motiveert de strijdigheid met het Provinciaal Beleidsplan Ruimte Antwerpen (PBRA) als volgt: het PBRA zet in op proactieve maatregelen op het hemelwater langer op te houden zodat het kan infiltreren en het grondwaterpeil zich op natuurlijke wijze kan herstellen. Het is hierbij belangrijk dat het watersysteem in zijn geheel wordt bekeken. Hierbij is de bescherming van valleigebied een belangrijk punt. Door recreatiegebied en de nieuwe sporthal te voorzien, wordt natuurlijk gebied van het valleigebied van de Maeyebeek aangesneden. Het laat bijkomende bebouwing en verharding toe in overstromingsgevoelig gebied. Deze bezorgdheden werden meermaals meegegeven en aangekaart dat het in strijd is met het PBRA.
Binnen het beleidskader verdichten en ondichten wordt ingezet op het behoud van de economische ruimte. De site Bern-art heeft de bestemming ‘milieubelastende industrie’ op het gewestplan, en wijzigt met dit RUP naar een ‘zone voor horeca en recreatie’. Het verdwijnen van ruimte voor bedrijvigheid wordt niet gecompenseerd of gemotiveerd waarom compensatie niet mogelijk is, en is dus onverenigbaar met het PBRA.
Het RUP laat, indien er op lange termijn een nieuwe locatie gevonden wordt voor een intergemeentelijk recyclagepark, op de gronden van het huidige recyclagepark een uitbreiding toe van de recreatiezone. Het GRS laat geen uitbreidingen toe in het waterzieke karakter van de achterliggende gronden.
Het Departement Omgeving schorst gezien de sporthal voorzien wordt op fluviaal overstroombaar gebied. Het plan voorziet niet in verordenende bepalingen die een gelijke ontharding vastlegt, daarnaast laten in de inrichtingsvoorschriften bovenmaats ruimtebeslag toe in het watergevoelige gebied.
De recreatiezone wordt uitgebreid, waar een sporthal voorzien wordt, en waarbij het recyclagepark niet dient te verdwijnen. Hierbij krijgt het recyclagepark wel de nabestemming van dagrecreatie. Hierdoor is er grote bijkomende ruimtebeslag in zeer waardevol overstromingsgevoelig valleigebied.
Het LIP beschrijft het gebied van de Maaienhoek als landschappelijk waardevol. Naast de impact op landbouw en water, betekent een sporthal een visuele aantasting van het
landschap rond de Maeyebeek. De bouw van de sporthal is bijgevolg niet compatibel met de visie opgenomen in het LIP.
Het RUP voorziet planologisch bestendigen van zonevreemde activiteiten en woningen door middel van een overdruk. Volgens het GRS zijn ontwikkelingsperspectieven voor woningen beperkt tot de zonevreemde basisrechten. Bijgevolg wijkt het plan af van het richtinggevende gedeelte van het GRS zonder afdoende motivering en is desgevallend strijdig met het GRS.
Motivering schorsing provincie februari 2026
De deputatie motiveert de strijdigheid met het Provinciaal Beleidsplan Ruimte Antwerpen (PBRA) als volgt: In de historiek van het dossier is bij elke bespreking en advies het belang van het valleigebied meegegeven. De deputatie vraagt daarom met aandrang om buiten het fluviaal overstromingsgevoelig gebied van een vallei te blijven om zo niet meer strijdig te zijn met het PBRA.
Het Departement Omgeving diende geen nieuw schorsingsbesluit in, en stemde stilzwijgend in met het voorstel RUP Tolhuis.
Juridische gronden
Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen.
De Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening van 15 mei 2009 en latere wijzigingen.
Decreet van 1 juli 2016 tot wijziging van de regelgeving voor ruimtelijke uitvoeringsplannen teneinde de planmilieueffectrapportage en andere effectbeoordelingen in het planningsproces voor ruimtelijke uitvoeringsplannen te integreren door wijziging van diverse decreten, en latere wijzigingen.
Besluit van de Vlaamse Regering van 17 februari 2017 betreffende het geïntegreerde planningsproces voor ruimtelijke uitvoeringsplannen, planmilieueffectrapportage, ruimtelijke veiligheidsrapportage en andere effectbeoordelingen en latere wijzigingen.
Argumentatie
In uitvoering van het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan maakt de gemeente Schelle het RUP Tolhuis op. Het RUP beoogt volgende doelstellingen:
vrijwaren van het open polderlandschap en de aanwezige natuurwaarden;
behoud van bouwkundig erfgoed, met ontwikkelingsperspectieven om het behoud op lange termijn te garanderen;
rechtszekerheid en ontwikkelingsperspectieven voor bestaande (zonevreemde) activiteiten;
reorganisatie van de sportsite aan de Kapelstraat.
Schelle is gelegen in de Rupelstreek, dat zich uitstrekt langs de Schelde, de Rupel en de Nete. Naast deze rivieren vormt de A12 een belangrijke bovenlokale drager. De woonkernen ontwikkelden zich langs een centrale steenweg en de spoorlijn Antwerpen – Boom.
Het plangebied richt zich op ontwikkelingen ter hoogte van de Tolhuisstraat in het westen van Schelle. Ten westen wordt de grens gevormd door de Rupel en ten noorden wordt de grens afgestemd op het gemeentelijk RUP voor de Electrabelsite (in opmaak, en
Brownfieldconvenant). In het Oosten grenst het plangebied tot aan de Laarhofstraat en maakt ook de sportsite Kapelstraat deel uit van het plangebied.
Het RUP bestaat uit 4 deelgebieden:
de sportcluster aan de Kapelstraat;
de bufferzone tussen Air Liquide en de Laarhofstraat met de oude spoorwegbedding;
site van Bernart;
horecafuncties aan de Rupeldijk en het natuurgebied.
Het plangebied grenst aan een groot deel van de polder en is langs één zijde begrensd door Rupel en aan de andere zijde door de woonkern van Schelle.
Dit polderachtige gebied wordt gekenmerkt door een open agrarisch karakter in het Noorden een meer gesloten karakter met bosfragmenten boven de Tolhuisstraat. Deze kenmerkende eigenschappen waren te tijden van Ferraris reeds aanwezig, net als een aantal gebouwen, zoals het Laarhof en het Tolhuis, die tot op heden nog als bakens in het landschap en als belangrijke plekken binnen het toeristisch-recreatief netwerk fungeren.
Een belangrijk deel van de ruimte nabij de Schelde is in de loop der jaren ingenomen door de elektriciteitscentrale en de hiermee verbonden tuinwijk. Vanuit de elektriciteitscentrale vertrekken meerdere hoogspanningsleidingen. Deze doorkruisen het Zuiden van het poldergebied en hebben een belangrijke visuele impact op het landschap.
In een brede strook rond de Electrabelsite bevinden zich landbouwgebieden, die fungeren als bufferzone naar de woongebieden en een aantal bosfragmenten. Langs de Schelde en Rupel zijn waardevolle natuurgebieden terug te vinden. Het omgevende landbouwgebied wordt doorsneden door een aantal typische bomenrijen.
Aan de Kapelstraat ligt een recreatieve cluster met meerdere voetbal-, tennis- en padelvelden. Tussen de twee zuidelijk gelegen voetbalvelden staat het hoofdgebouw met kleedkamers en cafetaria. Ten westen van de sportzone ligt het recyclagepark van de gemeente Schelle. Het is een grotendeels verharde zone waarop de ophaalcontainers geplaatst worden.
De site van het Tolhuis vormt het meest westelijke deel van het plangebied (deelgebied 4) en omvat een bosgebied in het Noorden, een centraal park met verschillende historische gebouwen en horeca langs de Rupeldijk. Het meest noordelijke deel omvat een bosgebied, dat bestaat uit een populierenaanplanting. Dit gebied is zeer drassig en moeilijk toegankelijk. Het overige deel van het domein is historisch ingericht als een landschapstuin met majestueuze bomen, vijver, verspreide bebouwing en kleine ornamenten.
De gebouwen binnen het park hebben doorheen de eeuwen verschillende functies bekleed. Het Tolhuis (1) en de aansluitende bijgebouwen (2) deden oorspronkelijk dienst als infrastructuur voor de tolheffing op de Rupel. Sinds het tolvrij worden van de Rupel werden de gebouwen gebruikt voor een breed spectrum aan functies. Momenteel wordt
het gebruikt als woonhuis door de eigenaars van het domein en er is een kleinschalige wijnhandel gevestigd. De voormalige conciërgewoning (3) werd gerenoveerd en doet momenteel dienst als woning. De historische hoeve (4) is in gebruik als woning en wordt 1 of 2 maal per week gebruikt als seminariecentrum voor kleine groepen. Ook de vrijstaande woning (5) naast de hoeve is bewoond.
De bebouwing langs de Rupel ten Zuiden van de Tolhuisstraat staat volledig in functie van horeca en vormt, samen met de veerdienst over de Rupel, een belangrijk toeristisch knooppunt. De oude kapel (6) omvat een café en de woonvertrekken van de uitbaters. Aan de andere zijde van de parking (8) bevindt zich het restaurant ‘Tolhuis-Veer’ (7), een restaurant met feestzaal en ruim terras langs de Rupeldijk.
Op de dijk is een beperkte parking voorzien, met ca. 20 parkeerplaatsen. De dijk op- en afrijden gebeurt in een lus met enkelrichting.
In het Oosten van het plangebied bevinden zich langs de Laarhofstraat enkele opvallende gebouwenclusters. Op de hoek van de Laarhofstraat en de oude spoorwegberm aan de Kapelstraat bevindt zich de Laarkapel, een beschermde 16e-eeuwse kapel omgeven door een klein plantsoen van lindebomen en kastanjebomen. De kapel wordt geflankeerd door een 18e-eeuwse hoeve bestaande uit 3 aaneengesloten hoevegebouwen met zadeldak en een vrijstaande stal. Een deel van deze hoeve brandde in 2016 af en werd heropgebouwd.
Deze hoeve en de omliggende gronden liggen volgens het gewestplan in de bufferzone van Air Liquide, die zeer breed gedimensioneerd is. Deze gronden sluiten aan bij het geplande restaurant en worden nu reeds gebruikt voor eigen teelt van fruit en groenten. De gronden worden doorsneden door een voormalige spoorlijn. Het meest zuidelijke deel is spontaan bebost na afbraak van een gebouw.
Langs de Tolhuisstraat bevindt zich ter hoogte van het kruispunt met de Interescautlaan een cluster van gebouwen. Op Tolhuisstraat 70 is BernArt gevestigd, een evenementenzaal met buitenruimte, in combinatie met een kunstgalerij. De achterste gebouwen worden gebruikt voor opslag. Aan de oostkant ligt een parking met ca. 50 parkeerplaatsen. Naast BernArt staat een eengezinswoning (Tolhuisstraat 72).
Door de ligging tegen de rivieren Schelde en Rupel, ligt het gebied op vlak van mobiliteit vrij geïsoleerd. Voor gemotoriseerd verkeer vormt de Tolhuisstraat (en in mindere mate ook de Laarhofstraat – Kapelstraat) de voornaamste toegangsweg. De Tolhuisstraat sluit op haar beurt aan op de N148, die parallel aan de A12 de noord-zuid verbinding vormt tussen de Rupelstreekgemeenten Hemiksem – Schelle – Niel.
Voor zwakke weggebruikers is het plangebied veel beter ontsloten. In oost-westelijke richting zorgen de veerdienst Schelle-Wintam, de Tolhuisstraat en de Laardijk voor een goede bereikbaarheid. De geplande fietsostrade vanaf de Schelde over de Electrabelsite richting Laarkapel en spoorlijn 52 zal de bereikbaarheid voor de zachte weggebruiker nog versterken....
Ook de dijken langs de Schelde en Rupel zorgen voor een aangename autovrije verbinding tussen het plangebied en de omgeving.
Gezien de recreatieve attractiviteit van het plangebied is de nood aan parkeergelegenheid redelijk hoog. Momenteel wordt deze opgevangen door een kleine
parking met een 20-tal parkeerplaatsen gelegen op de Rupeldijk en een parkeerstrook langsheen de Tolhuisstraat. Een aantal handelsfuncties beschikken over eigen parkeergelegenheid.
Algemeen belang
De bouw van de sportcluster is absoluut noodzakelijk door het grote algemeen belang en voor de verdere ruimtelijke ontwikkelingen in de gemeente. De clustering van de sportfaciliteiten met de sporthal zorgt voor compact sportterrein voor de hele gemeente. Door de verschillende sporthallen te combineren naar één gezamenlijke sporthal, kan er als gevolg hiervan de zonevreemdheid van twee gebieden ophouden. De bouw van de sporthal moet gebeuren met het behoud en zelfs uitbreiding van de globale waterbuffering en de globale versterking van het openruimtegebied- en beleving. De gehele omslag staat garant voor een globale, holistische opwaardering en een grote maatschappelijke winst van het algemeen belang.
De gecombineerde clustering van de diverse sportactiviteiten op deze locatie wordt door Sport Vlaanderen met een subsidie van 1,1 miljoen euro ondersteund.
Natuur, bos en open ruimte
De belangrijkste kwaliteiten van het brede gebied rondom de deelgebieden betreffen de aaneengesloten open ruimte en een aantal waardevolle aaneengesloten natuur- en bosgebieden, zoals de slikken en schorren langs de Rupel en de historische bosgordel ten Noorden van de Laardijk. Deze aaneengesloten grote stukken natuur zorgen er voor dat dit gebied een attractiepool is in de omgeving.
Toerisme en recreatie
De polder tussen de deelgebieden is vooral in trek voor het recreatief medegebruik. Een fietsroute loopt langs de Schelde en Rupel. Ter hoogte van het Tolhuis is er een voetveer. Het toeristisch aspect wordt versterkt door een aantal horecagelegenheden. Ook de andere kleinschalige accommodaties zoals een feestzaal en het seminariecentrum dragen bij aan het toeristisch-recreatieve karakter van het plangebied. Momenteel wordt de hoeve aan de Laarhofstraat in deelgebied 2 verder verbouwd tot restaurant en waarbij de bijhorende gronden verder worden verbouwd tot ruimte voor groenten- en kruidentuin in functie van het restaurant.
De sportcluster aan de Kapelstraat vormt een lokale recreatieve attractiepool voor buitensport.
Bouwkundig erfgoed
Verscheidene gebouwen met een rijke geschiedenis hebben een bouwkundige erfgoedwaarde. Het Tolhuis met de omgevende horeca-gelegenheden vervullen een bijzondere rol in het toeristisch-recreatieve gebeuren langs Schelde en Rupel. Daarnaast bevinden er zich nog enkele oude hoeves en boerenhuizen, waarvan er enkele als woning fungeren en waarvan er enkele in de loop der jaren een andere functie hebben gekregen. Al deze gebouwen zijn landmarks en als dusdanig kenmerkend voor het lokale landschap. De zonevreemde gebouwen die bestendigd worden hebben zeer restrictieve voorschriften gekregen in het RUP. Er kunnen geen bijkomende
verhardingen of constructies bijkomen en er zijn geen bijkomende (woon)ontwikkelingen toegelaten. Op deze manier komen er geen bijkomende zonevreemde ontwikkelingen bij. De gebouwen zijn opgenomen in de inventaris van bouwkundig erfgoed, waardoor een invulling en onderhoud wel gewenst is. De bestaande laagdynamische functies kunnen wel vervangen worden door andere, maar functiewijzigingen kunnen enkel vergund worden onder strenge voorwaarden zoals o.a. geen negatief effect hebben op het natuurgebied/VEN-gebied, het laagdynamisch karakter van de functie en de erfgoedwaarde ongeschonden laten of verhogen,... Het Agentschap voor Natuur en Bos verleende op 10.05.2023 een gunstig advies bij de plenaire vergadering: “de vergunningsplichtige activiteit zal geen onvermijdbare en onherstelbare schade aan de natuur in het VEN veroorzaken aangezien de stedenbouwkundige voorschriften voldoende milderende maatregelen opleggen.”
Biologisch waardevolle elementen
Er bevinden zich verscheidene biologisch waardevolle tot zeer waardevolle elementen binnen het plangebied en delen van het faunistisch belangrijke gebied dat gevormd wordt door de riviervalleien van Schelde en Rupel. Het betreft een aantal zones verbonden aan de rivier(dijk), maar ook bosfragmenten, open gebieden, dreven en waterelementen.
Versnippering en visuele aantasting open ruimte
De overduidelijke kwaliteiten op vlak van open ruimte en ecologie worden bedreigd door verdere versnippering. Verscheidene hoogspanningsleidingen en -masten vormen een visuele aantasting van het open polderlandschap. Kleine landschapselementen (struwelen, haagkanten, bomenrijen, grachten, veldwegen…) mogen niet verdwijnen door landbouw en andere activiteiten in de open ruimte. Het zijn deze elementen die het landschap identificeren en bijdragen aan de beleving ervan.
Zonevreemde functies
Enkele van de hogervermelde functies, waaronder een aantal in waardevolle historische gebouwen, zijn zonevreemd en worden hierdoor bedreigd in hun verdere ontwikkeling.
Overstromingsgevoelige gebieden
Het poldergebied is de laagst gelegen deelruimte van Schelle. Hier komen overstromingsgevoelige gebieden voor.
Parkeerdruk
De toeristisch-recreatieve activiteiten binnen het plangebied brengen een hoge parkeerdruk met zich mee. De parking op het dijklichaam heeft een beperkte capaciteit en geeft aanleiding tot conflicten tussen gemotoriseerd verkeer en zwakke weggebruikers.
Visie
Het gebied speelt een belangrijk rol in het bewaren van de open ruimte en natuurwaarden, waarbij het behoud van de resterende open perspectieven op het
historische polderlandschap essentieel is. Verder zijn de natuurgebieden en de bosfragmenten belangrijke te vrijwaren elementen.
Op vlak van toerisme, recreatie en wonen speelt het gebied een belangrijke rol. Hiervoor wordt in eerste instantie het bestaande bouwkundige patrimonium ingezet. Uitbreidingen kunnen in bepaalde zones overwogen worden, maar dienen afgewogen te worden aan de ruimtelijke draagkracht en de erfgoedwaarden. Door het opheffen van de zonevreemdheid en het bepalen van ontwikkelingsperspectieven wordt rechtszekerheid gecreëerd. Voor de recreatiecluster aan de Kapelstraat wordt een reorganisatie voorgesteld, in functie van een herlokalisatie van (een groot deel van) de activiteiten in sporthallen Scherpenstein, Kattenberg en de tumblingzaal van de turnzaal van de gemeentelijke basisschool.
Vrijwaren van het polderlandschap
De gewestplanbestemming “agrarisch gebied met landschappelijk waardevol karakter” blijft gelden rondom de deelgebieden en wordt niet mee opgenomen in het RUP. Hierdoor zijn mogelijke nieuwe ontwikkelingen beperkt. Ten Oosten van de Laarhofstraat wordt een gedeelte van het buffergebied naast Air Liquide omgevormd naar gemengd openruimtegebied. Het is vooral van belang dat er geen permanente aanwezigheid van personen dichterbij de Seveso-inrichting wordt gepland. Door de buffer deels te herbestemmen naar overig groen, blijft de garantie dat de zone een groene, open bestemming blijft zonder nieuwe, bijkomende bewoners. Deze meer ingesloten zone maakt niet direct deel uit van het polderlandschap, maar sluit er wel naadloos op aan, waardoor er meer mogelijkheden geboden worden voor het oprichten van kleinschalige agrarische constructies (bv. serres). Professionele serrebouw wordt niet toegelaten. Enkel kleine serres voor eigen gebruik zijn toegestaan bij de bestaande woningen, binnen de 30m van de woning, om het open landschap te blijven vrijwaren. Dit biedt mogelijkheden voor het geplande restaurant in de hoeve (Laarhofstraat 61) om eigen groenten te kweken. De productie van eigen groenten en fruit kan gecombineerd worden in dit plangebied met nieuwe technieken om hernieuwbare, duurzame en groene energie op te wekken (bijvoorbeeld d.m.v. “agrivoltaics”). Deze nieuwe technieken mogen het gebruik van de landbouwgronden echter niet hypothekeren, landbouwproductie staat centraal, niet de energieproductie in dit gebied. Bestaande landbouwbedrijven kunnen hun activiteiten verderzetten. De nadruk ligt op grondgebonden landbouwactiviteiten die het open karakter van het polderlandschap vrijwaren.
Om het polderlandschap te vrijwaren wordt de (voorkeurslocatie van de) nieuwe sporthal helemaal achteraan voorzien in het recreatiegebied. Het reliëf is lager waardoor de hoogte minder ingrijpend wordt ervaren. De sporthal moet bovendien landschappelijk ingepast worden in de omgeving door gebruik te maken van groene gevels en daken én door middel van hoogstammige bomen rondom aan te planten zodat het past binnen een landschapspark/ bocagelandschap. Op deze manier ontstaan er zogenaamde landschapskamers die visuele hinder beperken. Bovendien zal er bij elke omgevingsvergunning een landschapsplan toegevoegd moeten worden om te kunnen oordelen naar de landschappelijke inpassing van de werken. De sporthal zelf moet maximaal haar functies stapelen en de hoogte gebruiken om zo weinig mogelijk
grondoppervlakte te gebruiken. De grootte van de sporthal wordt begrenst tot een maximale grondoppervlakte van 3.750m². Het stapelen en het zo trachten te beperken van de grondoppervlakte wordt in het plan van eisen voor de opmaak van het design- en build plan voor de sporthal bovendien extra gehonoreerd.
Het LIP duidt het gebied van de Maaienhoek aan als landschappelijk waardevol gebied, echter zal door dit RUP méér van het LIP kunnen gerealiseerd worden. Het RUP laat toe een nieuwe sporthal te bouwen waardoor de twee verouderde sporthallen met bijhorende grote verharde parkings afgebroken en onthard kunnen worden. Hierdoor kan de ingebuisde Maeyebeek terug opengelegd worden, en de vrijgekomen ruimte terug aan natuur gegeven worden. Zo ontstaat er een coherent parkgebied waarbij maar liefst 11.000 m² extra zal onthard worden en waardoor de vallei wordt verbonden met het dorpscentrum. Deze ontharding van 11.000 m² is bovendien noodzakelijk voor de inrichting van LIP. De ontharding van 11.000 m² bestaat uit:
3.500 m² wegname/ontharding van de zonevreemde verharde parking van de Delhaize;
6.750 m² wegname van de sporthal Scherpenstein en de ontharding van de aanpalende parking;
650 m² ontharden van non-aedificandi zone van huidige dorpsplein langs de benedenvliet.
De VLM heeft bij het openbaar onderzoek geen negatieve adviezen of opmerkingen meer meegegeven. Dit RUP zorgt voor de optimale uitvoering van het LIP dat niet in strijd is met elkaar.
Ten gevolge van de schorsingsbesluiten werd in de stedenbouwkundige voorschriften opgenomen dat in de omgevingsvergunning voor de nieuwe sporthal verplicht een evenredige sloop en/of ontharding dient plaats te vinden. Op deze manier wordt er een verordenende bepaling toegevoegd zodat er daadwerkelijk een ontharding zal moeten plaatsvinden.
Door de schorsingsbesluiten is ook op het grafisch plan een zone aangeduid die bouwvrij dient te blijven in het recreatiegebied. Deze zone komt overeen met de fluviale kaarten, met een kleine aanpassing om het rechthoekig volume van de sporthal te kunnen voorzien. Op deze manier garandeert de gemeente dat de nieuwe sporthal zich uit het valleigebied zal bevinden. Doordat de bebouwing buiten de fluviale zone blijft, wordt de capaciteit/grootte van deze fluviale zone geenszins aangetast.
Deze engagementen maken deel uit van de ambities van het LIP 2 Zuidrand naar deze omgeving aangestuurd door de VLM en waarin het lokaal bestuur mee participeert.
Bijkomend wordt de sporthal op palen gebouwd waardoor hier ook geen ruimte voor water wordt ingenomen.
Vrijwaren van natuurwaarden
De bestaande natuurgebieden binnen het deelgebied worden opgenomen in een bestemming die de instandhouding, de ontwikkeling en het herstel van de natuur vooropstelt. De hoofdbestemming betreft natuurontwikkeling en alle werkzaamheden in functie van natuurontwikkeling en waterbeheer worden toegelaten. Als nevenbestemming en overdruk wordt recreatief medegebruik toegestaan. Kleinschalige constructies voor het al dan niet toegankelijk maken van het gebied voor educatief of recreatief medegebruik zijn toegelaten. Nieuwe, bijkomende verhardingen worden niet toegelaten. Voor de gebouwen en functies in het natuurgebied worden bestemmingen op maat voorzien
Versterken van toeristisch-recreatieve infrastructuur en cultuurhistorische bakens
De open ruimte en de aanwezigheid van Schelde en Rupel als toeristische trekpleisters maken deze deelruimte zeer aantrekkelijk voor toerisme en recreatie. Enkele locaties binnen het plangebied hebben bijzondere potenties om in dit toeristisch-recreatieve gebeuren een ondersteunende rol te spelen.
De recreatieve potenties van deze omgeving worden ook erkend en versterkt in streekoverschrijdende plannen en initiatieven, zoals Unesco Global Geopark Scheldedelta en Nationaal Park Scheldevallei. Ook voor personenvervoer over water werden reeds een aantal pistes onderzocht. Verschillende waardevolle en beschermde gebouwen kunnen een ondersteunende rol vervullen in het toeristisch-recreatieve gebeuren, zoals het kasteel Laarhof, het Tolhuis met omgeving, de Laarkapel en enkele waardevolle (voormalige) hoeves. De belangrijkste doelstelling van voorliggend RUP is rechtszekerheid en een toekomstperspectief bieden aan bestaande activiteiten, waarbij de toeristisch-recreatieve potenties benut worden in evenwicht met de natuurlijke, landschappelijke en erfgoedwaarden.
Naast de bestaande functies (kleinschalige handel, seminaries, atelier) kunnen toekomstgericht ook andere laagdynamische functies toegelaten worden, op voorwaarde dat ze verenigbaar zijn met de erfgoedwaarde en inpasbaar zijn in het landbouwgebied en het landschappelijk waardevol landschap. Laag dynamische functies zijn functies zonder storende activiteiten voor de omgeving.
Site Tolhuis
Het park gelegen ten Oosten van het voormalige Tolhuis is bestemd als natuurgebied volgens het gewestplan, maar vertoont historisch zowel naar inrichting als beheer alle kenmerken van een parkdomein. Gelet op de bestemming van het gewestplan en de aanduiding als Grote Eenheid Natuur (GEN, binnen de afbakening van het VEN en IVON) blijft de bestemming als natuurgebied behouden. In de kwetsbare gebieden is uitbreiding van gebouwen en verharding niet mogelijk. Om de historisch waardevolle gebouwen binnen de site Tolhuis voldoende rechtszekerheid te bieden is het wenselijk de zonevreemde basisrechten van deze gebouwen beperkt uit te breiden. Een overdruk op het grafisch plan laat, per gebouw, specifieke uitbreidingen op de zonevreemde basisrechten toe, waarbij het toelaten van laag dynamische activiteiten garanties biedt op het toekomstig behoud, onderhoud en beheer van het patrimonium. Naast de bestaande functies (wijnhandel, seminariecentrum, wonen) kunnen ook andere
laagdynamische functies voorzien worden. Binnen de bestaande gebouwen worden laag dynamische activiteiten als nevenfunctie toegelaten. Bij iedere functie zal een grondige afweging van de mobiliteitseffecten en de mogelijke impact op natuur en landschap en de erfgoedwaarde van de gebouwen moeten gebeuren.
De horeca aan de Rupeldijk, gelegen in agrarisch gebied (niet kwetsbaar), heeft een groot toeristisch-recreatief potentieel en is strategisch gelegen aan de veerdienst en de fietsroutes over de Rupeldijk. Dit potentieel zal verder toenemen door het doortrekken van deze fietsroutes, het verder benutten van de mogelijkheden van personenvervoer over water en de ontwikkeling van de Electrabelsite. De horecavoorzieningen worden dan ook ondersteund en kunnen de activiteiten hier verderzetten en uitbouwen. De mogelijkheden om verder uit te breiden ten opzichte van de bestaande toestand zijn hier beperkt, maar het RUP biedt wel mogelijkheden om de bestaande activiteiten te behouden.
BernArt
De evenementenlocatie BernArt (Tolhuisstraat 70) is volgens het gewestplan bestemd als industriegebied. De site kent momenteel een gemengd gebruik als kunstgalerij, congrescentrum en feestzaal. De achterste gebouwen worden gebruikt als opslagruimte. Het behoud van de functie als evenementenlocatie (feestzaal, congrescentrum, kunstgalerij…) is op deze locatie te verantwoorden. Reeds in de jaren ’70 werden kunsttentoonstellingen, vernissages en recepties georganiseerd. Het ondersteunen van toeristisch-recreatieve functies langs de Tolhuisstraat is in overeenstemming met de visie van het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan. Het perceel heeft reeds een harde bestemming en is grotendeels bebouwd, maar een verdere uitbreiding van bebouwing in open ruimte is niet aangewezen.
Op deze locatie is reeds jaren de inrichting van Bern-art gelegen en niet in gebruik als industriegebied. Het betreft een aanpassing aan de reeds lang bestaande toestand en de voorschriften laten andere laagdynamische functies toe, inpasbaar op deze locatie. De gemeente Schelle is een kleine gemeente en heeft geen ruimte om deze beperkte oppervlakte van 0,65ha industriegebied te compenseren. Het betreft een klein deel van het industriegebied. Het volledige industriegebied is opgenomen in de Brownfieldconvenant bij de Electrabelsite, mogelijks kan hier de compensatie mee opgenomen worden. Het perceel industriegebied is slecht, te excentrisch gelegen. Bovendien is er in het GRS geen locatie voorzien in Schelle voor bijkomende bedrijvigheid of industriegebied om dit gebiedje te compenseren. De gemeente heeft zelf geen percelen in eigendom die in aanmerking komen voor planologische compensatie.
Historische bebouwing Laarhofstraat
De oude hoeve Laarhofstraat 61 (H op figuur 30) werd in 2016 door een brand verwoest. Op 18.09.2017 werd door het college van burgemeester en schepenen een vergunning toegekend voor het herstellen en verbouwen van de hoeve tot woning en restaurant. Gezien het zonevreemde karakter van de gebouwen (huidige gewestplanbestemming buffergebied) zijn beperkte uitbreidingen in functie van het restaurant momenteel niet
mogelijk. Het RUP biedt de mogelijkheid om de zonevreemde basisrechten beperkt uit te breiden, waarbij het vrijwaren van de erfgoedwaarde op lange termijn een belangrijk element vormt. Beperkte uitbreidingsmogelijkheden voor het restaurant en de woningen kunnen voorzien worden. Hierbij kan gedacht worden aan het verbinden van de volumes, de aanleg van een terras, aanleg van een beperkt aantal parkeerplaatsen… De erfgoedwaarde van de naastgelegen kapel kan bijdragen tot de beleving van bezoekers van het restaurant, bijvoorbeeld door zicht te nemen vanuit het gebouw of een buitenterras. Om de beperkte parkeerdruk van het restaurant en de 3 vergunde woningen op te vangen wordt een beperkt aantal parkeerplaatsen (max. 15) toegelaten.
Toekomstgericht kunnen ook andere laagdynamische functies toegelaten worden, op voorwaarde dat ze verenigbaar zijn met de erfgoedwaarde en inpasbaar zijn in het landschap. Hierbij kan gedacht worden aan recreatieve bestemmingen zoals logies, culturele bestemmingen zoals tentoonstellingsruimte of kleinschalige bedrijvigheid zoals vrije beroepen of beperkte handel. De buffer naar Air Liquide is momenteel overgedimensioneerd en wordt teruggebracht naar een breedte van 10m. De bufferzone wordt herbestemd naar gemengd open ruimtegebied . Dit sluit aan bij het huidige gebruik en biedt het restaurant de mogelijkheid om zelf een deel van hun producten te verbouwen. Gezien het afgesloten en versnipperde karakter van de zone ten oosten van de Laarhofstraat zijn de mogelijkheden voor beroepslandbouw beperkt en kunnen hier ook kleinschalige serres en microlandbouw toegelaten worden.
Reorganisatie recreatiezone Kapelstraat
Context en voorstudie
Een aantal ontwikkelingen met betrekking tot sportinfrastructuur in de gemeente Schelle hebben geleid tot een onderzoek naar een geschikte locatie voor een clustering van sportfuncties. Het betreft:
De noodzaak aan vernieuwing van de sporthal Scherpenstein, die bouwkundig en technisch verouderd is, energetisch niet aan de hedendaagse duurzaamheidseisen voldoet en deels zonevreemd ligt door zijn ligging in parkgebied.
De herlokalisatie van de sporthal (basketbalclub) uit site Kattenberg. De huidige sporthal is verouderd en te klein voor de organisatie van twee competitievelden voor basketbal. Herbouw op de huidige locatie is niet gewenst en een herlokalisatie dringt zich op. Hierdoor wordt het mogelijk dat het grootwarenhuis van de Delhaize kan opschuiven waardoor de zonevreemdheid van haar parking kan worden opgeheven en aangelegd worden als een groene parkzone.
Ook andere sportfuncties kampen met dringende ruimtelijke noden en kunnen mee geclusterd worden in een nieuwe sporthal. Bijvoorbeeld de bestaande tumbling in een turnzaal van een school, waar de noodzakelijke hoogte voor deze sport niet beschikbaar is.
Uit dit ontwerpend onderzoek wordt geconcludeerd dat de voorkeur gaat naar de bouw van een nieuwe sporthal aansluitend bij de sportcluster aan de Kapelstraat. Om de
sporthal op de voorkeurslocatie te kunnen oprichten is een herziening van het bestaande RUP Recreatiezone Kapelstraat (zie 5.2.3) noodzakelijk. De herziening wordt opgenomen in het voorliggende RUP Tolhuis. De bundeling van sportactiviteiten langsheen de Kapelstraat was reeds opgenomen in het GRS van 2005.
Van het uitgebreide alternatievenonderzoek (bijlage) kunnen volgende belangrijke punten samengevat worden:
De vallei van de Benedenvliet moet terug ruimte krijgen. Door de twee sporthallen in Schelle te herlokaliseren, kan niet enkel de site rond Scherpenstein volledig onthard worden waardoor de ingebuisde Maeyebeek opnieuw open gelegd kan worden, maar kan site Kattenberg (incl. Delhaize) volledig herzien worden en kunnen de vergunde en volledig verharde parking van de Delhaize hier ook op termijn teruggegeven worden aan de Vlietvallei.
De tweede aanzet is het ontwikkelen van één gezamenlijke sportcluster, wat ruimtebesparend kan zijn. Bij versnippering van de sportclusters (huidige situatie) zijn er, bij elke zone apart, verschillende voorzieningen nodig, gaande van parkeermogelijkheden, kleedkamers, tot cafetaria’s,… Met één sportcluster aan de Kapelstraat worden de voorzieningen geclusterd en gedeeld. Ook de sportvoorzieningen van gym- en tumblingclub Creativa - die nu gedeeltelijk is ondergebracht in de turnzaal van de gemeentelijke basisschool - kunnen mee ondergebracht worden in de nieuwe sporthal waardoor de gym- en tumblingclub eindelijk een sportzaal kan gebruiken die voldoet aan hun (inter)nationaal niveau met voldoende ruimte en vrije hoogte. Een cruciaal element, is de synergie tussen de verschillende delen.
Als derde element wordt door het aanpassen van de begrenzing van de huidige recreatiezone (dat vastgesteld is in het RUP van 2007) de recreatiezone compacter. Dit heeft tot gevolg dat de vrijgekomen ruimte de mogelijkheid biedt om aan landschapsinrichting te doen en water zo veel mogelijk ruimte te geven. Echter blijft landbouw wel de centrale functie én bestemming voor deze gronden. Bovendien genieten behalve de Maeyebeek ook de Stijn Streuvelsstraat, de Felix Timmermanslaan en de Edgar Tinelplaats van deze ruimte voor water. Deze straten zijn vandaag donker aangeduid op de hemelwaterkaarten (grote kans op overstromingen). Deze omgeving krijgt een totale herwaardering. De visie is dat het water na regenwaterputten, onthardingen, wadi’s aan de woningen verder afgevoerd wordt naar de gracht gelegen tussen de Suyslaan en de Stijn Streuvelsstraat. .
De locatie van het gebouw op deze plek heeft heel wat natuurtechnische voordelen en belemmert de woonkwaliteit het minst, zo kan het gebouw een buffer zijn tussen de hoogdynamische sportvelden (met licht- en geluidspollutie) t.a.v. de beekvallei en habitats in het natuurgebied. Door verplicht natuurinclusief te bouwen kan een nog betere connectie gemaakt worden naar het natuurgebied: groene gevels met aandacht voor vogelkasten, vleermuizen,… Deze locatie heeft bovendien de mogelijkheid een betere indeling van het gebouw te realiseren (o.a. een vlotte, verkeersveilige toegang naar de parking) Uit de analyse van verschillende locaties in het alternatievenonderzoek, komt de huidige sportcluster als beste locatie voor een nieuwe sporthal naar voor. Deze voorkeurslocatie zorgt ervoor dat er zo weinig mogelijk nieuwe verharding bijkomt, minimum aan aanleg van nieuwe (openbare) infrastructuur, de mobiliteitsimpact naar de Stijn Streuvelsstraat en andere omliggende straten en buurt is beperkt net als de impact op het uitzicht van het open landschap.
De site van het recyclagepark is effectief onderzocht zoals voorzien in het GRS. Het terrein is echter te klein om te voldoen aan de dimensionering van de sporthal (sporthal: 4000m², terrein recyclagepark: +/-2000m²). Bovendien dient er extra ruimte te worden voorzien voor parkeergelegenheid, met bijkomende verharding tot gevolg. Bij de keuze van dit perceel is verdere uitbreiding met ontbossing noodzakelijk en schuift men dichter naar de Maeyebeek op. Schelle wil blijven inzetten in groenblauwe netwerken, en kiest net daarom om niet te ontbossen en de sporthal te bouwen op een locatie met een zo beperkt mogelijke ruimtelijke impact. Bijkomend wordt deze variant van de sporthal als een losse entiteit naast de huidige sportterreinen ingeplant waardoor het onderlinge interactie mist en er weinig relaties mee onderhoudt. Dit gaat in tegen de inrichtingsprincipes om alles te clusteren en infrastructuur te delen. Optimalisatie van ruimte en onderlinge betrokkenheid is één van de grote kwaliteiten van dit project.
Het RUP reorganiseert de recreatiezone, maar voorziet géén uitbreiding van de sportcluster en is dan ook niet strijd met het GRS. Door de planologische ruil van landbouwgebied en recreatiegebied is er netto zelfs minder ruimtebeslag van harde bestemmingen. Het noordelijke deel van het huidige recreatiegebied wordt herbestemd naar bouwvrij agrarisch gebied.
De site aan de Kapelstraat wordt in het GRS aangeduid als recreatieve cluster en vormt dan ook de evidente locatie voor de vestiging van een sporthal. Bij de herziening van het GRS heeft de provincie opgelegd in de bezwaren dat de locatie van de Tuinlei niet mogelijk is, en dat de clustering aan de Kapelstraat te verkiezen is.
In bijlage bij het RUP is een zeer uitvoerig alternatievenonderzoek opgenomen. Zowel naar locatie als naar inrichting in de sportcluster Kapelstraat werden alle alternatieven grondig onderzocht en vergeleken, waaruit het voorkeursscenario kwam dat doorvertaald werd in het RUP. Dit onderzoek geeft voortschrijdend inzicht ten opzichte van het GRS.
Bij de opmaak van het GRS was er nog geen globale visie voor de Vlietvallei en er waren nog geen nieuwe watertoetskaarten. Deze elementen hebben geleid tot een voortschrijdend inzicht en vernieuwde visievorming die het plangebied van het RUP overstijgt. De positieve projecten die mogelijk worden door de oprichting van de nieuwe sporthal en de meerwaarde
die deze bieden voor de Vlietvallei en de Maeyebeek vormen meer dan voldoende verantwoording. Het betreft:
het verwijderen van de zonevreemde sporthal Scherpenstein en de parking (gelegen in parkgebied waardoor 6.750m ² kan worden onthard) en op minder dan 10 meter van de waterweg wat een minimumafstandsregel is voor de Vlaamse Waterweg;
het openleggen van de Maeyebeek waardoor haar buffercapaciteit immens verruimt;
het verwijderen van de parking van Delhaize (gelegen in parkgebied waardoor ca. 3.500 m² kan worden onthard) in valleigebied;
650 m² ontharden van non-aedificandi zone van huidige dorpsplein langs de benedenvliet;
Het zijn allemaal aspecten die in het ontwerp LIP fase 2 zijn opgenomen. Deze visie wordt zeer breed gedragen (VLM – Werkgroep Benedenvliet) als een noodzakelijke stap naar ecologische opwaardering van de brede omgeving van de Vlietvallei. Er is dan ook geen strijdigheid met deze bovenlokale visiedocumenten. Integendeel, dit RUP en de daarmee samenhangende ingrepen die mogelijk worden, leveren een essentiële bijdrage aan de realisatie van het LIP. Hier wordt zeer sterk op ingezet.
Een herlokalisatie van het recyclagepark wordt reeds jaren onderzocht door IGEAN en de gemeentebesturen van Schelle en Hemiksem. Er werd tot op heden geen geschikte locatie gevonden. Een herlokalisatie naar een intergemeentelijk recyclagepark zal de eerstkomende jaren dan ook niet mogelijk zijn (geschikt terrein vinden en verwerven, opmaak ontwerp, RUP en vergunning…). Omwille van de hoogdringendheid van de nieuwe sportinfrastructuur - die in alle opzichten gedateerd is, verzakkingen vertoont en niet meer voldoet aan de klimaatdoelstellingen – was het noodzakelijk alternatieven te onderzoeken die op kortere termijn gerealiseerd kunnen worden.
Naar aanleiding van de schorsingsbesluiten werd de zone voor gemeenschapsvoorzieningen verkleind: de noordzijde van de zone voor gemeenschapsvoorzieningen is momenteel niet in gebruik en bebost. Om het bosgebied te vrijwaren en ervoor te zorgen dat dit later niet gekapt kan worden, wordt deze zone in dit RUP herbestemd naar bosgebied.
Het totale ruimtebeslag wordt verminderd door de bestaande sporthal Scherpenstein met parking af te breken en te ontharden. Sporthal Scherpenstein ligt bovendien in parkgebied waardoor er na de sloop hiervan de zonevreemdheid oplost. Door ook de basketbalsporthal De Griene aan de Kattenberg in één geïntegreerde structuur naar de sportcluster in de
Kapelstraat te brengen, kan de parking van de Delhaize – momenteel ook zonevreemd –onthard worden.
Door de nieuwe sporthal op pilotes te voorzien, neemt het geen ruimte weg van water. In de voorschriften staat dat de sporthal natuurinclusief gebouwd dient te worden (met aandacht voor zowel gevels en de daken) en landschappelijk moet worden ingepast.
Tot slot ligt de voorkeurslocatie van de sporthal niet in een zone met een kans is op overstromingen. De sporthal moet buiten de bouwvrije zone gebouwd worden, wat overeenkomt met de fluviale kaarten. Er is geen toename van harde bestemmingen, aangezien de herbestemming naar recreatiegebied wordt gecompenseerd de herbestemming van het noordelijk deel van de bestaande recreatiezone (RUP) naar bouwvrij agrarisch gebied. Dit gebied is zelfs meer watergevoelig dan de nieuwe locatie van het recreatiegebied.
De sporthal wordt op palen geplaatst, met een overstroombare en waterdoorlatende parkeerlaag op het huidige maaiveld. Er wordt geen ruimte voor water ingenomen: de buffercapaciteit blijft dezelfde. Er zijn verschillende ingrepen gepland op de Maeyebeek die leiden tot minder wateroverlast:
De ingebuisde delen van de Maeyebeek worden over het geheel van haar loop met ca. 90% terug opengelegd. Dit kan echter alleen als de bestaande, verouderde sporthal Scherpenstein wordt gesloopt incl. bijhorende parking. Bijkomend worden bij de heraanleg van de Fabiolalaan en de Jacob Jordaensstraat waterbuffers gecreëerd. Zo wordt er in de Fabiolalaan extra expansieruimte voorzien voor de Maeyebeek.
Ook in de Brownfieldconvenant voor de naastgelegen Electrabelsite zijn ingrepen gepland voor de Maeyebeek. Zo wordt de historische ophoging van de polder in vliegas verwijderd, waardoor 2,5 ha overstroombaar gebied ontstaat. Meer dan 40 ha van de huidige Electrabelsite watert nu af naar de Maeyebeek. Door de nieuwe hemelwaterverordening zal al het water van deze site (ca. 75 ha groot) op het eigen terrein moeten worden opgevangen en gebufferd. Zo wordt de Maeyebeek bijkomend ontlast van wateropvang.
Reikwijdte
De reikwijdte van het RUP beperkt zich tot de gebieden met recreatieve doeleinden zoals de sportcluster aan de Kapelstraat en de horecazaken aan de Tolhuisstraat tussen de Rupeldijk tot aan de rand van het woongebied van Schelle aan de zoals aangeduid op
het gewestplan. De grenzen worden verder gedetailleerd tot op perceelsniveau om logische randen te krijgen.
De zuidoostelijke grens van deelgebied 4 wordt gevormd door de hoogspanningsleiding die erboven loopt en de ondergrondse leiding van Air Liquide.
Detailleringsniveau
Het RUP heeft tot doel het open polderlandschap en natuurwaarden te beschermen door alleen de recreatieve deelgebieden op te nemen. Het gewestplan blijft gelden in het waardevol agrarisch landschap rondom waardoor er geen verdere ontwikkelingen in mogelijk zijn. Het RUP legt tot op perceelsniveau bestemmingen en stedenbouwkundige voorschriften vast. Het detailleringsniveau van de voorschriften is voor alle zones gelijk. Elk kadastraal perceel in het RUP krijgt een passende bestemming met bijhorende voorschriften.
Met de inwerkingtreding van het besluit van de Vlaamse regering van 17 februari 2017 waarin de inwerkingtreding van het decreet omtrent ‘integratie plan-MER bij ruimtelijke uitvoeringsplannen’ werd vastgelegd, worden de planmilieueffectrapportage en andere effectbeoordelingen in het planningsproces van een ruimtelijk uitvoeringsplan geïntegreerd. In de eerste fase, namelijk de startnota, wordt nagegaan of het plan of programma aanzienlijke effecten kan hebben t.o.v. de bestaande situatie voor mens en milieu. In het geval er geen aanzienlijke milieueffecten kunnen zijn en geen MER vereist is, volstaat een onderbouwing en motivering in de startnota (een onderzoek tot MER). In het geval er wel aanzienlijke milieueffecten verwacht worden en een MER vereist is, wordt een beschrijving van de te onderzoeken effecten en van de inhoudelijke aanpak van de effectbeoordelingen, met inbegrip van de methodologie opgenomen in de startnota.
Er kan gesteld worden dat er geen betekenisvolle effecten zullen zijn ten opzichte van een habitat- en vogelrichtlijngebied. Het RUP is dus niet van rechtswege plan-MER-plichtig. Het valt echter wel onder het toepassingsgebied van het DABM en er moet derhalve onderzocht worden of er geen aanzienlijke milieueffecten zijn ten gevolge van het RUP. Dit onderzoek (= milieuscreening) is te vinden in de scopingnota.
Tijdens het openbaar onderzoek werden volgende adviezen ontvangen:
Fluxys
Provincie Antwerpen
Sport Vlaanderen
Departement Landbouw
Departement Omgeving
OVAM: na het einde van het openbaar onderzoek ingediend, en had geen inhoudelijke bezwaren of opmerkingen.
Tijdens het openbaar onderzoek werden 19 bezwaarschriften ontvangen waarvan 6 dezelfde inhoud delen.
De Gecoro heeft de ingediende adviezen en bezwaren gebundeld en behandeld en bracht in zitting van 4 juni 2025 advies uit aan de gemeenteraad.
De gemeenteraad neemt kennis van het advies van de Gecoro. Het advies van de Gecoro wordt gevolgd, met uitzondering van de volgende punten:
1. De maximale grondoppervlakte van de sporthal te beperken tot 3000m² en de sporthal buiten de watergevoelige zone met middelgrote kans op overstromingen te plaatsen.
De gemeenteraad kan zich vinden in het feit dat de sporthal groot gedimensioneerd is. In de voorschriften wordt de maximale grondoppervlakte beperkt van tot 3.750m² als gevolg van de schorsingsbesluiten. . Echter blijkt uit ontwerpend onderzoek dat door het vervangen van de verschillende sporthallen (Scherpenstein, Kattenberg én tumbling in de school), wel degelijk dergelijke grote sportinfrastructuur noodzakelijk is. De nieuwe sporthal wordt gebouwd volgens de hedendaagse normen van de sportfederaties waardoor er officiële wedstrijden gehouden kunnen worden. Er is aandacht in het ontwerp naar de vrije hoogte, maar ook naar ruimte achter het veld in functie van uitloop en bezoekers. Er is een leidraad opgemaakt in samenspraak met de sportverenigingen, de sportraad en clubs. Volgende afbeelding geeft weer hoe er in het ontwerpend onderzoek gekozen is voor gedeelde velden, stapeling en compacte indeling om een zo klein mogelijke sporthal te bekomen.
Figuur 1: ontwerpend onderzoek grootte sporthal
Bovendien zal er bij de aanbesteding van de design and build extra gequoteerd worden op de grootte én hoogte van de sporthal: een kleinere footprint zal zwaarder doorwegen in de gunning van de sporthal.
2. De hoogtes van de sporthal te reduceren en stelt voor om de kroonlijst vast te leggen op 12m gemeten van het laagste niveau en slechts gedeeltelijk een ophoging tot 14,5m toe te laten over maximaal 50% van de totale oppervlakte.
De gemeenteraad begrijpt het advies van de Gecoro, maar past de voorschriften aan in functie van de opmerkingen van departement Omgeving als gevolg van de schorsingsbesluiten. Er wordt gestreefd om de hoogte maximaal te benutten om zo minder grondoppervlakte nodig te hebben. Er wordt om deze reden geen harde grens toegevoegd in de voorschriften om de mogelijkheden later bij het ontwerpproces niet te hypothekeren. Als alle functies passen in een kleinere sporthal, die een meter hoger is, zorgt dit voor minder impact op het maaiveld. Vanuit de studie blijkt dat de hoogte wel degelijk nodig is door het stapelen van de verschillende functies en door de grondoppervlakte te beperken. Dergelijk volume is noodzakelijk als gevolg van het grote aantal functies en sporten.
De gemeenteraad wil bovendien dat de luchtgroepen of andere technische installaties op het dak verborgen geïnstalleerd dienen te worden zodat ze visueel niet zichtbaar zijn.
Zoals bij de grootte, zal er bovendien bij de aanbesteding van de design and build extra gequoteerd worden op de grootte én hoogte van de sporthal: een kleinere footprint en beperkte hoogte zullen zwaarder doorwegen in de gunning van de sporthal.
3. De bouw van de sporthal moet ook buiten de valleizone gehouden worden. De Gecoro verwijst naar haar vorige adviezen waarbij het locatieonderzoek opnieuw dient te worden bekeken met inachtname de voorwaarden zoals hiervoor gesteld. De Gecoro merkt op dat het natuurinclusief bouwen niet als streefdoel maar als voorwaarde dient opgenomen te worden. De Gecoro merkt ook op dat bij de beoordeling van de voorstellen van gebouwen bij de design and build, best ook een expert natuurinclusief bouwen wordt opgenomen.
De gemeenteraad wijst er op dat de term Maeyebeekvallei niet bestaat. De Maeyebeek is een waterloop die door de polders loopt, en absoluut geen vallei vormt. De omgeving is een volledig kunstmatig landschap dat vormgegeven is door de kunstmatige ophoging van de Electrabelsite. De waterloop mondt uit in de Vliet, wat wel als vallei beschouwd kan worden. Dit heeft geen automatisch gevolg dat de Maeyebeek ook een valleigebied wordt. Al op de
Vandermaelenkaart stond er reeds duidelijk dat de omgeving een polder (Poldre de Schelle) is. Ook op de Ferrariskaart is de omgeving duidelijk een polderlandschap in agrarisch gebruik en bossen.
Figuur 2: topografische kaart Vandermaelen (1846-1854)
De gemeente wil het landschap hier opwaarderen, bijcreëren en herwaarderen. Bijkomende ruimte voor water creëren aan de Vliet bij de Delhaize is alleen mogelijk met dit planvoornemen waardoor de oude, versleten sporthallen vervangen worden. Zo kan Schelle het Landinrichtingsplan (LIP) van de VLM uitvoeren en meer open ruimte maken. Wanneer de parking aan de Delhaize verdwijnt en onthard wordt, verdwijnt er 3.500 m² aan verharding, bij de sloop van Scherpenstein én bijhorende parking, verdwijnt er 6.750 m² aan verharding en bij de ontharding aan het huidige dorpsplein kan er nog eens 650 m² verharding verdwijnen . Gecumuleerd verdwijnt er 11.000 m² aan verharding! Door de nieuwe sporthal bij de bestaande sportvoorzieningen te plaatsen, wordt er geclusterd en daalt het ruimtebeslag.
In het RUP is een uitgebreid locatieonderzoek gevoerd waaruit blijkt dat deze locatie de meest geschikte locatie is in Schelle. Ook binnen deze locatie zijn er verschillende locaties en alternatieven onderzocht. De voorschriften worden aangepast zodat er niet alleen gestreefd wordt naar natuurinclusief bouwen, maar dat het verplicht wordt om natuurinclusief te bouwen. Zie ook puntje 5 hieronder. In het planteam van de sporthal zal bij de design and build ook een expert natuurinclusief bouwen deelnemen.
4. De Gecoro stelt daarbij dat voor de bouw van de sporthal een afstandsperimeters dient te worden opgenomen t.a.v. de overstromingsgevoelige zones met middelgrote kans op overstroming, zoals aangegeven op de watertoetskaarten (zie Geopunt Vlaanderen). De Gecoro merkt dat deze afstandsperimeter minimaal 5m moet zijn.
De gemeenteraad volgt het advies van de Gecoro en is van mening dat de sporthal buiten de zone met kans op overstromingen gebouwd dient te worden. De gemeente merkt op dat in de voorschriften reeds staat dat de sporthal minimum op 10m moet staan van de zonegrenzen naar het bos -en agrarisch gebied en dat deze 10m zou moeten volstaan. De voorkeurslocatie van de sporthal wordt dus buiten de overstromingszone voorzien. Daarboven staat de sporthal op pilotes zodat er geen ruimte voor water wordt ingenomen. Op het grafisch plan is een bouwvrije zone aangeduid. Deze zone is gelijk met de zone van fluviale overstromingen. Als gevolg hiervan zal de sporthal met zekerheid buiten de overstromingsgevoelige zones gebouwd worden.
De gemeente constateert dat de Maeyebeek een waterloop is van 2e categorie en dus onder het beheer van de provincie valt. Echter heeft de provincie geen recente waterstudie die aangeeft dat de omgeving effectief zo watergevoelig is. Twee onafhankelijke studies van Antea uit 2024: “Waterhuishouding Interescaut te Schelle” en vooral het addendum “Waterbergingsvolumes” geven weer dat de zone van de sporthal niet structureel watergevoelig is, en dat de risico’s gekend, beperkt en beheersbaar zijn. Deze conclusies van Antea worden onderbouwd aan de hand van volgende vaststellingen:
Het gebied ligt niet permanent onder water: het maaiveldpeil ligt hoger dan het berekende overstromingspeil.
Er zijn geen fluviale overstromingen: de omgeving van de Maeyebeek kent geen overstromingen door de Schelde of andere grotere waterlopen.
Pluviale gevoeligheid beperkt tot T100-scenario’s: overstromingsrisico’s doen zich enkel voor bij uitzonderlijke neerslagpieken met een terugkeerperiode van 100 jaar in toekomstig klimaat. De gevoeligheid betreft geen permanente waterverzadiging, maar modelmatige risicocontouren. Op basis van die kaarten, lijkt de voorkeurslocatie van de sporthal niet in dergelijk overstromingsgevoelig gebied te liggen. Bovendien zijn deze kaarten strenger dan de huidige gehanteerde kaarten. Dit wil zeggen dat ook met de worst-case scenario’s rekening gehouden wordt.
Natuurlijke buffering i.p.v. stagnatie: het water wordt tijdelijk geborgen en niet gestagneerd. Het volume dat in deelzone A (gebied ten noorden van de sportcluster) kan worden opgevangen bij een bepaald waterpeil is significant. Dit maakt van de zone een natuurlijk buffervlak dat juist kansen biedt voor meervoudig ruimtegebruik, zoals een sportcluster, op voorwaarde van een aangepaste inrichting (bv. verhoogd vloerpeil, infiltratiezones, open buffering).
Figuur 3: volumestudie ingetekend op kaart T100 fluviaal Figuur 4: kaart T100 pluviaal
De inplanting van de sporthal valt buiten de watergevoelige zone volgens de waterkaarten T100.
Op de kaart werd een bouwvolume met een footprint van 4.000 m² ingetekend. Hieruit blijkt dat de footprint van het gebouw buiten de watergevoelige zone valt .
5. De Gecoro merkt op dat de sporthal moet ontworpen worden als een buffer naar de naastgelegen bestemmingszones. In de voorwaarden dient opgenomen te worden dat aan deze grenszijde geen (gemotoriseerd) verkeer kan toegelaten worden en dat noch geluids-
noch lichtverontreiniging (hoe klein ook) kan worden toegestaan. Nooduitgangen zijn van de sporthal worden evenwel toegestaan.
De gemeenteraad volgt het advies van de Gecoro en past de voorschriften aan zodat de ruimte tussen de sporthal en het bos -en agrarisch gebied alleen dient als brandweg of vluchtweg en geen ander verkeer of wegenis toelaat. De voorschriften worden aangepast zodat er niet alleen gestreefd wordt naar natuurinclusief bouwen, maar dat het verplicht wordt om natuurinclusief te bouwen. Op deze manier kan de sporthal een echte buffer worden tegen geluid -en lichtverontreiniging vanuit de rest van het recreatiegebied.
6. In kader van de visuele hinder wordt gesuggereerd om de sporthal ook meer een landschappelijke invulling te geven met naast het louter natuur inclusief bouwen ook een landschappelijke invulling van de omgeving met aanplant van oa. hoogstammig levendig groen.
De gemeenteraad volgt het advies van de Gecoro en past de voorschriften beperkt aan zodat de sporthal verplicht natuurinclusief gebouwd moet worden. De sporthal moet landschappelijk ingepast te worden in de omgeving door middel van hoogstammige bomen zodat het past binnen een landschapspark/bocagelandschap. Op deze manier ontstaan er zogenaamde landschapskamers die visuele hinder beperken. Bovendien zal er bij elke omgevingsvergunning een landschapsplan toegevoegd moeten worden om te kunnen oordelen naar de landschappelijke inpassing van de werken.
7. Er werd geen juridisch planologische verankering opgenomen voor zowel het afgraven van de 2,5 ha vliegas, de afbraak van Scherpenstein (incl. parking) en de verplaatsing van Delhaize. De Gecoro motiveert de gemeenteraad deze verankering op één of andere wijze juridisch te laten opnemen (vb. door een engagementsverklaring), opdat zekerheid wordt geboden dat de vooropgestelde voorwaarden effectief worden uitgevoerd. De Gecoro stelt daarbij ook dat binnen het RUP de overeenkomsten met de private partijen worden toegevoegd waarbij deze zekerheden worden bestendigd. De Gecoro vraagt ook een gemeenteraadsbeslissing op te nemen dat bij nieuwbouw van de sporthal binnen de recreatieve zone Kapelstraat, de Sporthal Scherpenstein (met uitzondering van de burelen/ cafetaria en restaurant), maar met inbegrip van de volledige naastgelegen parkeerzone, wordt verwijderd. Deze besluiten en overeenkomsten moeten inherent deel uitmaken van de besluitvorming van het RUP en dienen dusdanig ook opgenomen te worden als onderdeel van het RUP.
De gemeenteraad kan zich vinden in het besluit van de Gecoro. De andere sporthallen zijn niet gelegen binnen de plancontour van het RUP waardoor er geen uitspraken over gedaan kunnen worden die effectief leiden tot de afbraak van de bestaande verhardingen. Het bestuur engageert zich om, na de definitieve oplevering van de nieuwe sporthal, de oude sporthal van Scherpenstein mét bijkomende verharding van parkeerplaatsen te slopen en ontharden, net als de site van de Delhaize (= 6.750m²+3.500m²). Het bestuur volgt hiermee ook de geformuleerde intenties van het Landinrichtingsplan fase 2. De afgraving van vliegas is opgenomen in de Bronwfieldconvenant van de Electrabelsite. Daarenboven is de sporthal en parking van Scherpenstein zonevreemd. Deze sporthal wordt zeker afgebroken omdat ze bouwfysisch niet meer in staat is om nog lang(er) te gebruiken. De stabiliteit is aangetast, ze voldoet niet meer aan de normen opgelegd door de sportfederaties, de klimaatdoelstellingen zijn dermate geëvolueerd dat het zo goed als onmogelijk is om ze nog te halen. Kortom de sporthal is te oud en versleten, opwaarderen is door de staat en de ligging niet meer mogelijk.
In de omgeving van deze oude sporthal is de VLM bezig met de Vliet op te waarderen en ecologischer te maken. Dit landinrichtingsplan (LIP) fase 2 vormt de tweede fase en wordt opgemaakt voor het dorpshart Schelle, de abdij van Hemiksem en Maaienhoek het open ruimte gebied van Schelle en wordt uitgewerkt via een samenwerkingsverband tussen meerdere partners (onder meer VLM, gemeenten Hemiksem en Schelle, provincie, VMM, De Vlaamse Waterweg nv,…). Dit plan zorgt voor een grote, aaneengeschakelde open ruimte met veel minder verharding en ruimtebeslag. Ook in dit plan is de bestaande parking van Scherpenstein volledig onthard. Bovendien wordt de Maeyebeek tot aan de Vliet volledig opengewerkt. Deze werken zijn reeds begroot in het LIP en wachten op uitvoering. De parking kan slechts aangepakt worden wanneer de sporthal van de Kattenberg effectief verdwenen is.
8. De nabestemming recreatie kan voor het recyclagepark behouden blijven. De Gecoro wenst wel aanpassingen aan de voorschriften zodat alleen buitensporten gerealiseerd kunnen worden zoals bijvoorbeeld een skatepark en dit in aanvulling. De Gecoro wil niet dat de ruimte gebruikt wordt voor bijkomende parkeerplaatsen. Voor de zone dienen aanvullende voorschriften gecreëerd te worden die instaan voor een minimale ontharding en een landschappelijke inpassing.
Naar aanleiding van de schorsingsbesluiten worden de voorschriften aangepast. Er wordt geen nabestemming op het bestaande recyclagepark toegevoegd zodat de zone voor recreatie in de toekomst zou kunnen uitbreiden. De gemeente kiest ervoor om de zone voor dagrecreatie niet uit te breiden conform de schorsingsbesluiten.
9. In de toelichtingsnota dienen alle verwijzingen naar ‘gemend open ruimtegebied’ nagekeken te worden en indien nodig aan te passen. De Gecoro adviseert wel om de in de voorschriften de gebiedscategorie aan te passen naar ‘Overig groen’ zodat de voorschriften meer afgestemd worden op de gewestelijke typevoorschriften.
De gemeenteraad volgt het advies van de Gecoro en kijkt de verwijzingen naar ‘gemend open ruimtegebied’ na, samen met de gebiedscategorieën zodat de voorschriften meer passen binnen de gewestelijke typevoorschriften.
10. De oppervlakte van de parkeerzone (t.h.v. de Tolhuisveer) dient aangepast te worden in de voorschriften naar maximaal 2000m². Ook dient in de voorschriften uitdrukkelijk opgenomen te worden dat de nieuwe parking er alleen kan komen als de bestaande parking op de Rupeldijk verdwijnt en dit louter ten belope van de herplaatsing van het huidig aantal parkeerplaatsen op de dijk. Ook dient opgenomen te worden dat enkel ingeval er een waterbus of oversteekplaats wordt gerealiseerd de uitbreiding kan worden voorzien tot 2000m².
De gemeenteraad volgt het advies van de Gecoro en past de voorschriften beperkt aan zodat de parkeerplaatsen er slechts kunnen komen op het moment dat de bestaande parking op de Rupeldijk verdwijnt. Er kunnen alleen bijkomende parkeerplaatsen gerealiseerd worden wanneer uit een onderbouwde parkeerstudie aangetoond wordt dat er bijkomende parkeerplaatsen nodig zijn. Dit kan bijvoorbeeld zijn door de uitbreiding van het transport over water (bijvoorbeeld door de Waterbus).
11. Wijzigingen op het grafisch plan: legende aanpassen waarin deelgebieden juist aangeduid zijn, en “A” en “B” benoemen.
De gemeenteraad volgt het advies van de Gecoro en past de legende op het grafisch plan aan.
12. De gebiedscategorie van deelgebied 2 aan te passen naar ‘overig groen’ in plaats van landbouw zodat de toegelaten functies meer passen binnen de gewestelijke typevoorschriften.
De gemeenteraad volgt het advies van de Gecoro en past de gebiedscategorie aan van deelgebied 2 zodat de voorschriften meer passen binnen de gewestelijke typevoorschriften.
13. De voorschriften voor deelgebied 1 aan te passen zodat de zone boven de sportcluster effectief de bestemming én gebiedscategorie landbouw krijgt. De percelen zorgen voor compensatie aan landbouwgrond en dienen als dusdanig bestemd te worden.
De gemeenteraad volgt het advies van de Gecoro en past de gebiedscategorie aan van deelgebied 1 zodat de voorschriften meer passen binnen de gewestelijke typevoorschriften voor agrarisch gebied.
14. Te verduidelijken in de voorschriften en toelichtingsnota: de basisrechten voor zonevreemde constructies zijn maximaal van toepassing (vb. plaatsing serre binnen een straal van max. 30m rond het gebouw).
De gemeenteraad volgt het advies van de Gecoro en past de voorschriften beperkt aan van art. 8: “Gemend open ruimtegebied” zodat het duidelijker wordt dat ook in dit gebied dezelfde regels gelden als in het Vrijstellingenbesluit.
15. Binnen de voorschriften van de recreatiezone (incl. sporthal) dient het STOP-principe opgenomen te worden.
De gemeenteraad volgt het advies van de Gecoro en vult de voorschriften van artikel 2: “Zone voor dagrecreatie” aan met het STOP-principe. Binnen het ontwerp krijgen de minst vervuilende en belastende mobiliteitsstromen prioriteit. Eerst stappen, dan trappen, openbaar vervoer en personenwagen. Binnen dit principe moeten alle maatregelen worden genomen om de veiligheid, het comfort en de doorstromingsmogelijkheden van al deze weggebruikers respectievelijk te verbeteren.
16. Binnen de voorschriften voor zone voor wegenis dient een maximale verhardingspercentage opgenomen te worden van 50% overeenkomend met de huidige verharding. De niet verharde zone dient met levendig groen en inheemse aanplant te worden ingericht.
De gemeenteraad volgt het advies van de Gecoro en past de voorschriften aan voor de openbare wegenis in deelgebied 3 waar er een groot deel is bestemd naar openbare wegenis. Op het grafisch plan wordt hier een overdruk toegevoegd waaruit volgt dat er maximaal 50% van dit deel verhard kan worden. Dit is vandaag ook de bestaande situatie. De andere 50% zal verplicht groen ingericht worden.
Het definitief vast te stellen ontwerp van het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan
'Tolhuis' bevat volgende stukken:
● toelichtingsnota;
● procesnota;
● stedenbouwkundige voorschriften;
● plan bestaande toestand;
● grafisch plan;
● Vrijstelling opmaak plan-MER.
Financiële weerslag
Geen financiële weerslag
Beslist:
Met 16 stemmen voor (Philip Lemal, Rob Mennes, Axel Boen, Vera Goris, Stan Scholiers, Arne Vergauwen, Rita Jacobs, Koen Vaerten, Chantal Jacobs, Kris Huyck, Lindger Boen, Stijn Van Hoofstat, Jef Gys, Inez Van den Berge, Kristof Van Landeghem en Marjan Nauwelaert), 3 onthoudingen (Wannes Van Havere, Koen Van de Wouwer en Myriam Baeyens)
Artikel 1:
Het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan 'Tolhuis' wordt definitief vastgesteld.
Artikel 2:
Het definitief vastgestelde voornoemd ruimtelijk uitvoeringsplan wordt door het college van burgemeester en schepenen per beveiligde zending bezorgd aan de deputatie van de provincie Antwerpen en aan de Vlaamse Regering.
Marjan Nauwelaert Philip Lemal Stijn Van Hoofstat Koen Van de Wouwer Rob Mennes Chantal Jacobs Wannes Van Havere Inez Van den Berge Axel Boen Vera Goris Kristof Van Landeghem Rita Jacobs Lindger Boen Myriam Baeyens Koen Vaerten Leen Wyn Jef Gys Arne Vergauwen Stan Scholiers Kris Huyck Marjan Nauwelaert Philip Lemal Stijn Van Hoofstat Koen Van de Wouwer Rob Mennes Chantal Jacobs Wannes Van Havere Inez Van den Berge Axel Boen Vera Goris Kristof Van Landeghem Rita Jacobs Lindger Boen Myriam Baeyens Koen Vaerten Jef Gys Arne Vergauwen Stan Scholiers Kris Huyck Koen Vaerten Stijn Van Hoofstat Marjan Nauwelaert Lindger Boen Inez Van den Berge Axel Boen Arne Vergauwen Rob Mennes Vera Goris Jef Gys Philip Lemal Stan Scholiers Rita Jacobs Chantal Jacobs Kris Huyck Kristof Van Landeghem Koen Van de Wouwer Wannes Van Havere Myriam Baeyens aantal voorstanders: 12 , aantal onthouders: 3 , aantal tegenstanders: 4 Goedgekeurd
Aanbestedingsdossier Fabiolalaan - Goedkeuring. - Goedgekeurd
De gemeenteraad,
Gelet op het Decreet Lokaal Bestuur van 22.12.2017, inzonderheid artikels 40 en 41, betreffende de bevoegdheden van de gemeenteraad;
Gelet op de wet van 29.07.1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen en latere wijzigingen;
Gelet op het Bestuursdecreet van 07.12.2018;
Gelet op het Decreet Lokaal Bestuur van 22.12.2017, meer bepaald artikels 326 tot en met 341 betreffende het bestuurlijk toezicht;
Gelet op de wet van 17.06.2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen inzake overheidsopdrachten, bepaalde opdrachten voor werken, leveringen en diensten en concessies en latere wijzigingen;
Gelet op de wet van 17.06.2016 inzake overheidsopdrachten, inzonderheid artikel 41, §1, 2° (het geraamde bedrag excl. btw overschrijdt de drempel van € 750.000,00 niet);
Gelet op het koninklijk besluit van 14.01.2013 tot bepaling van de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten en latere wijzigingen;
Gelet op het koninklijk besluit van 18.04.2017 betreffende plaatsing overheidsopdrachten klassieke sectoren en latere wijzigingen;
Overwegende dat in het kader van de opdracht “Project K-10-046 SL en OP 23.524
- Gemeente Schelle: Optimale afkoppeling Fabiolalaan, Guido Gezelleplaats, Hugo Verriestplaats, Pieter De Coninckstraat, Jan Breydelstraat, Hamerstraat, Stormsstraat, De Keyserstraat (deel), Leopoldstraat met afkoppeling van de gescheiden riolering van de Ceulemansstraat en Rupelstraat (OP+GIP) + Weg- en rioleringswerken Provinciale Steenweg (deel tussen grens Niel en Witte Gevelstraat)” een samenwerkingsovereenkomst is gesloten tussen Aquafin N.V. , gemeente Schelle en Pidpa die goedgekeurd werd door de gemeenteraad op 31.01.2022 waarin ook ANTEA BELGIUM NV, Roderveldlaan 1 te 2600 Berchem als ontwerper werd aangesteld.
Overwegende dat in het kader van de opdracht “Project K-10-046 SL en OP 23.524” een bestek werd opgesteld door studiebureau Antea Belgium nv en dat Igean het Veiligheids- en gezondheidsplan heeft opgemaakt;
Overwegende dat de totale uitgave voor deze opdracht geraamd wordt op € 13.001.696,83 excl. btw of € 14.210.786,69 incl. 21% btw;
Overwegende dat de uitgave voor deze opdracht voor Pidpa geraamd wordt op € 4.116.941,45;
Overwegende dat de uitgave voor deze opdracht voor de Aquafin nv geraamd wordt op € 3.113.175,53;
Overwegende dat de uitgave voor deze opdracht voor de gemeente Schelle geraamd wordt op € 5.757.570,76 excl. btw of € 6.966.660,62 incl. 21% btw;
Overwegende dat voorgesteld wordt de opdracht te gunnen bij wijze van de openbare procedure;
Overwegende dat de uitgave voor deze opdracht voorzien is in het investeringsbudget van 2026/ACT-23/0200-00/22400007/GEMEENTE/IP-08: Wegen - Activa in aanbouw - Fabiolalaan en aanpalende straten;
Beslist:
Met 12 stemmen voor (Philip Lemal, Rob Mennes, Axel Boen, Vera Goris, Stan Scholiers, Arne Vergauwen, Koen Vaerten, Lindger Boen, Stijn Van Hoofstat, Jef Gys, Inez Van den Berge en Marjan Nauwelaert), 4 stemmen tegen (Rita Jacobs, Chantal Jacobs, Kris Huyck en Kristof Van Landeghem), 3 onthoudingen (Wannes Van Havere, Koen Van de Wouwer en Myriam Baeyens)
Artikel 1:
Goedkeuring wordt verleend aan het bestek met nr. K-10-046 SL en OP 23.524 en de raming voor het deel voor rekening van de gemeente van € 5.757.570,76 excl. btw of € 6.966.660,62 incl. 21% btw, opgesteld door Antea Belgium nv voor de opdracht “Gemeente Schelle: Optimale afkoppeling Fabiolalaan, Guido Gezelleplaats, Hugo Verriestplaats, Pieter De Coninckstraat, Jan Breydelstraat, Hamerstraat, Stormsstraat, De Keyserstraat (deel), Leopoldstraat met afkoppeling van de gescheiden riolering van de Ceulemansstraat en Rupelstraat (OP+GIP) + Weg- en rioleringswerken Provinciale Steenweg (deel tussen grens Niel en Witte Gevelstraat)", samen met het Veiligheids- en gezondheidsplan zoals opgelegd door Igean. De lastvoorwaarden worden vastgesteld zoals voorzien in het bestek en zoals opgenomen in de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten.
Artikel 2:
Bovengenoemde opdracht wordt gegund bij wijze van de openbare procedure.
Artikel 3:
De aankondiging van de opdracht wordt ingevuld, goedgekeurd en bekendgemaakt op Europees niveau.
Artikel 4:
De uitgave voor deze opdracht is voorzien in het investeringsbudget van 2026/ACT-23/0200-00/22400007/GEMEENTE/IP-08: Wegen - Activa in aanbouw - Fabiolalaan en aanpalende straten.
Marjan Nauwelaert Philip Lemal Stijn Van Hoofstat Koen Van de Wouwer Rob Mennes Chantal Jacobs Wannes Van Havere Inez Van den Berge Axel Boen Vera Goris Kristof Van Landeghem Rita Jacobs Lindger Boen Myriam Baeyens Koen Vaerten Leen Wyn Jef Gys Arne Vergauwen Stan Scholiers Kris Huyck Marjan Nauwelaert Philip Lemal Stijn Van Hoofstat Koen Van de Wouwer Rob Mennes Chantal Jacobs Wannes Van Havere Inez Van den Berge Axel Boen Vera Goris Kristof Van Landeghem Rita Jacobs Lindger Boen Myriam Baeyens Koen Vaerten Jef Gys Arne Vergauwen Stan Scholiers Kris Huyck Stijn Van Hoofstat Rob Mennes Arne Vergauwen Jef Gys Vera Goris Stan Scholiers Philip Lemal Inez Van den Berge Axel Boen Lindger Boen Marjan Nauwelaert Rita Jacobs Wannes Van Havere Chantal Jacobs Koen Vaerten Kristof Van Landeghem Kris Huyck Myriam Baeyens Koen Van de Wouwer aantal voorstanders: 11 , aantal onthouders: 2 , aantal tegenstanders: 6 Goedgekeurd
Overeenkomst verkoop van de percelen Provinciale Steenweg en verlenen mandaat college van burgemeester en schepenen - Goedkeuring. - Goedgekeurd
De gemeenteraad,
Gelet op artikel 40 van het Decreet Lokaal Bestuur, dat de gemeenteraad bevoegd maakt voor beslissingen rond de vervreemding van gemeentelijke onroerende goederen;
Gelet op artikel 56 van hetzelfde decreet, dat het college de uitvoeringsbevoegdheden toekent binnen de krijtlijnen bepaald door de gemeenteraad;
Overwegende het collegebesluit van 17 november 2025 - 'goedkeuring samenvoeging Provinciale Steenweg 311-315 met achterliggende percelen';
Overwegende dat de verdere contractering, inclusief de onderhandeling en ondertekening van een aankoop-verkoopbelofte, een uitvoeringshandeling is waarvoor het college gemachtigd kan worden;
Overwegende dat het opnemen van opschortende voorwaarden in de toekomstige aankoop-verkoopbelofte (zoals het bekomen van een omgevingsvergunning) de gemeente toelaat om haar patrimoniumbelangen te beschermen;
Overwegende dat het wenselijk is om het college te mandateren om het dossier efficiënt verder af te werken, binnen de door de gemeenteraad vastgelegde beperkingen en voorwaarden;
Beslist:
Met 11 stemmen voor (Philip Lemal, Rob Mennes, Axel Boen, Vera Goris, Stan Scholiers, Arne Vergauwen, Lindger Boen, Stijn Van Hoofstat, Jef Gys, Inez Van den Berge en Marjan Nauwelaert), 6 stemmen tegen (Rita Jacobs, Koen Vaerten, Chantal Jacobs, Kris Huyck, Wannes Van Havere en Kristof Van Landeghem), 2 onthoudingen (Koen Van de Wouwer en Myriam Baeyens)
Artikel 1:
De gemeenteraad neemt besluit voor de verkoop van de gemeentelijke percelen Provinciale Steenweg 311–315 aan de kandidaat-kopers Plus Spatial Investments Belgium BV en Cedant BV.
Artikel 2:
De gemeenteraad bepaalt dat de verkoop zal plaatsvinden binnen de volgende krijtlijnen:
Artikel 3:
Het college van burgemeester en schepenen wordt gemachtigd om:
● de aankoop-verkoopbelofte uit te onderhandelen binnen de door de gemeenteraad vastgestelde krijtlijnen,
● de aankoop-verkoopbelofte te ondertekenen namens de gemeente Schelle,
● alle administratieve en juridische formaliteiten te vervullen die voortvloeien uit deze ondertekening,
● eventuele niet-substantiële wijzigingen in de contracttekst goed te keuren indien nodig voor de finalisering ervan.
Artikel 4:
Zodra de opschortende voorwaarden vervuld zijn, wordt het college gemachtigd om:
● de authentieke notariële verkoopakte te laten verlijden en te ondertekenen,
● alle noodzakelijke uitvoeringshandelingen te stellen die verband houden met deze verkoop.
Artikel 5:
Dit besluit treedt in werking overeenkomstig de bepalingen inzake administratief toezicht van het Decreet Lokaal Bestuur.
Rapportering Lokaal Energie- en Klimaatpact 1.0, 2.0 en 2.1 - Aktename.
De gemeenteraad,
Gelet op het ondertekenen door de gemeente Schelle van het Burgemeestersconvenant 2030, aangaande de duurzame ontwikkelingsdoelstellingen;
Gelet op het Lokaal Energie- en Klimaatpact van de Vlaamse Regering en de Vlaamse steden en gemeenten van 04.06.2021 aangaande het verbintenissen engagement inzake de algemene engagementen en de vier werven behoudend 17 specifieke doelstellingen;
Gelet op art. 2 van het Decreet Lokaal Bestuur: “De gemeenten zijn overeenkomstig artikel 41 van de Grondwet bevoegd voor de aangelegenheden van gemeentelijk belang. Voor de verwezenlijking daarvan kunnen ze alle initiatieven nemen. Ze beogen om bij te dragen aan de duurzame ontwikkeling van het gemeentelijk gebied";
Overwegende dat de gemeente Schelle het Lokaal Energie- en Klimaatpact 1.0 ondertekende op 27.08.2021;
Overwegende dat de gemeente Schelle het Lokaal Energie- en Klimaatpact 2.0 ondertekende op 06.10.2022;
Overwegende dat de gemeente Schelle het Lokaal Energie- en Klimaatpact 2.1 ondertekende op 25.05.2023;
Overwegende dat binnen het Lokaal Energie- en Klimaatpact een jaarlijkse inhoudelijke rapportering met betrekking tot de voortgang moet opgemaakt worden, dat na voorleggen aan de gemeenteraad bij Agentschap Binnenlands Bestuur moet ingediend worden;
Overwegende dat vanaf rapportering over 2025 de financiële rapportering gebeurt aan de hand van een bijlage met financiële verantwoording;
Overwegende dat hiervoor gebruik gemaakt wordt van het Lokaal Klimaatpactportaal, waar de Vlaamse overheid de monitoring van de doelstellingen bijhoudt;
Overwegend dat het LEKP uitgefaseerd wordt en vanaf 01.01.2027 zal verdwijnen. Tot de goedkeuring tot uitfasering door het Vlaams Parlement, blijven de LEKP 1.0 doelstellingen van kracht. In dit rapport wordt de tijdshorizon van de doelstellingen nog steeds weergegeven op 2030, maar weet dus dat het LEKP-engagement en het doelstellingenkader vanaf begin 2027 niet meer van kracht zijn;
Neemt akte:
Enig artikel:
De gemeenteraad neemt kennis van de rapportering voor 2025, zowel financieel als inhoudelijk, in verband met het Lokaal Energie- en Klimaatpact.
Marjan Nauwelaert Philip Lemal Stijn Van Hoofstat Koen Van de Wouwer Rob Mennes Chantal Jacobs Wannes Van Havere Inez Van den Berge Axel Boen Vera Goris Kristof Van Landeghem Rita Jacobs Lindger Boen Myriam Baeyens Koen Vaerten Leen Wyn Jef Gys Arne Vergauwen Stan Scholiers Kris Huyck Marjan Nauwelaert Philip Lemal Stijn Van Hoofstat Koen Van de Wouwer Rob Mennes Chantal Jacobs Wannes Van Havere Inez Van den Berge Axel Boen Vera Goris Kristof Van Landeghem Rita Jacobs Lindger Boen Myriam Baeyens Koen Vaerten Jef Gys Arne Vergauwen Stan Scholiers Kris Huyck Myriam Baeyens Axel Boen Koen Van de Wouwer Lindger Boen Stijn Van Hoofstat Arne Vergauwen Jef Gys Marjan Nauwelaert Inez Van den Berge Stan Scholiers Rob Mennes Vera Goris Philip Lemal Rita Jacobs Kristof Van Landeghem Wannes Van Havere Chantal Jacobs Kris Huyck Koen Vaerten aantal voorstanders: 13 , aantal onthouders: 6 , aantal tegenstanders: 0 Goedgekeurd
Masterplan openbare verlichting - Goedkeuring. - Goedgekeurd
De gemeenteraad,
Wettelijke basis
Gelet op de code van goede praktijk voor openbare verlichting;
Gelet op de aanbevelingen in de regelgeving en normen voor niet-residentiële buitenverlichting en lichthinder;
Gelet dat de Vlaamse overheid regels en vereisten heeft opgesteld ter bescherming van het milieu, fauna en flora;
Gelet dat een masterplan openbare verlichting voor elke stad of gemeente een hulpmiddel is voor een duurzaam beleid en meerjarenbegroting;
Gelet op het ondertekenen van het Burgemeestersconvenant 2030, aangaande de duurzame ontwikkelingsdoelstellingen;
Gelet op de doelstellingen geformuleerd in het Lokaal Energie- en Klimaatpact 1.0, 2.0 en 2.1;
Gelet op algemene milieuvoorwaarden zoals opgesteld in het Vlaamse uitvoeringsbesluit Vlarem inzake beheersing van hinder door licht;
Gelet op het collegebesluit van 24.11.2025 waarin het opstellen van het masterplan openbare verlichting goedgekeurd werd;
Gelet op het besluit van 30.03.2026 waarin het masterplan openbare verlichting goedgekeurd werd door het college van burgemeester en schepenen.
Motivering
De gemeente Schelle zette de afgelopen jaren sterk in op de verledding van haar straatverlichting. Momenteel telt de gemeente 989 verlichtingstoestellen waarvan ongeveer 3/4e reeds is omgeschakeld naar LED-verlichting. Een groot deel van deze verlichtingstoestellen laat toe de branduren en brandintensiteit flexibel aan te passen zodat de verlichting beter is afgestemd op de werkelijke behoeften van de omgeving. In de toekomst zullen alle verlichtingstoestellen van dit aanpasbare type zijn. Door reeds een masterplan op te stellen worden deze toestellen bij vervanging automatisch opgenomen in het toegewezen brandprogramma van de deelzones. Het is aangewezen om een masterplan openbare verlichting op te stellen om een allesomvattende visie voor de straatverlichting te bekomen.
Een ‘Masterplan Openbare Verlichting' is een hulpmiddel voor een duurzaam beleid en voor de meerjarenbegroting. Met dit plan worden de verschillende noden van de deelgebieden in de gemeente in kaart gebracht en wordt er aan de hand van deze informatie, verschillende brandprogramma's toegewezen aan de verlichtingstoestellen. Om deze verlichtingsnoden in kaart te brengen wordt er rekening gehouden met volgende elementen:
● verkeersveiligheid;
● verhogen van het veiligheidsgevoel;
● respect voor milieu en omgeving;
● sociale beleving;
● economische aspecten.
Door al deze elementen samen te brengen in één visie heeft het lokaal bestuur een stevige basis voor duurzame, doordachte en kwaliteitsvolle openbare verlichting die tegelijk als richtlijn dient voor toekomstige investeringsplannen.
In samenwerking met Fluvius werkt de gemeente aan:
● Duurzame en energiezuinige openbare verlichting, afgestemd op de noden van de inwoners;
● Worden er duidelijke richtlijnen vastgelegd voor hoe en waar openbare verlichting nodig is, met respect voor normen en richtlijnen;
● Wordt er aan een sterk fundament gewerkt voor investerings- en actieplannen die bijdragen aan veiligheid, comfort en efficiëntie.
Onder begeleiding van Fluvius werden de verschillende deelgebieden in kaart gebracht en werden er gepaste brandprogramma's geselecteerd. Dit plan werd voorgelegd aan Politiezone Rupel en Brandweerzone Rivierenland. Het gegeven advies werd verwerkt in het plan. Brandweerzone Rivierenland verstrekte geen advies.
Het 'Masterplan Openbare Verlichting' dient eenmalig goedgekeurd te worden door de gemeenteraad om de beleidsvisie vast te leggen. Individuele aanpassingen ten gevolge van: veranderingen aan het straatbeeld, veranderingen aan de noden van deelgebieden, veranderingen aan de lichtpunten, ... mogen aangepast worden zonder goedkeuring van de gemeenteraad.
Bijlagen:
● Masterplan openbare verlichting Schelle
● Gids brandprogramma's Fluvius
Beslist:
Met 13 stemmen voor (Philip Lemal, Rob Mennes, Axel Boen, Vera Goris, Stan Scholiers, Arne Vergauwen, Lindger Boen, Stijn Van Hoofstat, Jef Gys, Inez Van den Berge, Koen Van de Wouwer, Myriam Baeyens en Marjan Nauwelaert), 6 onthoudingen (Rita Jacobs, Koen Vaerten, Chantal Jacobs, Kris Huyck, Wannes Van Havere en Kristof Van Landeghem)
Artikel 1:
De gemeenteraad keurt het 'Masterplan Openbare Verlichting' goed.
Artikel 2:
Het goedgekeurde 'Masterplan Openbare Verlichting', samen met het gemeenteraadsbesluit wordt aan Fluvius bezorgd voor implementatie.
AGB Leningsovereenkomst investeringsenveloppe - Aktename.
De gemeenteraad,
Gelet op de gemeenteraadsbeslissing d.d. 29.09.2005 waarin de oprichting en de statuten van het Autonoom Gemeentebedrijf Fluctus Schelle, afgekort AGB Fluctus Schelle, werden goedgekeurd;
Gelet op de goedkeuring van de gemeenteraadsbeslissing van 29.09.2005 door de Vlaamse minister van Binnenlands Bestuur, Stedenbeleid, Wonen en Inburgering op 23.12.2005 en de publicatie van deze beslissing in het Belgisch Staatsblad van 13.01.2006;
Gelet op het prijssubsidiereglement dat werd goedgekeurd op 30.12.2019 en gewijzigd op 15.11.2021;
Gelet op het Decreet Lokaal Bestuur;
Gelet op de beheersovereenkomst tussen de gemeente en het AGB Fluctus Schelle;
Overwegende het meerjarenplan 2020-2025 van het Autonoom Gemeentebedrijf Fluctus Schelle;
Overwegende dat de transactiekredieten in de investeringsenveloppe 2025: 53.067,80 euro bedraagt;
Overwegende dat de liquiditeitspositie van het AGB geen integrale en onmiddellijke financiering van de transactiekredieten toelaat; dat het aangewezen is dat de gemeente ter financiering een lening toestaat aan het AGB;
Overwegende dat voorafgaande beslissing nr. 2010.047 d.d. 30.03.2010 bevestigt dat het renteloze karakter van een lening die wordt verstrekt door een gemeente aan een AGB niet wordt aangemerkt als een verkregen abnormaal of goedgunstig voordeel in hoofde van het AGB;
Na toelichting en beraadslaging;
Neemt akte:
Enig artikel:
De gemeenteraad neemt akte van volgende leningsovereenkomst:
LENINGSOVEREENKOMST TRANSACTIEKREDIETEN INVESTERINGSPORTEFEUILLE 2025
Tussen:
De GEMEENTE SCHELLE, met zetel te te 2627 Schelle, Fabiolalaan 55, hier vertegenwoordigd door:
- de voorzitter van de gemeenteraad, zijnde de heer Philip Lemal;
- de algemeen directeur, zijnde mevrouw Leen Wyn;
Overeenkomstig artikel 252 e.v. van het Gemeentedecreet van 15 juli 2005 is dit besluit van de gemeenteraad onmiddellijk uitvoerbaar doch onderworpen aan het algemeen administratief toezicht van de provinciegouverneur;
hierna genoemd ‘Uitlener’, enerzijds en
Het AUTONOOM GEMEENTEBEDRIJF FLUCTUS SCHELLE, afgekort “AGB Fluctus Schelle”, met zetel te 2627 Schelle, Fabiolalaan 55, en ondernemingsnummer 0879.775.746, hier vertegenwoordigd door de voorzitter van de raad van bestuur, zijnde de heer Rob Mennes.
Opgericht bij besluit van de gemeenteraad van de Gemeente Schelle op 29 september 2005 en goedgekeurd door de Vlaamse minister van Binnenlands Bestuur, Stedenbeleid, Wonen en Inburgering op 23 december 2005 en de publicatie van deze beslissing in het Belgisch Staatsblad van 13 januari 2006.
Overeenkomstig artikel 252 e.v. van het Gemeentedecreet van 15 juli 2005 is dit besluit van de raad van bestuur onmiddellijk uitvoerbaar doch onderworpen aan het algemeen administratief toezicht van de provincie gouverneur;
hierna genoemd ‘Lener’, anderzijds;
hierna samen genoemd ‘de Partijen’;
wordt een leningsovereenkomst gesloten met volgende voorwaarden:
Art. 1 – Voorwerp
De 'Uitlener' verleent een lening aan de 'Lener', die de lening aanvaardt, gelijk aan de hoofdsom, met de duurtijd en volgens de regeling en de voorwaarden, zoals die hierna worden bepaald.
Art. 2 – Hoofdsom
De 'Lener' erkent aan de 'Uitlener' de som van 53.067,80 euro verschuldigd te zijn.
Art. 3 – Doel van de lening
De lening zal uitsluitend worden aangewend voor de financiering van de transactiekredieten van de investeringsenveloppe 2025.
Het bedrag van de lening wordt aan de 'Lener' terbeschikking gesteld door opnamen via de rekening-courant tussen de 'Uitlener' en de 'Lener'.
Elke aanwending van het ontleende bedrag in strijd met deze overeenkomst heeft van rechtswege de onmiddellijke opeisbaarheid van het openstaande bedrag tot gevolg.
Art. 4 – Duurtijd
Deze lening is toegestaan voor een termijn tot 31.12.2034.
Tussen de partijen is uitdrukkelijk overeengekomen dat al de bepalingen van de huidige overeenkomst na de vervaltijd van toepassing zullen blijven ingeval de terugbetaling, om het even welke reden, niet op de vastgestelde datum zou geschieden en dit zonder alsdan afbreuk te doen aan de eisbaarheid.
Art. 5 – Vaststelling renteloosheid
Er is door de 'Lener' geen enkele rente verschuldigd gedurende de volledige periode dat de lening loopt.
Art. 6 – Terugbetaling
De 'Lener' verbindt zich er toe om het ontleende bedrag als volgt terug te betalen:
Bedrag 53.067,80 | Vervaldag | Aflossing | Intrest 0% | Kapitaal | Uitstaand |
1 | 31.12.2025 | 3.577,96 | 0 | 3.577,96 | 49.489,84 |
2 | 31.12.2026 | 1.279,98 | 0 | 1.279,98 | 48.209,85 |
3 | 31.12.2027 | 1.279,98 | 0 | 1.279,98 | 46.929,87 |
4 | 31.12.2028 | 1.279,98 | 0 | 1.279,98 | 45.649,89 |
5 | 31.12.2029 | 1.279,98 | 0 | 1.279,98 | 44.369,91 |
6 | 31.12.2030 | 9.230,72 | 0 | 9.230,72 | 35.139,19 |
7 | 31.12.2031 | 8.784,80 | 0 | 8.784,80 | 26.354,39 |
Bedrag | Vervaldag | Aflossing | Intrest 0% | Kapitaal | Uitstaand |
8 | 31.12.2032 | 8.784,80 |
| 8.784,80 | 17.569,60 |
9 | 31.12.2033 | 8.784,80 |
| 8.784,80 | 8.784,80 |
10 | 31.12.2034 | 8.784,80 |
| 8.784,80 | 0 |
De eerste vervaldag is 31 december van het jaar van ingebruikname van het actief.
De terugbetaling gebeurt in eerste instantie door middel van schuldvergelijking met de prijssubsidies die door de 'Uitlener' aan de 'Lener' verschuldigd zijn. De 'Lener' machtigt de 'Uitlener' om het passende bedrag op de prijssubsidies in te houden en te boeken als schuld aan de 'Lener'. Deze inhoudingen worden gelijk gespreid over de vier kwartalen (behoudens akkoord van het directiecomité met een afwijking op de gelijke spreiding over de kwartalen).
Indien de prijssubsidies, die door de 'Uitlener' aan de 'Lener' worden toegekend, niet volstaan om de terugbetalingen te voldoen, is het saldo op de vervaldag betaalbaar op rekening BE12 0910 0011 3092 van de 'Uitlener'.
Art. 7 – Boete bij te late terugbetaling
Over te laat terugbetaalde bedragen is door de 'Lener' bij wijze van boete rente verschuldigd tegen het op dat ogenblik geldende Euribor rentepercentage (minimaal 0,00%), verhoogd met 100 basispunten en zulks ten belope van het aantal maanden laattijdigheid waarbij iedere begonnen maand als een volledige maand zal worden aangerekend. De 'Uitlener' is bevoegd onmiddellijke betaling daarvan te verlangen.
Ingeval van niet-betaling binnen de vijftien (15) dagen na aanmaning bij ter post aangetekende brief wordt het volledige bedrag der lening onmiddellijk opeisbaar en zal het gehele nog verschuldigde bedrag vermeerderd worden met de rente zoals in vorige alinea berekend.
Art. 8 – Opeisbaarheid
Alle uit hoofde van de lening verschuldigde bedragen kunnen met onmiddellijke ingang worden opgeëist en de lening geldt bij opeising als opgezegd indien:
× de 'Lener' in strijd handelt met deze overeenkomst en het verzuim niet is te herstellen;
× de 'Lener' in strijd handelt met deze overeenkomst en de 'Lener' niet alsnog nagekomen heeft binnen 30 dagen na sommatie per aangetekend schrijven of een langere termijn in de sommatie genoemd, zich in regel te stellen.
Bij niet-naleving door de 'Lener' van haar verplichting(en) heeft de 'Uitlener' het recht onverminderd alle persoonlijke vorderingen en dwangmaatregelen in het algemeen verhaal uit te oefenen op al de goederen van de 'Lener' zowel roerende als onroerende. Alle kosten van beslag, inbegrepen van bewarend beslag, zijn ten laste van de 'Lener'.
Art. 9 – Wijzigingen
Deze leningsovereenkomst bevat de integrale overeenkomst tussen de 'Uitlener' en de 'Lener' en vervangt alle andere mondelinge of schriftelijke overeenkomsten tussen de partijen. Deze overeenkomst kan enkel schriftelijk en via uitdrukkelijk akkoord tussen de partijen worden gewijzigd.
Art. 10 – Niet-overdraagbaarheid
Behoudens in gevallen, vermeld in onderhavige overeenkomst, kan deze overeenkomst, noch enige rechten daarin, geheel of gedeeltelijk worden overgedragen aan derde partijen.
Art. 11 – Toepasselijk recht
Deze leningsovereenkomst renteloze lening is onderworpen aan het Belgisch recht. Enkel de hoven en rechtbanken van de woonplaats van de 'Uitlener' zijn bevoegd.
Art. 12 – Splitsbaarheid
De nietigheid van één der artikelen van deze overeenkomst of een deel daarvan, tast de geldigheid van de overige bepalingen van deze overeenkomst niet aan, noch van de overeenkomst in haar geheel. Hun afdwingbaarheid blijft onverminderd tot wat wettelijk toegelaten is.
Ingeval van ongeldigheid of onafdwingbaarheid van enige bepaling van de overeenkomst zullen de partijen te goeder trouw onderhandelen teneinde deze te vervangen door een bepaling die zoveel mogelijk hetzelfde effect teweegbrengt als de ongeldige of onafdwingbare bepaling.
Evenzo zullen partijen te goeder trouw onderhandelen teneinde een voor iedere partij aanvaardbare oplossing te vinden indien zich een situatie voordoet die niet voorzien is in de overeenkomst.
Aldus opgemaakt en ondertekend te Schelle op 23 april 2026 in twee originele exemplaren waarvan elke partij erkent er één te hebben ontvangen.
Marjan Nauwelaert Philip Lemal Stijn Van Hoofstat Koen Van de Wouwer Rob Mennes Chantal Jacobs Wannes Van Havere Inez Van den Berge Axel Boen Vera Goris Kristof Van Landeghem Rita Jacobs Lindger Boen Myriam Baeyens Koen Vaerten Leen Wyn Jef Gys Arne Vergauwen Stan Scholiers Kris Huyck Marjan Nauwelaert Philip Lemal Stijn Van Hoofstat Koen Van de Wouwer Rob Mennes Chantal Jacobs Wannes Van Havere Inez Van den Berge Axel Boen Vera Goris Kristof Van Landeghem Rita Jacobs Lindger Boen Myriam Baeyens Koen Vaerten Jef Gys Arne Vergauwen Stan Scholiers Kris Huyck Wannes Van Havere Philip Lemal Stijn Van Hoofstat Lindger Boen Inez Van den Berge Rob Mennes Vera Goris Axel Boen Jef Gys Stan Scholiers Arne Vergauwen Koen Vaerten Marjan Nauwelaert Koen Van de Wouwer Myriam Baeyens Chantal Jacobs Kristof Van Landeghem Rita Jacobs Kris Huyck aantal voorstanders: 13 , aantal onthouders: 4 , aantal tegenstanders: 2 Goedgekeurd
Retributie op het afleveren van administratieve stukken: aanpassing - Goedkeuring. - Goedgekeurd
De gemeenteraad,
Gelet op het retributiereglement, goedgekeurd door de gemeenteraad d.d. 20.11.2025 houdende "Retributie op het afleveren van administratieve stukken en het leveren van administratieve prestaties.";
Gelet op het nieuwsbericht van Vlaanderen d.d. 23.03.2026, waarin verduidelijking wordt gegeven inzake de gemeentelijke vergoedingen bij verblijfs- en nationaliteitsprocedures;
Overwegende dat in dit nieuwsbericht wordt aangegeven dat een verbintenis tot tenlasteneming (3bis) niet aangerekend mag worden;
Beslist:
Met 13 stemmen voor (Philip Lemal, Rob Mennes, Axel Boen, Vera Goris, Stan Scholiers, Arne Vergauwen, Koen Vaerten, Lindger Boen, Stijn Van Hoofstat, Jef Gys, Inez Van den Berge, Wannes Van Havere en Marjan Nauwelaert), 2 stemmen tegen (Koen Van de Wouwer en Myriam Baeyens), 4 onthoudingen (Rita Jacobs, Chantal Jacobs, Kris Huyck en Kristof Van Landeghem)
Artikel 1:
Het retributiereglement wordt aangepast, rekening houdend met de richtlijnen van Vlaanderen. Dit reglement treedt in werking met terugwerkende kracht, met ingang van 1 januari 2026, voor de aflevering van administratieve prestaties.
Artikel 2:
Tarieven administratieve stukken
2.1. Op afgifte van elektronische identiteitskaarten aan Belgen
● Nieuwe kaart, vernieuwing of vervanging: tarief FOD + 5 euro;
● Voor dringende aanvragen: tarief FOD + 30 euro;
● Voor zeer dringende aanvragen: tarief FOD + 30 euro.
2.2. Op afgifte van elektronische vreemdelingenkaarten aan niet-Belgen
● Nieuwe kaart, vernieuwing of vervanging: tarief FOD + 5 euro;
● Voor dringende aanvragen: tarief FOD + 30 euro.
2.3. Op afgifte van een kids-ID aan Belgische kinderen (-12 jaar)
● Nieuwe kaart, vernieuwing of vervanging: tarief FOD + 2 euro;
● Voor dringende aanvragen: tarief FOD + 30 euro;
● Voor zeer dringende aanvragen: tarief FOD + 30 euro.
2.4. Op afgifte van een identiteitsbewijs aan niet-Belgische kinderen (-12 jaar)
● Nieuwe kaart, vernieuwing of vervanging: tarief FOD + 2 euro;
● Voor dringende aanvragen: tarief FOD + 30 euro.
2.5. Op afgifte van paspoorten
● Gewone procedure < 18 jaar: tarief FOD + 2 euro;
● Gewone procedure > of = 18 jaar: tarief FOD + 5 euro;
● Spoedprocedure < 18 jaar: tarief FOD + 30 euro;
● Spoedprocedure > of = 18 jaar: tarief FOD + 30 euro;
● Super spoedprocedure < 18 jaar: tarief FOD + 50 euro;
● Super spoedprocedure > of = 18 jaar: tarief FOD + 50 euro.
2.6. Op afgifte van reistitels (voor vluchtelingen, staatlozen en vreemdelingen)
● Gewone procedure < 18 jaar: tarief FOD + 2 euro;
● Gewone procedure > of = 18 jaar: tarief FOD + 5 euro;
● Spoedprocedure < 18 jaar: tarief FOD + 30 euro;
● Spoedprocedure > of = 18 jaar: tarief FOD + 30 euro.
2.7. Op afgifte attest van immatriculatie
● Nieuwe kaart, vernieuwing of vervanging: tarief FOD + 5 euro.
2.8. Op afgifte rijbewijzen
● Gewone procedure: nieuw of voorlopig rijbewijs: tarief FOD + 5 euro;
● Internationale rijbewijzen: tarief FOD + 5 euro.
2.9. Registratie samenwonen:
● Registratie van wettelijk samenwonenden: vrijstelling;
● Beëindiging van wettelijk samenwonenden: vrijstelling;
● Eénzijdige beëindiging van wettelijk samenwonenden met tussenkomst deurwaarder: 350 euro.
2.10. Bij afleveren van de vergunning tot wijziging voornaam:
● Gewone voornaamswijziging: 500 euro;
● Voornaamswijziging transgender: 50 euro;
● Voornaamswijziging vreemdeling zonder officiële voornaam die de Belgische nationaliteit aanvragen/hebben: vrijstelling.
Artikel 3:
Tarieven administratieve prestaties
3.1 Afleveren van allerhande documenten burgerzaken:
● Op papier: 5 euro/stuk;
● Digitaal: 0 euro (via mijn dossier, mijn burgerprofiel, just on web, ...).
3.2 Bij voltrekking van een huwelijk:
● Tijdens kantooruren op weekdag: 75 euro;
● Zaterdagvoormiddag: 100 euro.
3.3 Aanvraag nieuwe PIN/PUK codes identiteitskaart: 5 euro
3.4 Samenstelling van het administratieve dossier inzake nationaliteit: 50 euro
3.5 Behandelingskost verblijfsaanvraag en statuutwijziging in vreemdelingendossiers: 50 euro indien de dossierkost aan DVZ werd voldaan.
Artikel 4:
Vrijstellingen
Van de retributies worden vrijgesteld:
● De stukken die kosteloos moeten afgeleverd worden krachtens een wet, een koninklijk besluit of een andere overheidsverordening kosteloos door de gemeente;
● De afgifte van stukken welke krachtens een wet, een koninklijk besluit of een overheidsverordening reeds aan de betaling van een belasting of retributie ten behoeve van de gemeente onderworpen is. Uitzondering wordt gemaakt voor de rechten welke de met het afgeven van reispassen belaste gemeenten ambtshalve toekomen volgens tarieven gevoegd bij de wet op de consulaire- en kanselarijrechten;
● De stukken welke aan behoeftige personen worden afgeleverd; de behoeftigheid wordt vastgesteld door elk overtuigend bewijsstuk;
● Geldigverklaring van aanvraagformulieren voor vermindering op biljetten van de NMBS, VVM De Lijn en de openbare autobusdiensten;
● De adresaanvragen en aanvragen om inlichtingen, uitgaande van gerechtsdeurwaarders, gerechtelijke overheden, openbare besturen en daarmee gelijkgestelde instellingen van openbaar nut, indien er voor die vragen een wettelijke rechtsgrond bestaat;
● De verlenging van de geldigheidsduur van het rijbewijs categorie A3, A, B, B+E en G (groep 1) om medische redenen.
Artikel 5:
Wijze van inning
De retributies moeten contant (bancontact of cash) betaald worden bij de aanvraag of uiterlijk bij het afleveren van de stukken of het leveren van de administratieve prestaties.
Artikel 6:
Invordering
Bij gebrek aan betaling in der minne, zal de retributie burgerrechtelijk ingevorderd worden voor wat betreft het betwiste gedeelte. De invordering van het niet-betwist gedeelte zal door middel van een dwangbevel, voorzien in artikel 177 van het decreet over het lokaal bestuur, geschieden.
Artikel 7:
Dit reglement vervangt alle voorgaande reglementen.
Artikel 8:
Dit reglement wordt bekend gemaakt via de gemeentelijke website overeenkomstig artikel 286 van het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017.
De bekendmaking van dit reglement wordt aan de toezichthoudende overheid ter kennis gebracht overeenkomstig artikel 330 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017.
Marjan Nauwelaert Philip Lemal Stijn Van Hoofstat Koen Van de Wouwer Rob Mennes Chantal Jacobs Wannes Van Havere Inez Van den Berge Axel Boen Vera Goris Kristof Van Landeghem Rita Jacobs Lindger Boen Myriam Baeyens Koen Vaerten Leen Wyn Jef Gys Arne Vergauwen Stan Scholiers Kris Huyck Marjan Nauwelaert Philip Lemal Stijn Van Hoofstat Koen Van de Wouwer Rob Mennes Chantal Jacobs Wannes Van Havere Inez Van den Berge Axel Boen Vera Goris Kristof Van Landeghem Rita Jacobs Lindger Boen Myriam Baeyens Koen Vaerten Jef Gys Arne Vergauwen Stan Scholiers Kris Huyck Vera Goris Lindger Boen Wannes Van Havere Arne Vergauwen Rita Jacobs Kristof Van Landeghem Koen Vaerten Chantal Jacobs Kris Huyck Stan Scholiers Myriam Baeyens Stijn Van Hoofstat Philip Lemal Rob Mennes Jef Gys Inez Van den Berge Koen Van de Wouwer Axel Boen Marjan Nauwelaert aantal voorstanders: 19 , aantal onthouders: 0 , aantal tegenstanders: 0 Goedgekeurd
Aanpassing van uniforme codex delen A en C van politieverorderingen - Goedkeuring. - Goedgekeurd
De gemeenteraad,
Gelet op artikel 135, §2 van de nieuwe gemeentewet houdende de bevoegdheid van de
gemeente te voorzien in een goede politie ten behoeve van de inwoners met name over
zindelijkheid, de gezondheid, de veiligheid en de rust op openbare wegen en plaatsen en in openbare gebouwen inzonderheid op punt 7° met betrekking tot de opmaak van
politiebevorderingen voor het tegen gaan van alle vormen voor het tegengaan van alle
vormen van openbare overlast;
Gelet op artikel 119bis van de nieuwe gemeentewet houdende de toepassing van
gemeentelijke administratieve sancties;
Gelet op het decreet lokaal bestuur, inzonderheid op de artikels 40,41, §2, 2°;
Gelet op de wet van 24.06.2013 betreffende GAS;
Gezien er na overleg tussen de verschillende gemeenten en de politiezone een aantal
wijzigingen werden gemaakt aan de uniforme codex deel A en C;
Beslist:
Met 19 stemmen voor (Philip Lemal, Rob Mennes, Axel Boen, Vera Goris, Stan Scholiers, Arne Vergauwen, Rita Jacobs, Koen Vaerten, Chantal Jacobs, Kris Huyck, Lindger Boen, Stijn Van Hoofstat, Jef Gys, Inez Van den Berge, Wannes Van Havere, Koen Van de Wouwer, Myriam Baeyens, Kristof Van Landeghem en Marjan Nauwelaert)
Enig artikel:
De gemeenteraad keurt de aanpassing van algemeen bestuurlijke politieverordening intergemeentelijke codex deel A en reglement gemeentelijke administratieve sancties deel C - GAS goed.
Marjan Nauwelaert Philip Lemal Stijn Van Hoofstat Koen Van de Wouwer Rob Mennes Chantal Jacobs Wannes Van Havere Inez Van den Berge Axel Boen Vera Goris Kristof Van Landeghem Rita Jacobs Lindger Boen Myriam Baeyens Koen Vaerten Leen Wyn Jef Gys Arne Vergauwen Stan Scholiers Kris Huyck Marjan Nauwelaert Philip Lemal Stijn Van Hoofstat Koen Van de Wouwer Rob Mennes Chantal Jacobs Wannes Van Havere Inez Van den Berge Axel Boen Vera Goris Kristof Van Landeghem Rita Jacobs Lindger Boen Myriam Baeyens Koen Vaerten Jef Gys Arne Vergauwen Stan Scholiers Kris Huyck Koen Van de Wouwer Chantal Jacobs Inez Van den Berge Stijn Van Hoofstat Rob Mennes Wannes Van Havere Rita Jacobs Jef Gys Stan Scholiers Kris Huyck Koen Vaerten Marjan Nauwelaert Axel Boen Myriam Baeyens Kristof Van Landeghem Philip Lemal Arne Vergauwen Vera Goris Lindger Boen aantal voorstanders: 19 , aantal onthouders: 0 , aantal tegenstanders: 0 Goedgekeurd
OFP Prolocus documenten in het kader van het revisietraject 2025 - Goedkeuring. - Goedgekeurd
De gemeenteraad,
Overwegende dat het OFP PROLOCUS in de eerste helft van 2025 een aantal sleuteldocumenten herzien heeft in het kader van haar revisietraject “passiva-zijde”[1], met name:
● het financieringsplan;
● de beheersovereenkomst;
Overwegende dat het voornamelijk gaat om technisch-juridische aanpassingen, met als doel om de teksten beter te laten aansluiten bij de praktijk;
Overwegende dat er daarnaast ook een aantal inhoudelijke wijzigingen werden aangebracht, zoals bijvoorbeeld in de beheersovereenkomst:
● de transparante beschrijving van de aangepaste (goedkopere) kostenregeling;
● het inschrijven van een aantal aansprakelijkheidsbeperkingen n.a.v. een wijziging van het Burgerlijk Wetboek;
● het bepalen van een praktische regeling m.b.t. de verworven pensioenrechten van aangeslotenen van een fusiebestuur dat haar pensioenverplichtingen niet langer toevertrouwt aan het OFP Prolocus, enz.;
en in het financieringsplan:
● het vervangen van een aantal niet-gebruikte RSZ-inningspercentages door andere RSZ-inningspercentages die moeten toelaten om in de toekomst voor een aantal besturen fijnmaziger te innen;
● beschrijving van de praktische toepassing van de pre-financiering bij fusies van besturen enz.;
Overwegende dat in het kader van het revisietraject ook een aantal technisch-juridische wijzigingen aan het Kaderreglement Tweede Pensioenpijler Contractanten (hierna “het Kaderreglement”) en aan het Bijzonder Reglement werden voorgesteld, hoofdzakelijk met als doel om het beheer van het DC-Plan te vereenvoudigen;
Overwegende dat ook het Kaderreglement zelf bepaalde dat het begin 2025 door de sociale partners moest geëvalueerd worden, met mogelijks een bijsturing tot gevolg;
Overwegende dat de voorgestelde wijzigingen aan het Kaderreglement besproken werden in het Comité C1;
Overwegende dat bovenvermelde documenten goedgekeurd werden op de Raad van Bestuur van het OFP Prolocus van 23.05.2025, en bekrachtigd werden op de Algemene Vergadering van 17.06.2025;
Overwegende dat het Kaderreglement werd goedgekeurd in het Protocol van Akkoord van 12.11.2025 van het Comité C1;
Overwegende dat in navolging van het bovenvermelde aan het bestuur gevraagd wordt om de wijzigingen aan haar Bijzonder Reglement goed te keuren, en om in te stemmen met de Bijlage bij de Toetredingsakte tot goedkeuring van de wijzigingen aan de beheersovereenkomst en het financieringsplan;
Beslist:
Met 19 stemmen voor (Philip Lemal, Rob Mennes, Axel Boen, Vera Goris, Stan Scholiers, Arne Vergauwen, Rita Jacobs, Koen Vaerten, Chantal Jacobs, Kris Huyck, Lindger Boen, Stijn Van Hoofstat, Jef Gys, Inez Van den Berge, Wannes Van Havere, Koen Van de Wouwer, Myriam Baeyens, Kristof Van Landeghem en Marjan Nauwelaert)
Artikel 1:
De gemeenteraadheeft kennis genomen van de wijzigingen aan de beheersovereenkomst en het financieringsplan, alsook van het gewijzigde Kaderreglement en het in uitvoering daarvan gewijzigde Bijzonder Reglement.
Artikel 2:
De gemeenteraad keurt de wijzigingen aan haar Bijzonder Reglement goed.
Artikel 3:
De gemeenteraad stemt in met de Bijlage bij de Toetredingsakte tot goedkeuring van de wijzigingen aan de beheersovereenkomst en het financieringsplan.
Artikel 4:
De gemeenteraad geeft aan de burgemeester en de algemeen directeur het mandaat om de Bijlage bij de Toetredingsakte en het Bijzonder Reglement te ondertekenen, en verzoekt om deze documenten op de gevraagde wijze zo spoedig mogelijk ter beschikking te stellen van het OFP Prolocus.
[1] Dit is het revisietraject dat betrekking heeft op de pensioenverplichtingen; in 2026 wordt het revisietraject met betrekking tot de “activa-zijde” (de assets) uitgevoerd.
Marjan Nauwelaert Philip Lemal Stijn Van Hoofstat Koen Van de Wouwer Rob Mennes Chantal Jacobs Wannes Van Havere Inez Van den Berge Axel Boen Vera Goris Kristof Van Landeghem Rita Jacobs Lindger Boen Myriam Baeyens Koen Vaerten Leen Wyn Jef Gys Arne Vergauwen Stan Scholiers Kris Huyck Marjan Nauwelaert Philip Lemal Stijn Van Hoofstat Koen Van de Wouwer Rob Mennes Chantal Jacobs Wannes Van Havere Inez Van den Berge Axel Boen Vera Goris Kristof Van Landeghem Rita Jacobs Lindger Boen Myriam Baeyens Koen Vaerten Jef Gys Arne Vergauwen Stan Scholiers Kris Huyck Arne Vergauwen Rob Mennes Stijn Van Hoofstat Vera Goris Stan Scholiers Axel Boen Inez Van den Berge Lindger Boen Marjan Nauwelaert Philip Lemal Jef Gys Myriam Baeyens Koen Van de Wouwer Wannes Van Havere Kris Huyck Koen Vaerten Kristof Van Landeghem Rita Jacobs Chantal Jacobs aantal voorstanders: 11 , aantal onthouders: 8 , aantal tegenstanders: 0 Goedgekeurd
Algemene vergadering Cipal (C-smart) d.d. 25.06.2026: goedkeuring van de statutenwijziging en vaststellen van het mandaat van de vertegenwoordiger - Goedkeuring. - Goedgekeurd
De gemeenteraad,
Bevoegdheid
De gemeenteraad is bevoegd op grond van de artikelen 40 en 41 van het decreet van 22.12.2017 over het lokaal bestuur (hierna “DLB”).
Juridisch kader
Artikel 427 DLB beschrijft de procedure van statutenwijzigingen van de dienstverlenende en opdrachthoudende verenigingen.
Feitelijke context
De gemeente is deelnemer van de dienstverlenende vereniging Cipal (C-smart).
De raad van bestuur stelt voor de officiële naam van de dienstverlenende vereniging te wijzigen in “C-smart”. De naam C-smart wordt vandaag reeds door de dienstverlenende vereniging gebruikt als merknaam voor haar dienstverlening, waaronder de rol van aankoopcentrale.
De statuten regelen de organisatie en de werking van de dienstverlenende vereniging. Het ontwerp van statutenwijziging werd samen met het advies van de Vlaamse Regering over de statutenwijziging op 27.03.2026 via e-mail overgemaakt.
Artikel 427 DLB bepaalt dat uiterlijk negentig kalenderdagen voor de algemene vergadering die de statutenwijzigingen moet beoordelen, een door de raad van bestuur opgesteld ontwerp samen met het advies van de Vlaamse Regering over de statutenwijzigingen aan alle deelnemers wordt voorgelegd. De beslissingen daarover van hun raden die de oorspronkelijke statuten hebben goedgekeurd, bepalen het mandaat van de respectieve vertegenwoordigers op de algemene vergadering en worden bij het verslag gevoegd. De algemene vergadering waarvan sprake in deze alinea wordt voorzien op 25.06.2026.
Verantwoording
De voorgelegde statutenwijziging strekt tot wijziging van de naam van de dienstverlenende vereniging.
Volgens het advies van de Vlaamse Regering is deze wijziging in overeenstemming met het recht.
Er zijn geen bezwaren voorhanden om goedkeuring van de voorgelegde statutenwijziging te weigeren.
Beslist:
Met 11 stemmen voor (Philip Lemal, Rob Mennes, Axel Boen, Vera Goris, Stan Scholiers, Arne Vergauwen, Lindger Boen, Stijn Van Hoofstat, Jef Gys, Inez Van den Berge en Marjan Nauwelaert), 8 onthoudingen (Rita Jacobs, Koen Vaerten, Chantal Jacobs, Kris Huyck, Wannes Van Havere, Koen Van de Wouwer, Myriam Baeyens en Kristof Van Landeghem)
Artikel 1:
Het ontwerp van statutenwijziging van de dienstverlenende vereniging Cipal (C-smart), medegedeeld bij e-mail van 27 maart 2026 en te behandelen op de algemene vergadering van 25 juni 2026 wordt goedgekeurd.
Artikel 2:
De vertegenwoordiger van de gemeente Lindger Boen met als plaatsvervanger Stijn Van Hoofstat wordt gemandateerd om op de algemene vergadering van de dienstverlenende vereniging Cipal (C-smart) van 25 juni 2026 te handelen en te beslissen conform dit besluit. Indien deze algemene vergadering niet geldig zou kunnen beraadslagen of indien deze algemene vergadering om welke reden dan ook zou worden verdaagd, dan blijft de vertegenwoordiger van de gemeente gemachtigd om deel te nemen aan elke volgende vergadering met dezelfde agenda.
Artikel 3:
Het college van burgemeester en schepenen wordt gelast met de uitvoering van dit besluit en in het bijzonder met het in kennis stellen daarvan aan de dienstverlenende vereniging Cipal (C-smart).
Marjan Nauwelaert Philip Lemal Stijn Van Hoofstat Koen Van de Wouwer Rob Mennes Chantal Jacobs Wannes Van Havere Inez Van den Berge Axel Boen Vera Goris Kristof Van Landeghem Rita Jacobs Lindger Boen Myriam Baeyens Koen Vaerten Leen Wyn Jef Gys Arne Vergauwen Stan Scholiers Kris Huyck Marjan Nauwelaert Philip Lemal Stijn Van Hoofstat Koen Van de Wouwer Rob Mennes Chantal Jacobs Wannes Van Havere Inez Van den Berge Axel Boen Vera Goris Kristof Van Landeghem Rita Jacobs Lindger Boen Myriam Baeyens Koen Vaerten Jef Gys Arne Vergauwen Stan Scholiers Kris Huyck Stijn Van Hoofstat Axel Boen Arne Vergauwen Lindger Boen Inez Van den Berge Rob Mennes Vera Goris Philip Lemal Jef Gys Stan Scholiers Marjan Nauwelaert Koen Van de Wouwer Kris Huyck Chantal Jacobs Wannes Van Havere Myriam Baeyens Kristof Van Landeghem Koen Vaerten Rita Jacobs aantal voorstanders: 11 , aantal onthouders: 8 , aantal tegenstanders: 0 Goedgekeurd
Algemene vergadering van Fluvius d.d. 17.06.2026: goedkeuren van de agenda en vaststellen van het mandaat van de vertegenwoordiger - Goedkeuring. - Goedgekeurd
De gemeenteraad,
Gelet op het feit dat de gemeente voor één of meerdere activiteiten aangesloten is bij de opdrachthoudende vereniging Fluvius Antwerpen;
Gelet op het feit dat de gemeente per aangetekend schrijven van 02.04.2026 werd opgeroepen om deel te nemen aan de Algemene Vergadering tevens jaarvergadering van Fluvius Antwerpen die op 17.06.2026 plaatsheeft in “Vestar, Lamorinièrestraat 53 te 2018 Antwerpen”;
Gelet op het feit dat een dossier met documentatiestukken aan de gemeente overgemaakt werd op 02.04.2026;
Gelet op het artikel 432, alinea 3 van het decreet over het lokaal bestuur, waarbij bepaald wordt dat de vaststelling van het mandaat van de vertegenwoordiger dient te worden herhaald voor elke Algemene Vergadering;
Beslist:
Met 11 stemmen voor (Philip Lemal, Rob Mennes, Axel Boen, Vera Goris, Stan Scholiers, Arne Vergauwen, Lindger Boen, Stijn Van Hoofstat, Jef Gys, Inez Van den Berge en Marjan Nauwelaert), 8 onthoudingen (Rita Jacobs, Koen Vaerten, Chantal Jacobs, Kris Huyck, Wannes Van Havere, Koen Van de Wouwer, Myriam Baeyens en Kristof Van Landeghem)
Artikel 1:
Zijn goedkeuring te hechten aan de agenda van de Algemene Vergadering tevens jaarvergadering van de opdrachthoudende vereniging Fluvius Antwerpen d.d. 17 juni 2026:
Artikel 2:
De vertegenwoordiger van de gemeente de heer Stijn Van Hoofstat met als plaatsvervanger de heer Lindger Boen die zal deelnemen aan de Algemene Vergadering tevens jaarvergadering van de opdrachthoudende vereniging Fluvius Antwerpen op 17 juni 2026 (of iedere andere datum waarop deze uitgesteld of verdaagd zou worden), op te dragen zijn stemgedrag af te stemmen op de beslissingen genomen in de gemeenteraad van heden inzake voormeld artikel 1 van onderhavige beslissing.
Artikel 3:
Het college van burgemeester en schepenen te gelasten met de uitvoering van voormelde beslissingen en onder meer kennisgeving hiervan te verrichten aan de opdrachthoudende vereniging Fluvius Antwerpen, ter attentie van het secretariaat (in pdf-versie), uitsluitend op het e-mailadres vennootschapssecretariaat@fluvius.be.
Marjan Nauwelaert Philip Lemal Stijn Van Hoofstat Koen Van de Wouwer Rob Mennes Chantal Jacobs Wannes Van Havere Inez Van den Berge Axel Boen Vera Goris Kristof Van Landeghem Rita Jacobs Lindger Boen Myriam Baeyens Koen Vaerten Leen Wyn Jef Gys Arne Vergauwen Stan Scholiers Kris Huyck Marjan Nauwelaert Philip Lemal Stijn Van Hoofstat Koen Van de Wouwer Rob Mennes Chantal Jacobs Wannes Van Havere Inez Van den Berge Axel Boen Vera Goris Kristof Van Landeghem Rita Jacobs Lindger Boen Myriam Baeyens Koen Vaerten Jef Gys Arne Vergauwen Stan Scholiers Kris Huyck Jef Gys Marjan Nauwelaert Rob Mennes Philip Lemal Axel Boen Vera Goris Inez Van den Berge Stan Scholiers Arne Vergauwen Lindger Boen Stijn Van Hoofstat Wannes Van Havere Koen Vaerten Koen Van de Wouwer Rita Jacobs Kris Huyck Kristof Van Landeghem Myriam Baeyens Chantal Jacobs aantal voorstanders: 11 , aantal onthouders: 8 , aantal tegenstanders: 0 Goedgekeurd
Toerisme Scheldeland: aanstelling vertegenwoordiger voor de algemene vergadering - Goedkeuring. - Goedgekeurd
De gemeenteraad,
Gelet op artikel 41 van het Decreet Lokaal Bestuur, dat de gemeenteraad bevoegd maakt voor de aanduiding van vertegenwoordigers in intergemeentelijke samenwerkingsverbanden;
Gelet op het raadsbesluit d.d. 20.02.2025 houdende: "Aanstelling van vertegenwoordigers voor de (buitengewone) algemene vergaderingen van intercommunales en verenigingen legislatuur 2025-2030 - goedkeuring.", waarbij de vertegenwoordiger voor de algemene vergadering van Toerisme Scheldeland werd aangeduid;
Gelet op het raadsbesluit d.d. 23.04.2026 waarbij de gemeenteraad akte neemt van de stopzetting van het mandaat van raadslid Karen De Pauw, haar mandaat als raadslid stopzet;
Overwegende dat er een vervangende vertegenwoordiger dient te worden aangesteld voor de resterende duur van de legislatuur;
Gelet op de volgende kandidaturen: Myriam Baeyens, Marjan Nauwelaert, Kristof Van Landeghem
Gelet op de gehouden geheime stemming met volgende uitslag:
19 stembiljetten
1 ongeldige stem
Myriam Baeyens met 1 stem voor
Marjan Nauwelaert met 11 stemmen voor
Kristof Van Landghem met 6 stemmen voor
Beslist:
Met 11 stemmen voor (Philip Lemal, Rob Mennes, Axel Boen, Vera Goris, Stan Scholiers, Arne Vergauwen, Lindger Boen, Stijn Van Hoofstat, Jef Gys, Inez Van den Berge en Marjan Nauwelaert), 8 onthoudingen (Rita Jacobs, Koen Vaerten, Chantal Jacobs, Kris Huyck, Wannes Van Havere, Koen Van de Wouwer, Myriam Baeyens en Kristof Van Landeghem)
Artikel 1:
Mevrouw Marjan Nauwelaert wordt aangesteld als vertegenwoordiger van de gemeente Schelle in de algemene vergadering van Toerisme Scheldeland voor de resterende duur van de legislatuur 2025-2030.
Artikel 2:
Dit besluit wordt meegedeeld aan Toerisme Scheldeland.
Marjan Nauwelaert Philip Lemal Stijn Van Hoofstat Koen Van de Wouwer Rob Mennes Chantal Jacobs Wannes Van Havere Inez Van den Berge Axel Boen Vera Goris Kristof Van Landeghem Rita Jacobs Lindger Boen Myriam Baeyens Koen Vaerten Leen Wyn Jef Gys Arne Vergauwen Stan Scholiers Kris Huyck Marjan Nauwelaert Philip Lemal Stijn Van Hoofstat Koen Van de Wouwer Rob Mennes Chantal Jacobs Wannes Van Havere Inez Van den Berge Axel Boen Vera Goris Kristof Van Landeghem Rita Jacobs Lindger Boen Myriam Baeyens Koen Vaerten Jef Gys Arne Vergauwen Stan Scholiers Kris Huyck Inez Van den Berge Arne Vergauwen Marjan Nauwelaert Rob Mennes Philip Lemal Stijn Van Hoofstat Stan Scholiers Jef Gys Lindger Boen Axel Boen Vera Goris Myriam Baeyens Kris Huyck Koen Van de Wouwer Rita Jacobs Koen Vaerten Chantal Jacobs Wannes Van Havere Kristof Van Landeghem aantal voorstanders: 11 , aantal onthouders: 8 , aantal tegenstanders: 0 Goedgekeurd
Vervoerregio Antwerpen: aanduiding vertegenwoordiger - Goedkeuring. - Goedgekeurd
De gemeenteraad,
Gelet op artikel 41 van het Decreet Lokaal Bestuur, dat de gemeenteraad bevoegd maakt voor de aanduiding van vertegenwoordigers in intergemeentelijke samenwerkingsverbanden;
Gelet op het raadsbesluit d.d. 20.02.2025 houdende: "Vervoerregio Antwerpen: aanduiding van de vertegenwoordiger(s) legislatuur 2025-2030 - goedkeuring.", waarbij de vertegenwoordiger en plaatsvervanger voor de regioraad van Vervoerregio Antwerpen werden aangeduid;
Gelet op het raadsbesluit d.d. 23.04.2026 waarbij de gemeenteraad akte neemt van de stopzetting van het mandaat van raadslid Karen De Pauw, haar mandaat als raadslid stopzet;
Overwegende dat er een vervangende plaatsvervanger dient te worden aangesteld voor de resterende duur van de legislatuur;
Gelet op de volgende kandidaturen: Myriam Baeyens, Rita Jacobs, Marjan Nauwelaert
Gelet op de gehouden geheime stemming met volgende uitslag:
19 stembiljetten
1 ongeldig
Myriam Baeyens, 2 stemmen voor
Rita Jacobs, 5 stemmen voor
Marjan Nauwelaert, 11 stemmen voor
Beslist:
Met 11 stemmen voor (Philip Lemal, Rob Mennes, Axel Boen, Vera Goris, Stan Scholiers, Arne Vergauwen, Lindger Boen, Stijn Van Hoofstat, Jef Gys, Inez Van den Berge en Marjan Nauwelaert), 8 onthoudingen (Rita Jacobs, Koen Vaerten, Chantal Jacobs, Kris Huyck, Wannes Van Havere, Koen Van de Wouwer, Myriam Baeyens en Kristof Van Landeghem)
Artikel 1:
Mevrouw Marjan Nauwelaert wordt aangesteld als plaatsvervanger van de gemeente Schelle in de Regioraad van Vervoerregio Antwerpen voor de resterende duur van de legislatuur.
Artikel 2:
Dit besluit wordt meegedeeld aan Vervoerregio Antwerpen.
Marjan Nauwelaert Philip Lemal Stijn Van Hoofstat Koen Van de Wouwer Rob Mennes Chantal Jacobs Wannes Van Havere Inez Van den Berge Axel Boen Vera Goris Kristof Van Landeghem Rita Jacobs Lindger Boen Myriam Baeyens Koen Vaerten Leen Wyn Jef Gys Arne Vergauwen Stan Scholiers Kris Huyck Marjan Nauwelaert Philip Lemal Stijn Van Hoofstat Koen Van de Wouwer Rob Mennes Chantal Jacobs Wannes Van Havere Inez Van den Berge Axel Boen Vera Goris Kristof Van Landeghem Rita Jacobs Lindger Boen Myriam Baeyens Koen Vaerten Jef Gys Arne Vergauwen Stan Scholiers Kris Huyck Arne Vergauwen Inez Van den Berge Stan Scholiers Axel Boen Philip Lemal Jef Gys Rob Mennes Lindger Boen Vera Goris Stijn Van Hoofstat Marjan Nauwelaert Kristof Van Landeghem Rita Jacobs Myriam Baeyens Kris Huyck Koen Vaerten Wannes Van Havere Chantal Jacobs Koen Van de Wouwer aantal voorstanders: 11 , aantal onthouders: 8 , aantal tegenstanders: 0 Goedgekeurd
IGEAN dienstverlening: aanduiding vertegenwoordiger(s) voor de stuurgroep wonen - Goedkeuring. - Goedgekeurd
De gemeenteraad,
Gelet op artikel 41 van het Decreet Lokaal Bestuur, dat de gemeenteraad bevoegd maakt voor de aanduiding van vertegenwoordigers in intergemeentelijke samenwerkingsverbanden;
Gelet op het raadsbesluit d.d. 20.02.2025 houdende: "IGEAN dienstverlening: aanduiding van de vertegenwoordiger(s) voor de (buitengewone) algemene vergadering, adviescomité EnergieK huis en stuurgroep wonen legislatuur 2025-2030 - goedkeuring.", waarbij de vertegenwoordiger en plaatsvervanger voor de stuurgroep wonen van Igean dienstverlening werd aangeduid;
Gelet op het raadsbesluit d.d. 23.04.2026 waarbij de gemeenteraad akte neemt van de stopzetting van het mandaat van raadslid Karen De Pauw, haar mandaat als raadslid stopzet;
Overwegende dat er een vervangende plaatsvervanger dient te worden aangesteld voor de resterende duur van de legislatuur;
Gelet op de volgende kandidaturen: Myriam Baeyens, Kris Huyck, Marjan Nauwelaert
Gelet op de gehouden geheime stemming met volgende uitslag:
19 stembiljetten
Myriam Baeyens, 2 stemmen voor
Kris Huyck, 5 stemmen voor
Marjan Nauwelaert, 11 stemmen voor, 1 onthouding
Beslist:
Met 11 stemmen voor (Philip Lemal, Rob Mennes, Axel Boen, Vera Goris, Stan Scholiers, Arne Vergauwen, Lindger Boen, Stijn Van Hoofstat, Jef Gys, Inez Van den Berge en Marjan Nauwelaert), 8 onthoudingen (Rita Jacobs, Koen Vaerten, Chantal Jacobs, Kris Huyck, Wannes Van Havere, Koen Van de Wouwer, Myriam Baeyens en Kristof Van Landeghem)
Artikel 1:
Marjan Nauwelaert wordt aangesteld als plaatsvervanger van de gemeente Schelle voor de IGEAN dienstverlening stuurgroep wonen voor de resterende duur van de legislatuur 2025-2030.
Artikel 2:
Dit besluit wordt meegedeeld aan Igean dienstverlening.
Marjan Nauwelaert Philip Lemal Stijn Van Hoofstat Koen Van de Wouwer Rob Mennes Chantal Jacobs Wannes Van Havere Inez Van den Berge Axel Boen Vera Goris Kristof Van Landeghem Rita Jacobs Lindger Boen Myriam Baeyens Koen Vaerten Leen Wyn Jef Gys Arne Vergauwen Stan Scholiers Kris Huyck Marjan Nauwelaert Philip Lemal Stijn Van Hoofstat Koen Van de Wouwer Rob Mennes Chantal Jacobs Wannes Van Havere Inez Van den Berge Axel Boen Vera Goris Kristof Van Landeghem Rita Jacobs Lindger Boen Myriam Baeyens Koen Vaerten Jef Gys Arne Vergauwen Stan Scholiers Kris Huyck Jef Gys Marjan Nauwelaert Stijn Van Hoofstat Vera Goris Philip Lemal Lindger Boen Arne Vergauwen Stan Scholiers Axel Boen Inez Van den Berge Rob Mennes Kris Huyck Chantal Jacobs Koen Vaerten Koen Van de Wouwer Wannes Van Havere Kristof Van Landeghem Rita Jacobs Myriam Baeyens aantal voorstanders: 11 , aantal onthouders: 8 , aantal tegenstanders: 0 Goedgekeurd
Regionaal Landschap Rivierenland: aanduiding vertegenwoordiger(s) voor de (buitengewone) algemene vergadering - Goedkeuring. - Goedgekeurd
De gemeenteraad,
Gelet op artikel 41 van het Decreet Lokaal Bestuur, dat de gemeenteraad bevoegd maakt voor de aanduiding van vertegenwoordigers in intergemeentelijke samenwerkingsverbanden;
Gelet op het raadsbesluit d.d. 20.02.2025 houdende: "Regionaal Landschap Rivierenland: aanduiding van de vertegenwoordiger(s) voor de (buitengewone) algemene vergadering en de Raad van Bestuur legislatuur 2025-2030 - goedkeuring.", waarbij de vertegenwoordiger en plaatsvervanger voor de algemene vergadering van Regionaal Landschap Rivierenland werd aangeduid;
Gelet op het raadsbesluit d.d. 23.04.2026 waarbij de gemeenteraad akte neemt van de stopzetting van het mandaat van raadslid Karen De Pauw, haar mandaat als raadslid stopzet;
Overwegende dat er een vervangende plaatsvervanger dient te worden aangesteld voor de resterende duur van de legislatuur;
Gelet op de volgende kandidaturen: Myriam Baeyens, Chantal Jacobs, Marjan Nauwelaert
Gelet op de gehouden geheime stemming met volgende uitslag:
19 stemmen
Myriam Baeyens, 1 stem voor
Chantal Jacobs, 5 stemmen voor
Marjan Nauwelaert, 12 stemmen voor, 1 onthouding
Beslist:
Met 11 stemmen voor (Philip Lemal, Rob Mennes, Axel Boen, Vera Goris, Stan Scholiers, Arne Vergauwen, Lindger Boen, Stijn Van Hoofstat, Jef Gys, Inez Van den Berge en Marjan Nauwelaert), 8 onthoudingen (Rita Jacobs, Koen Vaerten, Chantal Jacobs, Kris Huyck, Wannes Van Havere, Koen Van de Wouwer, Myriam Baeyens en Kristof Van Landeghem)
Artikel 1:
Marjan Nauwelaert wordt aangesteld als plaatsvervanger van de gemeente Schelle in de algemene vergadering van Regionaal Landschap Rivierenland voor de resterende duur van de legislatuur 2025-2030.
Artikel 2:
Dit besluit wordt meegedeeld aan Regionaal Landschap Rivierenland.
Mondelinge vragen.
De mondelinge vragen worden beantwoord door de daartoe bevoegde personen.
Publicatie LBLOD
De applicatie "Meeting.burger" helpt lokale besturen bij het aanmaken, annoteren en publiceren van agenda's, besluiten en notulen volgens het principe van gelinkte open data.
Wanneer een publicatie wordt uitgevoerd, wordt er een expliciete "bundel" van het document opgeslagen. Op dat moment is het document inhoudelijk niet meer aanpasbaar door de gebruiker. Deze "bundel" bestaat uit:
De inhoud van de publicatie op het moment dat deze werd uitgevoerd.
Een unieke identificatie van de gebruiker die de actie heeft uitgevoerd.
De tijdstempel waarop de actie werd uitgevoerd.
Al deze gegevens staan op een aparte publicatie omgeving die beveiligd toegankelijk is voor een beperkt aantal personen.